Home

Nieuwe deltavisie ziet zand, slib en getij als bondgenoten tegen stijgende zeespiegel: ‘Laat de natuur het werk doen’

Waterveiligheid Zeespiegelstijging is geen ramp, maar een kans, tenminste: als Nederland leert ‘meebewegen’. In een nieuw onderzoek, deze donderdag gepresenteerd op het Deltacongres, pleiten waterexperts voor een radicale aanpak. „We moeten de natuur niet beteugelen, maar juist benutten.”

Een kunstmatige zandbank voor de kust van Den Haag, in de vorm van een schiereiland.

Laat de natuur zelf Nederland beschermen tegen een stijgende zee. Geef zand en slib de kans de kuststrook te verbreden en de delta groter te maken. Laat de kust meegroeien met de zeespiegelstijging, die voorlopig nog wel te overzien is, maar op langere termijn, over anderhalve eeuw, vijf meter zou kunnen bedragen.

Ziedaar een nieuwe ‘denkrichting’ die deltacommissaris Co Verdaas en demissionair minister Robert Tieman (Infrastructuur en Waterstaat, BBB) hebben laten onderzoeken in het zogenoemde Kennisprogramma Zeespiegelstijging, dat deze donderdag is gepresenteerd op het jaarlijkse Deltacongres van watermanagers, dit keer in Breda. „Door te werken met de dynamiek van het getij en het slib te benutten, kunnen we onze delta letterlijk laten groeien”, laat Verdaas weten. „Dit helpt ons land veilig te houden en het mooie is dat ook de natuur hier profijt van heeft.”

Voor deze strategie van ‘meegroeien’ zou Nederland kunnen kiezen als de zeespiegelstijging voortschrijdt. Voor het zes jaar geleden ingestelde kennisprogramma waren al drie andere strategieën onderzocht. De eerste is ‘meebewegen’ met de gevolgen van de zeespiegelstijging. „Denk aan verhoogd of drijvend wonen, zouttolerante landbouw en verschuiving van investeringen naar hoog-Nederland”, vermeldt het rapport met alle denkrichtingen.

‘Beschermen’

De tweede mogelijke omgang is ‘beschermen’. Dan wordt het huidige waterbeheer voortgezet met dijkversterkingen, stormvloedkeringen, sluizen, stuwen, gemalen en pompen en „afsluitbare of altijd gesloten riviermondingen”.

De derde strategie heet ‘zeewaarts’. Die voorziet in de aanleg van een groot meer voor de kust van Zuidwest-Nederland. Dat wordt dan gebruikt „om hoge rivierafvoeren tijdelijk te bergen en verzilting te verminderen”, wordt gesteld in het rapport.

Daar is nu dus ‘meegroeien’ als strategie aan toegevoegd. Cruciaal hiervoor is onder meer het ‘invangen’ van het zand en slib, dat nu grotendeels langs de kust oostwaarts stroomt. „Door in te vangen op de overgang van zee naar land ontstaat langs de kust en in de zeearmen een breed ‘stootkussen’, wat de kustbescherming robuuster maakt. Dat verkleint de kans op een dijkdoorbraak, en een eventuele doorbraak heeft minder grote gevolgen.”

Nederlanders kunnen dankzij deze meegroei-strategie bovendien „veilig en welvarend” blijven wonen. En tegen vergelijkbare kosten als in de andere denkrichtingen, schrijven de experts in hun rapport. „Hiervoor is nodig Nederland weer in te richten als een meegroeiende delta door natuurlijke processen niet langer in te dammen en te beteugelen, maar de ruimte te geven om te floreren en zichzelf in stand te houden.”

De experts suggereren de delta „open” te maken door dammen en stormvloedkeringen zoals in de Oosterschelde, de Grevelingen en het Haringvliet te „verwijderen” of althans „natuurvriendelijk” te maken. Daardoor ontstaan „volledig open verbindingen” tussen de zee en zeearmen, zoals nu bij de Westerschelde, of meer „natuurlijke water- en sedimentdynamiek”. Langs de randen van deze zeearmen kunnen dan „meegroeilandschappen” ontstaan – bijvoorbeeld tussen dubbele dijken, waar slib blijft liggen – die beschermen tegen overstromingen.

Veilig

Met zulke landschappen werd volgens deltacommissaris Verdaas al „succesvol” geëxperimenteerd, zoals langs de Groningse kust. Ook kan worden gedacht aan nog meer fluctuaties in het peil van het IJsselmeer, of het sluiten van de Nieuwe Waterweg, het gebied van de Nieuwe en Oude Maas. Ook kan in dat gebied een ‘deltapolder’ worden aangelegd.

Heeft de nieuwe meegroei-strategie ook nadelen? Enerzijds wel, want ze vereist extra ruimte, méér dan de andere drie denkrichtingen. Anderzijds, stellen de waterexperts, is deze ruimte geschikt om de natuur, die in Nederland veelal in slechte staat verkeert, te versterken of „ademruimte” te verschaffen. Nieuwe kwelders en schorren in de Zeeuwse delta en Waddenzee hebben bovendien een gunstige en „directe impact” op het milieu. En ten slotte, stellen de experts, profiteren ook schelpdierkweek, recreatie en toerisme van meer natuur, „vooral als deze beleefbaar en toegankelijk wordt gemaakt”.

Minister Tieman is „blij” met de vierde denkrichting: „We maken nu bij de duinen al gebruik van dynamisch kustbeheer, waarbij zee en wind het zand aanvoeren en de duinen ophogen. Dit onderzoek laat zien dat we natuurlijke processen nog breder kunnen inzetten om onze delta veilig te houden.”

Het water van de Oosterschelde stroomt door de stormvloedkering naar de Noordzee.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Klimaat

De laatste ontwikkelingen rond klimaat natuur en duurzaamheid

Source: NRC

Previous

Next