Ze gooien zichzelf van de trap, vechten zich bont en blauw of laten zich in brand steken: voor deze stuntmannen en -vrouwen in opleiding is weinig te gek. Toch zijn ze geenszins roekeloos, ziet fotograaf Franck Renoir.
Door Eline Huisman
Fotografie Franck Renoir
Spoiler alert: de stunts die u hier ziet, zijn geen visual effect. In het pak dat in vuur en vlam staat, zit een mens van vlees en bloed. Een stuntman of -vrouw in opleiding, getraind in uiterste spiercontrole en stalen zenuwen.
Leg maar eens een hand plat op tafel, en til dan de handpalm op zonder de vingers los te laten komen. Dat is de ruimte die in het pak overblijft om te kunnen ademhalen. Langzaam! Niet meteen alle zuurstof opzuigen, er is niet veel van. En het is heet, gloeiend heet onder die lagen stof, onder de vlammen. Langzaam, de hartslag moet omlaag.
Twee leerling-stuntmannen doen ademhalingsoefeningen alvorens ze in brand worden gestoken. De oefeningen helpen om rustig te blijven, maar ook om te leren ademhalen als je weinig lucht krijgt.
Niemand gaat naar de stuntmannenschool in Parijs – officieel de Action Training Formation – zonder een milde adrenalineverslaving, weet fotograaf Franck Renoir. Alleen wie houdt van risico’s nemen zal er zijn vak van willen maken. Maar denk niet dat dit zomaar een genootschap van kamikazes is. Hoe groter het risico, hoe zwaarder de training.
Driemaal daags intensief sporten – wie zichzelf rollend van een betonnen trap gaat werpen, kan maar beter goed zijn opgewarmd. Ademhalingsoefeningen om de juiste gemoedstoestand te bereiken. Acteerlessen, en training in mimiek. ‘Als het gezicht een klap opvangt, doet de mond iets bizars’, vertelt Renoir. ‘Heel de huid trilt mee.’ Een geloofwaardige stuntman leert die bewegingen acteren.
Onderaan de trap was de fotograaf het diepst onder de indruk van de fysieke beproevingen die de studenten doorstaan. Moedwillig storten ze zich naar beneden. Met de bescherming van een harnas weliswaar, plus kniebeschermers en enkelstukken. ‘Maar het hoofd willen we kunnen zien. Dus juist dat blijft, net als de nek, onbeschermd.’ Het maakt van de val een uiterst technische exercitie.
Instructeur Dom Fred kijkt met cursisten de opnames terug van een oefening waarbij de aanstaande stuntmannen- en vrouwen elkaar met messen te lijf gingen.
Voor de aspirant-stuntmannen zelf is de ‘menselijke fakkel’ de heilige graal – dat pak in vuur en vlam. Het is de beproeving met de meeste afhakers. ‘Dit is van een totaal andere orde. Een psychologische test waarbij je alle innerlijke stress moet beheersen.’ De meeste stunts resulteren in blauwe plekken, maar de fakkel maakt studenten lijkbleek.
Voor de veiligheid is er een simpel systeem: ‘Eenmaal in het pak steekt men tien vingers op. Hoe beter het gaat, hoe meer vingers te zien zijn. Zes vingers zijn genoeg – bij minder gaat de bivakmuts af om opnieuw adem te halen.’
In de rubriek Pics werpt filmrecensent Floortje Smit haar blik op de hedendaagse beeldcultuur. Een Oscar voor stuntwerk? Ja, natuurlijk. Maar wie bekroon je daarmee?
Deze zomer zetten we elke week een favoriet verhaal opnieuw in de spotlights. Met deze week een verhaal van filmredacteur Bor Beekman.
Bijna een halve eeuw na de eerste stuntfilm uit de Mad Max-reeks van de Australische regisseur George Miller verschijnt nu Furiosa: A Mad Max Saga. Zal ook deze film weer net zo vernieuwend zijn op stuntgebied?
Source: Volkskrant