Home

Een goede hommage in het theater gaat niet al te eerbiedig om met het bronmateriaal

schrijft voor de Volkskrant over cabaret, stand-upcomedy en musical.

‘Wil je even komen kijken naar de plattegrond die ik hier heb gemaakt van hoe de achtertuin van de zomer worden moet? / Aan de linkerkant had ik gedacht ruw doddengras te planten, en gewone commelina en welriekend ganzenvoet.’

Met deze regels begint Botanisch twistgesprek, een virtuoos cabaretlied uit 1964, waarin tientallen planten- en bloemennamen zijn verwerkt. Het lied werd uitgevoerd door Leen Jongewaard bij Cabaret Lurelei, maar de tekst is van Heinz Polzer, beter bekend als Drs. P.

Hulde voor de dichtkunst van de doctorandus, en hulde voor cabaretier Erik van Muiswinkel dat hij het nummer onder de aandacht brengt (én knap uit zijn hoofd heeft geleerd) in Drs. P the Party. Deze nieuwe voorstelling ging woensdagavond in première in het Amsterdamse Theater Bellevue. De bewondering van Van Muiswinkel voor ‘taaltovenaar’ Heinz Polzer (1919-2015) werkt aanstekelijk en het levert inderdaad een feestje op.

Van Muiswinkel maakte in 2019 ook al een hommage, Buigt allen mee voor Drs. P, waarin hij de bekende hits zoals Veerpont (Heen en Weer) en Knolraap en lof, schorseneren en prei bracht. In dit tweede programma laten Van Muiswinkel en muzikant Guus van Marwijk een reeks minder bekende nummers horen. Hierdoor worden we continu verrast. Hoogtepunt is het lied Een goed gesprek, waarin twee verkopers langs de deuren gaan en hun verkooppraatjes over tijdschriften en huidcrèmes dwars door elkaar heen zingen.

Elk seizoen bevat het theateraanbod wel een paar hommages aan culturele grootheden. Dit seizoen hebben we ook Elfie Tromp met haar ode aan Adèle Bloemendaal. In januari volgt nog Flip Noorman met zijn eerbetoon aan Shane MacGowan, de zanger en songschrijver van punkband The Pogues.

Het lijkt me erg prettig om zo’n voorstelling te maken. Je kunt aan de slag met beroemde liedjes en je trekt automatisch publiek door de grote naam op de poster. Maar er zijn ook valkuilen: hommagevoorstellingen kunnen snel nogal gezapig en braaf worden. Doordat er artiesten van vroeger worden geëerd, ligt oubolligheid op de loer. De truc is om niet te eerbiedig met het bronmateriaal om te springen: durf iets geks te doen met die bekende liedjes, waardoor er een ontmoeting ontstaat tussen kunst van vroeger en kunst van nu.

Daarom word ik er blij van dat Van Muiswinkel zo’n eigenzinnige greep in het Drs. P-oeuvre heeft gedaan, en dat hij in zijn zang niet kiest voor de imitatie, maar zijn eigen stemgeluid. Ook Elfie Tromp schoot raak met haar voorstelling Adèle, waarin er boeiende vergelijkingen worden gemaakt tussen het feminisme in de verschillende tijdvakken.

Toch is de mooiste en origineelste hommage van de afgelopen tijd afkomstig uit een heel andere discipline, de dans. In Brel brengt de Belgische choreograaf Anne Teresa De Keersmaeker een ode aan de liedkunst van haar landgenoot Jacques Brel. Niet door zijn chansons te zingen, maar door erop te dansen. De 65-jarige De Keersmaeker danst dit keer zelf, samen met de 24-jarige (uit de breakdance afkomstige) Solal Mariotte.

Het resultaat was afgelopen weekend bij Internationaal Theater Amsterdam een prachtig samengaan van muziek, belichting, video en twee dansers op een groot leeg toneel. Terwijl we Brel zich via de luidsprekers hoorden uitsloven in zijn razendsnelle La valse à mille temps, zagen we voor ons de twee dansers zwoegen in hun bewegingen. Hiermee brachten zij perfect over wat Brels muziek voor hen betekent.

Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Joris Henquet, Merlijn Kerkhof, Anna van Leeuwen of Herien Wensink stelling in de wereld van film, muziek, theater of beeldende kunst.

Source: Volkskrant columns

Previous

Next