Woensdag gaat De maagd van Orléans in première. De opera over Jeanne d’Arc, geschreven door Tsjaikovski, wordt maar zelden buiten Rusland uitgevoerd. Dat de Russische stersopraan Jelena Stichina de hoofdrol vertolkt, is nog een reden om de productie niet te missen.
schrijft voor de Volkskrant over opera.
Waarom moeten operafans naar De maagd van Orléans van De Nationale Opera?
Omdat deze zelden buiten Rusland wordt uitgevoerd. Pjotr Iljitsj Tsjaikovski schreef elf opera’s, waarvan slechts drie een plek in het internationale repertoire wisten te bemachtigen: Jevgeni Onjegin, Schoppenvrouw en in mindere mate Iolanta. Orleanskaja deva, over de Franse heldin Jeanne d’Arc, is zijn meest ambitieuze opera, groots opgezet met massale koorscènes en veldslagen.
Nog een reden om deze nieuwe productie niet te missen is de Russische stersopraan Jelena Stichina, die voor de titelrol tekent. Bij DNO zong ze al drie rollen in opera’s van Puccini. In Madama Butterfly werd ze beteugeld door de extreem gestileerde regie van Robert Wilson, maar ze schitterde in Suor Angelica en Tosca. Voor een zangeres is de kans om Jeanne d’Arc te vertolken ook vrij uniek, zeker omdat Russisch haar moedertaal is. Toen ze werd gevraagd, maakte Stichina meteen haar agenda vrij.
Hoe zat het ook alweer met Jeanne d’Arc?
Jeanne d’Arc, een boerendochter geboren in 1412, is de nationale heldin en beschermheilige van Frankrijk. Zij was een van de belangrijkste figuren in de Honderdjarige Oorlog, die werd ontketend toen de Engelse koning Edward III (1312-1377) aanspraak maakte op de Franse troon.
Als tienermeisje hoorde Jeanne stemmen van drie heiligen die haar aanspoorden om de dauphin, de Franse kroonprins, op te zoeken en hem te helpen de troon terug te veroveren. Ze zou Frankrijk van de Engelsen bevrijden, mits ze zich aan haar belofte hield om maagd te blijven. Volgens een voorspelling zou ooit een maagd in harnas Frankrijk redden.
Jeanne knipte haar haar kort en kleedde zich als man om veilig te kunnen reizen naar de dauphin en hem ervan te overtuigen dat ze de Franse troepen kon leiden. Haar bezielende leiding leverde een reeks overwinningen op, waaronder de bevrijding van de stad Orléans, en de dauphin werd tot koning Charles VII gekroond.
In 1430 werd Jeanne gevangengenomen door de Bourgondiërs, die haar aan de Engelsen, hun bondgenoten, verkochten. De Engelsen berechtten haar voor ketterij en hekserij en veroordeelden haar tot de brandstapel. Ze stierf toen ze ongeveer 19 jaar oud was. Na haar dood werd ze een nog grotere heldin dan ze in leven was. In 1920 werd ze door paus Benedictus XV heilig verklaard.
Jeanne d’Arc heeft talloze kunstenaars geïnspireerd. Tsjaikovski baseerde zijn opera op Friedrich Schillers toneelstuk De maagd van Orléans.
Hoe verhoudt zich Tsjaikovski’s Jeanne d’Arc tot de historische Jeanne?
In zijn toneelstuk wijkt Schiller behoorlijk af van de geschiedenis door Jeanne verliefd te laten worden op een vijandige soldaat. Ze komt in gewetensnood, want toegeven aan de aardse liefde betekent haar belofte breken en haar missie in gevaar brengen. Aan het einde ontsnapt ze uit de gevangenis. Voordat ze sterft bezorgt ze de Fransen nog een overwinning en hoort ze de stemmen zeggen dat ze haar vergeven.
Tsjaikovski, die zelf het libretto van zijn opera schreef, breidt het liefdesverhaal uit. Jeanne wordt op slag verliefd op de ridder Lionel als ze op het punt staat om hem te doden. Wanneer ze door iedereen wordt verstoten, is hij de enige die haar wil helpen, een mooie kans voor de componist om een liefdesduet toe te voegen. De echte Jeanne bleef standvastig haar roeping volgen. De opera-Jeanne wordt verscheurd tussen liefde en plicht.
Wat voor soort opera is het?
Het is een grand opéra, een genre dat rond 1830 populair werd in Parijs. Kenmerken van een grand opéra zijn een uitgebreide cast, een groot koor, spectaculaire scènes, een verplicht ballet en vaak een historisch onderwerp.
In 1881, het jaar van de première in Sint-Petersburg, was dit soort opera al uit de mode geraakt. Maar De maagd van Orléans viel in de smaak bij het premièrepubliek, dat bleef klappen voor Tsjaikovski.
De meeste critici waren minder goedgezind. Componist César Cui vond het ‘een zwak stuk van een fijne, begaafde musicus: middelmatig, eentonig, saai en lang’.
Wie hadden dan gelijk, de critici of het publiek?
Allebei. De maagd van Orléans is een onvolmaakt stuk. Tsjaikovski stelde een onhandig libretto samen uit stukjes Schiller en andere bronnen. De balletmuziek is onbetekenend, en dit van de componist van Het zwanenmeer en De notenkraker. Ook in de gevechtsscènes komt hij soms met niets beters dan zich herhalende ram- en kletterakkoorden. Daartegenover staan de meeslepende koorscènes en de intense aria’s van Jeanne, bijvoorbeeld als ze vaarwel zegt tegen haar geboortedorp.
Dirigent Valentin Oerjoepin heeft de balletmuziek eruit geknipt en hier en daar wat gesnoeid om het werk strakker te maken. En regisseur Dmitri Tsjerniakov zal wel raad weten met het libretto. Hij gaat altijd als een psycholoog te werk, soms letterlijk. Carmen van Bizet veranderde hij bijvoorbeeld in een therapeutische behandeling.
Het verhaal van Jeanne vertelt hij vanuit een rechtszaal waar haar proces wordt gehouden. ‘We zien haar daar, alleen, belaagd, al gebrandmerkt. De andere personages verschijnen als getuigenissen: vóór of tegen haar... Wat we zien, is haar innerlijke wereld: hoe iemand geestelijk en emotioneel breekt onder een ondraaglijke druk.’
De maagd van Orléans. Nationale Opera en Ballet, Amsterdam. Van 12/11 t/m 2/12.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant