Toine Heijmans is rondreizend columnist van de Volkskrant. Daarnaast is hij romanschrijver.
Terug in Arnhemmistan voor een broodje falafel bij Mitano in de Steenstraat, en om te vragen hoe het staat met de islamisering. De vorige keer sprak het kabinet van een ‘demografisch probleem’, inmiddels permitteren politici zich steviger termen. ‘Remigratie’ is in opkomst, en zondag is in Amsterdam een protest dat immigratie als vanzelfsprekend koppelt aan onveiligheid.
Dus wat denken ze ervan, in Arnhemmistan?
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Ahmed Kurdi is druk, die moet z’n jongste naar een voetbalwedstrijd brengen, de telefoonwinkel bestieren, en dit is geen onderwerp voor snelle praatjes. Toch maar dan – we spraken elkaar anderhalf jaar geleden en hij was niet bang, maar merkte wel ‘verandering’. Die heeft doorgezet.
‘Ik woon hier 26 jaar, en steeds vaker moet ik bewijzen hoe Nederlands ik ben. Mensen zien geen verschil meer tussen mij en iemand die net aankomt. Ik was ook een vluchteling, maar nu ben ik een Arnhemmer; ik voel de pijn. Als jij mij niet toelaat, kan ik jou ook niet begrijpen, zo werkt het. Hier in de stad is het nog te doen, maar ik ben verhuisd naar een dorp en daar kijken ze me aan op een bepaalde manier – dat is afschuwelijk. Er zijn vast moslims met extreme gedachten, maar wat heb ik met islamisering te maken? Soms bespreek ik het met mijn vrienden, we werken allemaal hard, we doen honderd procent mee, moeten we ons haar blond verven?’
Onaangenaam thema, de mensen van de Steenstraat praten liever over de krappe woningmarkt of de belastingen (‘veel te veel’). Iedereen met wortels buiten Nederland, zegt Ahmed, moet zich ineens verantwoorden. De winkelier die dertig jaar geleden vluchtte uit Irak: ‘Ik kan wel begrijpen dat mensen boos zijn omdat ze geen huis krijgen, maar het mijne heb ik gewoon gekocht door hard te werken.’
Was het woord niet uit de mode, dan noemde je deze buurt multicultureel. Met een Turkse bakkerij naast een biologische supermarkt, en Bakkerista Graangeluk naast Ahmeds GSM Repair. Zo’n straat waar Geert Wilders graag over begint, en hij niet alleen. De leider van de SGP, Chris Stoffer: ‘Het lijkt wel een soort islamitische samenleving te worden.’ De leider van de BBB, Caroline van der Plas: ‘Ik denk dat vooral de islamisering heel veel mensen bezighoudt.’ Uit het JA21-verkiezingsprogramma: ‘De islamitische cultuur kent nu eenmaal schadelijke opvattingen over vrouwen, homoseksuelen en joden.’
Dat heeft dit kabinet dan toch maar bereikt, sinds het ‘je ziet dat ze voor een heel groot deel onze normen en waarden niet onderschrijven’ van Jurgen Nobel, staatssecretaris voor Integratie. Over moslims mag alles gezegd worden. Wat het veroorzaakt is van minder belang.
Achter het station is de oude moskee. Er staat nieuwbouw op stapel die stuitte op verzet (‘mosknee’), en net als andere gebedshuizen in het land kreeg ook deze een dreigbrief met bloedvlekken op de mat. ‘Het houdt maar niet op’, zei voorzitter Bahaddin Budak.
In de kantine, aan de leestafel naast het poolbiljart, tref ik vader en zoon Yildis. ‘Islamisering...’, zegt de zoon, ‘daar is echt geen sprake van. Het komt vast door de verkiezingen, eigenlijk zeggen ze: stem op mij want ik ben tegen moslims.’
Hij is 30 en werkt in een verzorgingshuis. ‘Mijn vrouw zet de tv uit als het erover gaat, die wil mensen als mevrouw Van der Plas niet meer zien. Zelf denk ik: altijd die vooroordelen, wanneer houdt het eens een beetje op.’ Ergens zag hij een spandoek hangen met ‘azc nee’ erop, en gek genoeg voelde hij zich aangesproken. ‘Als ik daar een supermarkt binnenkom, denken vast veel mensen dat ik een asielzoeker ben. Er wordt geen onderscheid gemaakt. Mijn buren vroegen: voel jij je Nederlander? Wat moet ik dan zeggen? Ik ben hier geboren, ik heb een Nederlands paspoort, ik ben in deze cultuur opgegroeid – natuurlijk hou ik van de Turkse cultuur, maar ik zal daar nooit kunnen wonen. Omdat ik Nederlander ben.’
Vader: ‘Ik ben een halve Nederlander, hij is een hele Nederlander.’
Zoon: ‘Kinderen van mijn vrienden spreken niet eens meer Turks.’
Vader: ‘Mensen zeggen: je moet Nederlands praten. Alsof we dat niet doen.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant columns