Strip van de maand Er zijn alleen gewone mensen in ‘De meteoren’. Ze maken zich geen illusies als hun gemeenschap wordt bedreigd, maar er zijn sprankjes hoop. Dat gebeurt zo eerlijk dat de lezer vurig wenst dat het goed komt.
Pagina uit de strip ‘De meteoren’.
Jean-Christophe Deveney & Tommy Redolfi: De meteoren – verhalen over mensen die slechts voorbijgaan. Concerto Books. 312 pagina’s hardcover. € 34,99.
‘De meteoren’ is een heel slimme strip. Jean-Christophe Deveney (scenario) en Tommy Redolfi (tekeningen) hebben een kunstige compositie opgetuigd van fragmenten en voorbijgangers. Het is stemmig door het kleurgebruik en doet filmisch aan door de constante actie van personages, want hoewel de gebeurtenissen zich rustig ontwikkelen, is er altijd beweging. Daarin schuilt het pientere: het verhaal zelf heeft niet veel om het lijf. Iedereen is druk met werk, altijd onderweg en benieuwd wat de toekomst brengt. De figuren – en dat zijn er veel – ondergaan de dagelijkse gang, en laten zich daarbij van hun kwetsbare kant zien. Hun gelatenheid en twijfels worden voluit in beeld gebracht; de hele strip staat in dat teken.
Het verhaal begint zomaar ergens, op een koude winterochtend bij een bushalte. Twee onbekenden, in het donker, een beetje onheilspellend. Tot ze met elkaar in gesprek raken en blijkt dat het gewone mensen zijn die naar hun werk gaan. Exemplarisch, want geen van de geportretteerde mensen is bijzonder, we volgen iedereen net genoeg om geïnteresseerd te blijven in hun handel en wandel. We springen door het stadje door steeds van locatie te veranderen: situaties komen en gaan en hebben weinig onderlinge samenhang. Men weet weinig van de ander, maar is toch tot elkaar veroordeeld. De eenzaamheid is voelbaar en daar waar mensen samenkomen gebeurt het vaak onbeholpen of geforceerd. Mensen klinken aardig, maar het wordt zelden gevoeld.
Wat ook bijdraagt aan het zwaarmoedige gevoel zijn de grijze en zwarte achtergronden. Er is weinig aandacht voor detail. De plek is zo’n opgegeven Amerikaans stadje met een enkele doorgaande weg zonder begin en einde; een beeld dat perfect past bij hoe het verhaal is opgebouwd. En dan is er nog de dreiging van een meteoor zoals in Don’t Look Up, de film van Adam McKay uit 2021 met Leonardo DiCaprio en Meryl Streep. Maar waar in de film het onheil tot paniek en frustratie leidde, is het hier hooguit iets vervelends. Want ja, het zal toch wel enig effect hebben op onze gemeenschap, zoals het dan klinkt. Geen heldhaftigheid, maar berusting: sommige dingen zijn nu eenmaal te groot voor ons. De oplossing die ze uiteindelijk bedenken is schattig.
Pagina uit de strip ‘De meteoren’.
Dit zou plat kunnen vallen, als een gekunsteld en ongeloofwaardig verhaal, maar dat gebeurt niet. Omdat alle gebeurtenissen heel intiem worden verteld, wil de lezer dat het goed komt met de mensen. We hopen op perspectief voor het stadje, en in die wens zit de kracht van het boek verstopt: steeds zijn er kleine lichtpuntjes, iets van vertrouwen, het idee van een fijnere toekomst. Terloopse opmerkingen, een vriendelijke blik, een hand op de schouder: al die kleine handelingen blijken ineens van onschatbare waarde. En dan snap je de donkerte van de pagina beter. Het lichte zit in de mens.
Misschien zijn we geneigd te denken dat de meeste problemen alleen in het groot kunnen worden opgelost, of niet. Maar wie het klein houdt, ziet dat er veel mogelijk is. We moeten allemaal ons steentje bijdragen, vooral waar het onze directe omgeving betreft. De bejaarde Maggie verwoordt dat het beste als ze vertelt dat ze graag boeken leest „die lijken op het echte leven: in het echte leven zijn er geen hoofdpersonen of bijfiguren. We hebben allemaal onze rol te spelen. Iedereen is belangrijk.” Dat is het slimme van deze strip: dat we er met elkaar het beste van hopen.
Woestijngoud is in één woord wat deze strip is: een stoere boef komt uit de bajes en wil zijn tas met geld opgraven die hij ooit onder de grond heeft gestopt. Samen met zijn baby gaat hij op pad, maar eenmaal op de plek vinden ze niks. Zij boos, hij gefrustreerd. Beiden blijven in de buurt, want er klopt iets niet: wat volgt is een moderne sfeervolle gangsterwestern, lekker vet aangezet in woord en gebaar, met schietpartijen, ontvoeringen en veel zogenaamde vrienden. Een beproefd recept, en toch altijd goed voor een dikke 8.
Le Lombard. 112 pagina’s hardcover. € 23,99
Een gepensioneerde schooljuf gaat de strijd aan tegen de corruptie, in Rusland nog wel. Klinkt als een grap, maar de fascinerende thriller Een eiland in de Wolga is alles behalve dat: omdat het plaatsvindt in een kleine gemeenschap waar men elkaar kent, is de situatie al gauw onhoudbaar. Stripmaker Lépingle heeft zijn personages knap ontdaan van de clichés die het genre zo eigen zijn. Een zegen: zo wordt het verhaal van honderd pagina’s ineens een effectieve pageturner waarin niets is wat het lijkt. De zachte, bijna pastelachtige herfstkleuren dragen bij aan de raadselachtigheid.
Lauwert Uitgeverij. 104 pagina’s hardcover. € 24,95
Kinderboekenillustrator Inge Bogaerts vertaalt het hilarische verhaal van het Oinkbeest, van het legendarische duo Elly & Rikkert, in een perfecte stripversie. Bogaerts verpakt de belevenissen van elfje Zelfje, de Gompies en alle andere bosbewoners in een vloeiende kijkstrip die ook heel goed voor te lezen is. Knap hoe het oorspronkelijke luistersprookje (‘En we roken een pijpje en worden heerlijk kriegelig’) niets aan verhalende kracht inboet: Bogaerts weet de spanning mooi te doseren, bijvoorbeeld door slim te spelen met het omslaan van de bladzijden. Even leuk voor kinderen als voor de opa’s en oma’s die vroeger de langspeelplaat van het Oinkbeest hebben grijsgedraaid.
Oogachtend. 80 pagina’s hardcover. € 29,00
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC