Jasper van Dijk | econoom Dat veel start-ups niet doorgroeien, komt niet per se door gebrek aan geld, maar misschien gewoon „omdat er weinig goede start-ups zijn”, zegt econoom Jasper van Dijk. Tot ongenoegen van de start-upwereld.
Een van de locaties in Eindhoven van de Dutch Design Week waarin werk en ideeën van ontwerpers en uitvinders centraal staan. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP
Terwijl vrijwel iedereen waarschuwt dat start-ups moeilijk kunnen doorgroeien door te weinig financiering – — van Techleap tot het ministerie van Economische Zaken, van het CDA en VVD tot PwC — zette econoom Jasper H. van Dijk van het Instituut voor Publieke Economie de boel op scherp. In het economenblad ESB schreef hij dat extra geld niet nodig is. Nederland heeft kapitaal genoeg, zegt hij daar, het probleem zit aan de andere kant: er zijn te weinig bedrijven die aantrekkelijk genoeg zijn om in te investeren.
Met die stelling stak hij de lont in het kruitvat. Meer dan honderd ondernemers, investeerders en beleidsmakers bestreden op LinkedIn dat er géén tekort aan durfkapitaal zou zijn in Nederland. Rinke Zonneveld, ceo van het publieke investeringsfonds Invest-NL, daagde hem zelfs uit voor een live online publiek debat, nadat hij erkende dat Van Dijk „een gevoelige snaar” had geraakt. Wat ook bleek uit de elf extra andere berichten die hij onder zijn eigen reactie had gezet. Anderen prezen Van Dijk juist: eindelijk iemand die durfde te zeggen dat meer geld het probleem misschien helemaal niet oplost.
Aan de telefoon blijkt Van Dijk goed te beseffen hoe gevoelig zijn standpunt ligt. Een paar keer vraagt hij of het artikel „wel genuanceerd wordt opgeschreven.” „Ik wil geen boze ondernemers achter me aan — dit onderwerp is echt een mijnenveld.”
Zijn analyse druist in tegen de politieke consensus. Mede op basis van eerdere rapporten maakte het kabinet-Schoof 900 miljoen euro extra vrij voor het publieke investeringsfonds Invest-NL, ging er 200 miljoen euro naar het European Tech Initiative om de financiering van groeibedrijven te verbeteren, en wordt er gewerkt aan een Nationale Investeringsbank, een publieke instelling die zelf in techbedrijven moet investeren. Vooral op dat laatste heeft Van Dijk kritiek. „Zo’n Nationale Investeringsbank is niet de oplossing”, zegt hij. „Dat belastinggeld kun je beter besteden.”
Die grote animo voor de investeringsbank en andere potjes is vooral gebaseerd op cijfers van 2024 van belangenoganisatie Techleap, zegt hij. Daaruit blijkt dat Nederland relatief weinig scale-ups heeft — bedrijven die meer dan 10 miljoen euro aan groeigeld hebben opgehaald. Maar dat is volgens Van Dijk geen bewijs dat er te weinig financiering is. „Die cijfers laten zien dat er weinig doorgroei is, maar niet waaróm. Je kunt het interpreteren als een kapitaaltekort, maar net zo goed als een tekort aan kansrijke bedrijven. Dat is het kip-en-ei-probleem: komt er weinig durfkapitaal omdat er weinig goede start-ups zijn, of zijn er weinig goede start-ups omdat er weinig durfkapitaal is?”
„Dat is een terechte vraag. Ik begrijp dat de kop, die overigens niet van mij was, wat stellig overkomt. Ik wilde zeggen dat ik op basis van de huidige gegevens geen overtuigend bewijs zie voor een structureel financieringstekort in Nederland. Dat is iets anders dan beweren dat het er niet is. Toch lijkt het mij aannemelijker dat het probleem aan de vraagkant zit: de verwachte rendementen hier zijn lager, onder meer omdat Nederland een kleine en gefragmenteerde markt heeft, en daar hoor ik bijna niemand over. Als dezelfde start-ups in de VS zouden staan, zouden ze in een veel grotere markt opereren en dus ook sneller kunnen groeien. Overheidsmiddelen kun je maar één keer uitgeven. En ik denk dat ze meer opleveren als ze worden gestoken in talent en het verbeteren van de kapitaalmarkt.”
„Ja, Techleap wijst daar ook op. Maar als je kijkt naar verkiezingsprogramma’s en Kamerbrieven, dan zie je dat de nadruk telkens ligt op meer geld. Terwijl de structurele barrières voor groei— talent, regelgeving, markttoegang — zelden centraal staan.”
Uit cijfers van start-up-dataplatform Dealroom blijkt dat investeerders in de VS per hoofd van de bevolking omgerekend 546 euro als durfkapitaal hebben belegd in 2024, tegen 193 euro in Nederland.
„Dat kán erop duiden, maar het hoeft niet. Kapitaal is internationaal, het stroomt naar waar het rendement het hoogst is. We zijn een klein land met open markten. Nederlands pensioengeld investeert óók over de grens.”
„Nee, niet per se.”
„Dat is een ander debat. Dat gaat niet meer over de vraag of er genoeg kapitaal is, maar over de herkomst ervan. Als we vinden dat strategische sectoren hier moeten blijven, is dat een legitieme reden voor overheidsingrijpen. Waar ik me tegen verzet is het idee dat we een investeringsbank nodig hebben omdat er ‘te weinig durfkapitaal’ zou zijn. Daarvoor is het bewijs gewoon dun. Waar ik de aandacht op wil vestigen is dat het goed kan dat een bedrijf op die kleine Nederlandse markt nooit levensvatbaar zal zijn.”
„Het klopt dat de situatie per sector verschilt. Maar de vraag is dan: waarom faalt de markt daar? Zijn er niet genoeg investeerders die dat risico willen nemen, of is het risico gewoon te hoog? In deeptech of biotech duurt het langer voordat investeerders rendement kunnen verwachten. De markt is daar dus terughoudender. Maar dat betekent niet automatisch dat er te weinig kapitaal is — het kan ook betekenen dat het risico simpelweg te groot is voor private partijen.
„Als de overheid vindt dat zulke bedrijven maatschappelijk belangrijk zijn, dan moet ze daar eerlijk over zijn en die risico’s bewust overnemen — met subsidie of onderzoeksgeld, maar waar ik heel erg op terug aan het duwen ben, is dat ze niet als een soort marktpartij mee moeten gaan doen.”
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Een overzicht van de verhalen die de economieredactie vandaag heeft gemaakt
Source: NRC