In de aanloop naar de herdenking van de val van het communisme, in 1989, kalken Slowaken op straten door het hele land met stoepkrijt protestleuzen tegen hun regering. De ‘krijtgolf’ toont de onvrede over de pro-Russische koers van premier Fico, met name onder Slowaakse jongeren.
is correspondent Centraal- en Oost-Europa van de Volkskrant. Hij woont in Warschau.
De protestleuzen die in veelkleurig stoepkrijt op de Slowaakse straten verschijnen, ogen vrolijk. Maar de boodschap richting premier Robert Fico en zijn regering liegt er niet om: ‘Het is genoeg geweest, Fico’; ‘Fico is een Russische agent’; ‘Fico is een verrader’.
Het rommelt al langer in Slowakije. Er zijn regelmatig protesten tegen de populistische regering en de pro-Russische koers van Fico, die als een van de weinige Europese regeringsleiders nauwe banden met Poetin onderhoudt.
Nu is daar een originele protestvorm bij gekomen, die Slowaakse media beschrijven als de ‘stoepkrijtrevolutie’. Deze begon in Poprad, een stadje aan de voet van het Tatragebergte. Poprad is een notoire verzetshaard tegen de regering; er wordt vaak gedemonstreerd.
Premier Fico zou er een bezoek brengen aan een school om met leerlingen in gesprek te gaan over zijn buitenlandbeleid. Op steun van de 19-jarige Michal hoefde hij in elk geval niet te rekenen. De scholier en slam-dichter had op de stoep voor de ingang van de school geschreven: ‘Hoe smaakt Poetins lul?’. Fico zegde prompt zijn bezoek af – volgens zijn woordvoerders niet vanwege de tekst op de stoep.
Daarna escaleerde de discussie, onder meer doordat Fico’s kabinetschef scholier Michal vergeleek met Juraj C., de man die recentelijk werd veroordeeld voor het neerschieten van Fico in mei 2024. In reactie op die vergelijking begonnen Slowaakse jongeren Michal te imiteren – de scholier is inmiddels uitgegroeid tot boegbeeld van het krijtprotest. Daarmee was de stoepkrijtrevolte een feit, vooral bij scholen en universiteiten.
Het geweldloze protest lijkt ludiek, maar toont de diepe gespletenheid in de Slowaakse samenleving. Fico’s bezoeken aan Moskou afgelopen jaar leidden tot wekenlange protesten door het hele land.
Ook is er onvrede over de staat van de nationale economie. Ook de constante aanvallen op journalisten en de cultuursector lokken protesten uit. En datzelfde geldt voor een recente aanpassing van de Slowaakse grondwet die nu officieel maar twee geslachten erkent; die grondwetswijziging is onderdeel van een hetze van de regering-Fico tegen de lhbti-gemeenschap in Slowakije.
Naast de ‘stoepkrijtrevolutie’ vonden maandag ook klassieke demonstraties plaats. Op 17 november herdenken Tsjechië en Slowakije – die tot 1993 samen het land Tsjechoslowakije vormden – het begin van de Fluwelen Revolutie, de geweldloze omverwerping van het communisme.
In Tsjechië is deze herdenkingsdag een vrije dag, in Slowakije niet meer. De regering-Fico besloot de feestdag met ingang van dit jaar te schrappen, met als argument dat de maatregel de economische productiviteit van het land bevordert.
Het afschaffen van vrije dagen is nooit populair, maar dit regeringsbesluit schoot veel Slowaken om een andere reden in het verkeerde keelgat. Weinigen ontging de symboliek van de maatregel, uitgevoerd door een pro-Russische regering die uitgerekend de bijl zet in de feestdag waarop Slowaken hun onafhankelijkheid van Russische invloed vieren. Veel onderwijsinstellingen en bedrijven handhaven de vrije dag alsnog.
Eind vorige week ging Fico naar Poprad voor een herkansing met de studenten. Het liep uit op een scherpe confrontatie met in het zwart geklede scholieren die de zaal uitliepen nadat de premier had verkondigd Oekraïne niet te willen steunen. ‘Ga dan maar naar de oorlog’, blafte Fico de weglopende jongeren na. Daarnaast rinkelden scholieren met hun sleutelbossen, hét protestsymbool van de Fluwelen Revolutie. Ook die revolutie kwam op gang vanuit de studentenbeweging.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant