is bestuurskundige en filosoof.
Eindelijk een rapport over geestelijke nood! Vorige week liet de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving weten dat steeds meer Nederlanders lijden onder mentale klachten als depressie, zinloosheid en burn-out. Er worden eveneens oorzaken genoemd: instituties die het individualisme versterken, mensen die op elk vlak willen excelleren en het idee dat alles sneller dan wel efficiënter moet. Met als gevolg dat ons leven steeds nerveuzer wordt.
Zo scherp als de diagnose is, zo vaag zijn de aanbevelingen van dit rapport. Er zou meer aandacht voor verbinding, verscheidenheid en vertraging nodig zijn. Maar het wordt niet duidelijk wie daarvoor moet zorgen – het heet een taak voor ons allemaal. Ook suggereert de Raad dat we onwetend zijn omdat we deze situatie nog niet eerder hebben meegemaakt.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Dat laatste lijkt me hoogst onnozel want we weten behoorlijk veel. Alleen moet je dan wel verder het verleden induiken om na te gaan uit welke ontwikkelingen de huidige problemen voortkomen. Laat ik een voorzet doen.
In de jaren zestig voltrok zich een culturele revolutie die ons waardenpatroon veranderde. We gingen meer belang hechten aan individuele vrijheid, zelfontplooiing en authenticiteit. Dat stond aanvankelijk op gespannen voet met de economische orde, zodat velen zich tijdelijk van het kapitalisme afkeerden.
Maar vanaf de jaren tachtig wisten markten die verandering te absorberen waardoor de economische dynamiek sterk in het teken van individuele prestaties, keuzevrijheid en innovatie kwam te staan. Dat spoorde prima met de liberale denkbeelden die na het vallen van de Berlijnse Muur overal in het Westen dominant werden.
Die dominantie ging zo ver dat zelfs de actoren die ooit waren opgericht om tegenwicht te bieden aan de nadelen van marktwerking ermee instemden. Ook politieke stromingen als sociaaldemocratie en christendemocratie begonnen in de jaren negentig te geloven dat maatschappelijke problemen zich het beste via de markt lieten oplossen.
Bijgevolg vertoont ons politieke landschap een opmerkelijk patroon waarbij niet één, maar twee contrasten meespelen. Op sociaaleconomisch vlak is het nog altijd rechts tegenover links. Daarbij komt rechts voor de vrijheid van ondernemers op terwijl links dat streven uit naam van het algemeen belang wil inperken.
Maar daarnaast hebben we een sociaal-culturele as waarbij het om progressieve versus conservatieve Nederlanders gaat. De ene groep hecht aan de idealen die vanaf de jaren zestig opkwamen, de andere houdt liever aan meer traditionele waarden vast.
Inmiddels kent ons politieke leven twee brede stromingen. Sommige partijen zoals als D66, Partij van de Dieren, GroenLinks-PvdA of Volt combineren progressief denken op cultureel gebied met linkse voorkeuren op sociaaleconomisch vlak. Andere partijen zoals VVD, PVV, BBB, JA21 en Forum voor Democratie doen het tegendeel: ze combineren rechtse voorkeuren op economisch vlak met conservatieve neigingen op cultureel gebied.
Hoe schematisch deze tweedeling ook is, ze raakt de vraag waarom de mentale gezondheid in ons land verslechterde. Er deden zich vanaf de jaren negentig namelijk twee processen voor en beide maken dat Nederland veel nerveuzer werd. We hangen economisch graag de ondernemer uit: we jagen individuele belangen na, zijn druk met het verkopen van onszelf of ons product (is dat nog te scheiden?) en zien anderen als hinderpaal of concurrent. Ten tweede streven we op cultureel gebied voortdurend innovatie na: alles moet veranderen, oude patronen hebben afgedaan en normen uit het verleden heten beperkend.
Precies deze mix van liberaal kapitalisme en cultureel vooruitgangsdenken maakt dat we onophoudelijke verbeteringen nastreven. Zij het dat we dit vooral als individuen doen, terwijl de daarvoor beschikbare tijd steeds krapper wordt. Geen wonder dat grote delen van de bevolking uitgeput raken. Overigens is het einde van deze neerwaartse spiraal nog niet in zicht, want figuren als Elon Musk willen de genoemde mix alleen maar aanjagen.
Het doorbreken van deze ontwikkeling vereist dat er een nieuwe politieke combinatie zou ontstaan. Bijvoorbeeld een stroming die op economisch vlak het belang van de gemeenschap wil verdedigen terwijl ze cultureel bezien behoudend is. Dat zie ik nog niet zo snel gebeuren. Al was het maar omdat ‘links’ gelooft dat cultureel conservatisme een hobby is van ‘rechts’. Toch spreekt dat allerminst voor zich. De geschiedenis leert dat radicale vernieuwingen vaak van rechts kwamen, terwijl links juist traditionele waarden of verworven rechten verdedigde. Wat meer historisch besef zou dan ook geen kwaad kunnen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns