Monumentaal erfgoed, nieuwe meesters en hedendaags comfort komen samen in een Friese kapiteinswoning uit 1750, die anno 2025 is omgedoopt tot het Silhûs.
is journalist. Ze schrijft over design en duurzame spullen.
Wie?
Anne van der Zwaag (47), Mark van Rossem (56) en kinderen Tristan (18), Ronin (12) en Saga (6). Op bezoek zijn zus Krysten-Aukje van der Zwaag (37) met zoons Idris (4) en Uther (1).
Wat doen ze?
Zij is cultureel ondernemer, curator en oprichter van design- en kunstbeurzen Object Rotterdam en Big Art. Hij is online strateeg.
Waar?
Een rijksmonumentale, voormalige kapiteinswoning in het Friese Woudsend.
Waarom Woudsend?
‘Mijn vader Sybren heeft een grote familie in Friesland, van wel honderden familieden. Je komt ze overal tegen, het zijn nogal ondernemende types. Er is een familiecommissie en er worden familiedagen georganiseerd voor ruim tweehonderd man. Woudsend is een bijzonder dorp, gelegen tussen drie Friese meren in. Het is relatief klein, heel historisch en pittoresk, met nog twee werkende rijksmonumentale molens die koren malen en hout zagen. Het voelt als een soort openluchtmuseum, waar het wemelt van de watersport. Het gevoel van ‘mienskiep’ – gemeenschap – leeft hier heel erg. Dit woord voor onderlinge verbondenheid voert terug naar de strijd tegen het water en samen dijken bouwen. In die tijd waren het de schippers en de zeevaart die het dorp verbonden met de buitenwereld.’
Hoe bemachtig je een rijksmonument?
‘Toen we in de Randstad woonden, waren we vanwege de familie al veel in Friesland en Woudsend te vinden. Eerder kochten we twee historische huisjes. Omdat er lokaal, net zoals in heel Nederland, woningnood is, besloten we deze onderhands aan jonge dorpelingen te verkopen. Vervolgens konden we ons ontfermen over de kapiteinswoning, die al even te koop stond, want zoiets kost tijd en toewijding. Zo’n project is niet voor iedereen weggelegd. Toch leek het ons mooi om het rijksmonument in ere te houden. Het scheelt ook dat we de buurt en de lokale ondernemers al kennen en dat ik een woordje Fries spreek. Vanwege het schippersverleden doopten we het huis Silhûs, dat zeilhuis betekent. We wisten toen nog niet eens dat er vroeger een zeilmakerij aan de kapiteinswoning heeft vastgezeten. Dat hoorden we pas later van een buurtbewoner.’
Was het lastig, het restaureren van een monumentaal pand?
‘We hebben veel geluk gehad met de vorige eigenaar, die een stylinghuis had en veel antiek verzamelde. De historische elementen zijn door hem in ere hersteld en hij heeft de gehele benedenverdieping gerestaureerd, met deels ook vloerverwarming. Zo is de historische sfeer behouden, maar is het huis voorzien van modern comfort.
‘Hij legde uitgebreide documentatie aan over de historie van de kapiteinswoning, het nautische schilderwerk, de tegeltableaus en het houtsnijwerk. We mochten ook allerlei unieke objecten van hem overnemen die bij het huis horen, zoals een beschilderde houten scheepskist. Zelf verbouwden we de zolderverdieping tot loft en we vonden een fornuis van Smeg dat er authentiek uitziet maar wel elektrisch is, op de toekomst voorbereid. Op het eigen dak konden we geen zonnepanelen plaatsen, wel op het afdak van het schuurtje. De historische verfkleuren die we toepasten komen uit de monumentenwaaier van Boonstoppel. Die helpt je bij het kiezen van kleuren die corresponderen met de juiste periode.’
Controleert iemand of je de juiste kleuren hebt gekozen?
‘Ja dat gebeurt zeker, maar ik vind ook dat het bezit van een rijksmonument de verantwoordelijkheid met zich meebrengt om het erfgoed zo goed mogelijk te behouden. Daarom is het belangrijk om de woning open te stellen en te delen. De afgelopen Open Monumentendag in september was dan ook onze deadline om het huis weer te tonen aan publiek. Naast dat het ons eigen familiehuis is, stellen we het Silhus beschikbaar voor de verhuur en delen we het kosteloos met mensen die een vakantie verdienen maar hiervoor niet de middelen hebben.’
Is het spannend om een monumentaal pand vol kunst, design en historische elementen te verhuren?
‘Ik vertrouw erop dat mensen zorgvuldig omspringen met andermans spullen. Ja, het staat vol met persoonlijke dingen, maar dat maakt het ook eigen. De hedendaagse Nederlandse kunst en designobjecten die we hebben toegevoegd zie ik als modern ambacht, deze ontwerpers zijn de nieuwe meesters. We stemden ze af met de historische, handgemaakte elementen in het huis. Beide gemaakt om gezien en gedeeld te worden.’
‘Vanuit de traditionele opkamer met bedstee, haardkachel en antieke schaaktafel kijk je door de ramen naar de keuken. De keuken is de plek waar je het huis vanuit de steeg binnenkomt.’
‘Behalve drie slaapkamers heeft het huis twee bedsteden waarin je kunt slapen. Eén daarvan hebben we in originele staat gelaten, inclusief matras van stro. Daarin pas je alleen als je kleiner bent dan 1,80 meter.’
‘Op meerdere plekken in de kapiteinswoning zijn nautische schilderingen terug te vinden met zicht op het historische Woudsend.’
‘Niet alleen vormt de ‘Alles komt goed’-poster van grafisch ontwerpbureau 75B mijn levensmotto, ook vind ik ’m passen bij de kapiteinswoning en het bijbehorende onzekere leven op zee.’
‘Uitgestald in de houten kast staan historische objecten gecombineerd met hedendaagse kunst en Dutch design dat past bij de geschiedenis van het huis. Dat maakt het een soort rariteitenkabinet. Via de deur kom je in de nieuwe badkamer met regendouche. Zo kan je historisch overnachten met eigentijds comfort.’
‘De dekbedovertrek is een ontwerp van Mae Engelgeer dat ik van haar cadeau kreeg voor de geboorte van mijn dochter. De lamp van Studio Thier & van Daalen deed mij denken aan geplooide klederdracht en het houten nachtkastje van ontwerper Piet Hein Eek laat een historisch stilleven zien.’
‘Op de ouderwetse tegeltjes in het toilet staan talloze spreuken. Eén daarvan is: ‘It is mei sizzen net to dwaen’, Fries voor ‘Zeggen alleen is niet voldoende’. Aan de wand hangt een waaier van boomschors die mijn ouders meebrachten uit Samoa. Ook dat wereldse vind ik passen bij het scheepvaartverleden van het huis.’
‘We verbouwden de zolder tot een loft met twee slaapkamers aan weerszijden en een speelruimte in het midden.’
‘Boven het bed hangt wandlamp ‘The Party’ met een matrozenhoedje, een ontwerp van bevriende ontwerpers Kranen/Gille.’
‘Vanuit de steeg kijk je door het raam op de kaart van Afrika, waar ik met mijn ouders gewoond heb. Deze komt uit het Schoolplatenmuseum Deinum in Friesland. Het houten krukje is van Family W, een designmerk van de Friese broers Foppe en Friso Wiersma.’
‘Mijn beste vriendin Danielle Rink schilderde mijn zoon Ronin zoals hij is: vrolijk en serieus, blij maar ook gevoelig.’
‘De mintgroene stoel van ontwerper Ward Wijnant staat op poten van gedraaid staal. Deze moderne vorm van ambacht vind ik erg goed passen bij de krullen en gedraaide vormen in het eeuwenoude houtsnijwerk van het huis.’
‘Het 18de-eeuwse bord komt uit Makkum en is overgenomen van de vorige eigenaar. De spreuk luidt: ‘De liefde is zoet in het begin maar ’t end dat heeft wat meer der in’.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant