Golf Voor topgolfers geldt de tweejaarlijkse strijd tussen Europa en de VS als misschien wel het mooiste toernooi op de kalender. Het team dat uit speelt, is zwaar in het nadeel.
Ben Griffin van Team USA loopt een oefenronde op Bethpage State Park Golf Course ter voorbereiding op de Ryder Cup.
Kijk naar wat de Ryder Cup uniek maakt en het evenement lijkt een wonderlijk buitenbeentje in het golf. Het is een teamwedstrijd in een individuele sport. Een toernooi bovendien waarin een continent (Europa) het opneemt tegen een land (de VS). En, niet onbelangrijk in een sport waarin topspelers gewend zijn voor miljoenen aan prijzengeld te spelen, bij de Ryder Cup wordt gestreden om de eer.
Toch staan vanaf vrijdag, de start van het driedaagse evenement, een verwachte 60.000 fanatieke supporters langs de baan op Long Island, nabij New York. De complete wereldtop treedt aan: alle spelers uit de mondiale top-10 zijn geselecteerd. Zij spreken van een van de mooiste, zo niet dé mooiste wedstrijd van het jaar. „Als het lukt om deze Ryder Cup uitwedstrijd te winnen”, zei Rory McIlroy, de ster van het Europese team eerder deze maand op een persconferentie, „dan wordt 2025 het beste jaar uit mijn carrière.”
Dat McIlroy zo nadrukkelijk benoemt dat het gaat om een uitwedstrijd, is niet toevallig. Die blijken namelijk buitengewoon lastig te winnen. „Er is een reden waarom elke Ryder Cup in de afgelopen tien jaar naar het thuisteam is gegaan”, zei McIlroy in Ierland op een persconferentie. „Het thuisteam heeft een enorm voordeel, van de opzet van de golfbaan tot de partijdigheid van het publiek.”
De Ryder Cup wordt sinds 1927 om het jaar gespeeld. De eerste decennia was het nog Amerika tegen het Verenigd Koninkrijk en Ierland, een tamelijk eenzijdige affaire want het Amerikaanse team won 20 van de eerste 25 edities. De Cup werd in 1979 nieuw leven ingeblazen door er een Europees team van te maken, waarna vooral de vechtlust van het Spaanse genie Seve Ballesteros voor de ommekeer zorgde. Sindsdien zijn de cijfers beter: van de laatste 22 edities won Europa er twaalf en de Verenigde Staten negen. In 1989 werd er (in Engeland) gelijk gespeeld.
De afgelopen decennia slaagden de bezoekers er slechts zes keer in om de thuisploeg te verslaan: vier keer won Europa op vreemde bodem, voor het laatst in 2012, en twee keer de Amerikanen, voor het laatst in 1993.
„Natuurlijk speelt het publiek een rol”, zegt Joost Luiten, de beste Nederlandse golfer aller tijden met zes toernooizeges op de Europese Tour. Luiten speelt al sinds zijn dertiende regelmatig op dezelfde toernooien als McIlroy en heeft in 2019 het PGA Championship (één van de vier ‘majors’ in golf) gespeeld op Bethpage Black, de baan waar nu de Ryder Cup wordt gespeeld.
„Het publiek uit New York is berucht om zijn fanatisme, tot op de grens wat nog sportief is”, vertelt Luiten vanuit de auto op weg naar een toernooi in Parijs. „Golf is een mentaal spelletje. Topspelers kunnen zich heel goed afsluiten voor alles wat er om hen heen gebeurt. Maar omdat de Ryder Cup een teamwedstrijd is, ontstaat op de golfbaan hetzelfde gevoel en dezelfde sfeer als in een voetbalstadion”.
Rory McIlroy won met het Europese team de laatste editie van de Ryder Cup in Rome. Foto Richard Heathcote / Getty Images
De tweede factor is minder zichtbaar, maar kan de doorslag geven. De captain van de thuisspelende ploeg mag de ‘set-up’ van de baan bepalen – wat net zoveel invloed kan hebben als bij de Davis Cup, waar de thuisploeg mag bepalen of er op gravel of hardcourt wordt getennist.
Twee belangrijke variabelen zijn de breedte van de fairway en de hoogte van de rough. De fairway is het kort gemaaide gras waar de spelers hun drive van bijna 300 meter laten landen. En de ‘rough’ is het gebied met lang gras waar de bal terecht komt als die een paar graden naar links of rechts afzwaait. Vanaf de fairway heeft een golfer meer controle voor zijn volgende slag naar de hole. Vanuit de rough is de kans op een misser veel groter, omdat er gras tussen het clubblad en de bal zit. Hoe hoger de rough en hoe taaier het gras, hoe moeilijker de slag.
„De afgelopen vijftien jaar is er heel veel data beschikbaar gekomen in golf, we weten nu veel meer van de spelers, er is heel veel statistiek’’, zegt Luiten. Het Europese team had daar de afgelopen edities misschien wel een voorsprong, vooral door de inbreng van de Italiaanse speler Edoardo Molinari, een datafreak en een van de vice-captains van het Europese team. Juist omdat de krachtsverschillen tussen de teams niet zo groot zijn, kunnen kleine voordeeltjes beslissend worden.
Luiten geeft een concreet voorbeeld: de meeste Amerikaanse teams van de afgelopen jaren telden meer longhitters, ze sloegen hun drive gemiddeld verder dan de Europese teams. „Stel dat de Europeanen hun drive 300 yards [274 meter] slaan en de Amerikanen 310 yards, dan maakt Europa de fairway breed tot 300 yards, en daarna smaller. In Amerika gaat het precies andersom.”
Volgens Luiten wordt er ook gevarieerd met de lengte van het gras in de rough. Korter is beter voor spelers die ver slaan maar iets minder nauwkeurig, de ‘straf’ voor het missen van de fairway is immers minder hoog. Precisie boven lengte beloon je juist met hoger gras op de rough.
Was de rough op die manier aangepast bij de laatste twee Europese thuiswedstrijden in Parijs en Rome? „Ja”, zegt Luiten. „Die rough was extreem hoog.”
Iets vergelijkbaars was zichtbaar bij de Solheim Cup, de vrouwelijke variant van de Ryder Cup. De vrouwen van Europa en de VS spelen volgend jaar september hun wedstrijd in Nederland, op Bernardus bij Den Bosch. Vorig jaar werd er gespeeld in Virginia. „De rough was heel kort, in het voordeel van de Amerikaanse speelsters’’, vertelt Abe Jan ter Beek die bij de Nederlandse golffederatie de competitie organiseert en in Virginia was gaan kijken.
Een andere knop waar de Amerikaanse captain dit keer aan kan draaien is de snelheid van de greens. „De Amerikanen zijn net iets meer gewend aan heel snelle greens”, zegt Luiten. „In Europa hebben we ander gras, ander weer en andere temperaturen. Het is een minimaal verschil, omdat alle Europese spelers vrijwel het hele jaar in Amerika spelen, maar het kan net iets uitmaken.”
Toch is Luiten optimistisch over de kansen van het Europese team. Bethpage Black is volgens hem „een monster van een baan”, moeilijk en met lange holes. Dat had een voordeel voor de Amerikanen kunnen zijn, maar uitgerekend dit jaar hebben drie debutanten zich gekwalificeerd voor het Amerikaanse team die juist niet bekend staan als longhitters.
De data van de Amerikaanse PGA Tour laat zien dat de twaalf Amerikaanse spelers gemiddeld een drive van 305 yards slaan, de Europeanen één yard verder. De Amerikaanse coach zal dit keer dus iets anders moeten vinden om zijn team een voordeel te bezorgen.
Het Europese team telt de spelers die je verwacht. Alle grote namen die twee jaar geleden overtuigend wonnen in Rome doen weer mee. De enige debutant bij Europa is Rasmus Hojgaard, die de vervanger is van zijn tweelingbroer Nicolai. Bovendien is McIlroy „in bloedvorm”, zegt Luiten. Op vrijdag en zaterdag komen op beide dagen acht duo’s in de baan, voor in totaal 16 punten. Op zondag spelen de 12 spelers individueel tegen elkaar, voor 12 punten. De uiteindelijke winnaar moet 14,5 van de 28 punten halen.
Van die nieuwelingen in het Amerikaanse team „hoef je niet bang te worden”, vindt Luiten. „En een paar belangrijke Amerikaanse spelers zijn niet in vorm, zoals Justin Thomas en Collin Morikawa.”
De enige Amerikaan die duidelijk wel in vorm is, is Scottie Scheffler, al ruim drie jaar de nummer één van de wereld. Twee jaar geleden, in Rome, was op de zaterdag uitgebreid te zien hoe Scheffler na een 9-7 nederlaag in de dubbels in tranen uitbarstte. De statistieken zeggen dat hij komend weekeinde een uitstekende kans heeft om revanche te nemen.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC