Home

Nieuwe coach, nieuwe namen in de boot: Nederlandse roeiers lijken in weinig meer op het succesteam van Parijs

Roeien Na het ongekende succes in Parijs, is de Nederlandse roeiploeg weer in opbouw. Veel grote namen stopten, zowel staf als roeiers. Met tien nieuwkomers beginnen deze donderdag de finales van de WK in Shanghai.

Tinka Offereins, Ymkje Clevering, Hermijntje Drenth en Nika Vos tijdens de vrouwen vier-zonder op de tweede dag van de WK Roeien in Shanghai

Na de Zomerpelen van vorig jaar debuteerde roeier Ymkje Clevering (30) in een andere sport. Bij het NK Tijdrijden werd ze afgelopen juni zomaar zesde. Clevering, die in Parijs goud won in de twee-zonder, had zich er drie weken op voorbereid. „Het leek me leuk. En het lukte me altijd wel om hard te fietsen op vlakke stukken” zegt ze. „Een geslaagd avontuur” voor in een post-olympisch jaar.

Deze week zit Clevering gewoon weer in de boot, bij de WK Roeien in Shanghai, waar deze donderdag de eerste finales beginnen. Nu niet in de twee-zonder – haar vaste partner Veronique Meester zette het roeien op een laag pitje omdat ze co-schappen loopt – maar in de vier-zonder, de acht én de nieuwe gemengde acht, met vier mannen en vier vrouwen.

Het is een van de vele veranderingen in de roeiploeg, die met acht medailles (vier goud, drie zilver, één brons) uitzonderlijk succesvol was bij de Zomerspelen. Bijna niemand zit in China nog op dezelfde plek als in Parijs. Sommige roeiers gingen over van scullen (twee riemen) naar boordroeien (één riem), zoals Lennart van Lierop. Of andersom, zoals Benthe Boonstra. Daarbij heeft de ploeg van 35 sporters twaalf WK-debutanten. Verschillende succesvolle roeiers als Laila Youssifou, Marloes Oldenburg, Tone Wieten en Koen Metsemakers stopten na de Spelen.

Even wennen

Het is even wennen om weer in een andere boot te zitten, zegt Clevering. Veranderingen horen bij het toproeien: de groep wordt geregeld opgeschud op zoek naar de ideale, meest kansrijke bootsamenstellingen. Maar Clevering roeide richting ‘Parijs’ drie jaar samen met Meester. Met toenemend succes: bij aanvang van de Spelen waren ze inmiddels de torenhoge favoriet.

Nu begint Clevering weer „from scratch.” Het is een periode van „freestylen, uitvogelen, wat dingen testen.” Deze WK is een van de eerste grote meetmomenten. „We kijken waar we staan en gaan gewoon lekker racen met z’n allen.”

Niet alleen de Nederlandse roeiploeg is flink veranderd sinds vorig jaar, dat geldt ook voor de staf van roeibond KNRB. Meest in het oog springend is het vertrek van de twee sleutelfiguren van het Nederlandse succes in Parijs: hoofdcoach Eelco Meenhorst en inspanningsfysioloog Jabik Jan Bastiaans. Samen stonden zij aan het roer van een nieuw roeiprogramma dat erg succesvol is gebleken. Eerst bij enkele mannenboten, waaronder de dubbelvier die ook in Tokio (2021) al goud won, als eerste mannenboot sinds de Holland acht in Atlanta (1996). Daarna voor de ploeg als geheel.

Meenhorst liet aan NRC vorig jaar al doorschemeren dat hij na de Spelen mogelijk op zoek zou gaan naar een nieuwe baan: „Als het eenmaal loopt, dan word ik wel nieuwsgierig: waar ligt nu mijn uitdaging?”, zei hij toen. In november maakte hij zijn vertrek bekend. Enkele maanden later volgde ook Bastiaans.

De opvolger van Meenhorst is Arnoud Hummel. Hummel is voormalig hoofdcoach van het Watersportverbond, dat in Parijs onder meer succes had met goud voor zeilsters Marit Bouwmeester en duo Annette Duetz en Odile van Aanholt. Zo staat er dus een buitenstaander aan het roer bij de KNRB.

Hummel: „Ik krijg wel de vraag hoe het kan dat ik als niet-roeier deze rol krijg. Maar mijn toegevoegde waarde bij het Watersportverbond was ook niet mijn zeilexpertise. De sporters kunnen echt harder zeilen dan ik, net als de coaches. Het gaat mij erom: hoe zorgen we ervoor dat het team zoveel mogelijk bereikt?”

Mensen teleurstellen

Hummel zegt dat hij als hoofdcoach meer met sporters en staf in gesprek wil gaan. „De resultaten waren ongelofelijk goed. Ik merk wel dat het niet echt de cultuur was om iedereen breed te betrekken bij beslissingen die genomen werden.” Dat wil niet zeggen dat roeiers vanaf nu zelf kunnen kiezen in welke boot ze belanden, zegt Hummel. „Regelmatig zullen we mensen toch teleurstellen, maar als het goed is, gebeurt dat niet zonder dat we ze gehoord hebben. Ik vind ook dat wij als staf, coaches, fysiologen een goed verhaal moeten hebben over waarom we keuzes maken.”

Sportief gezien staat het programma van Meenhorst en Bastiaans – in grote lijnen gebouwd op lange, matig intensieve trainingen, afgewisseld met hoogintensieve onderlinge races – nog helemaal overeind. „Ik denk wel dat we nog meer stappen kunnen zetten met de grote hoeveelheid data die we hebben”, zegt Hummel. „Je kunt eindeloos veel meten, maar wat we daarmee doen, zit nog in een beginstadium.”

In China is het intussen nog niet de doelstelling om zoveel mogelijk goud te winnen. Hummel: „We willen met de ploeg die we nu hebben eerst zo hard mogelijk groeien. Iedereen op podiumniveau krijgen. Dat goud komt later wel. We kunnen echt wel uitleggen dat we niet op het niveau van Parijs zitten. Maar er zit wel veel potentieel in de ploeg. Het is spectaculair wat onze instromers hebben laten zien.”

Allemaal eindigden ze bij de EK in Bulgarije op het podium, afgelopen voorjaar. Nederland werd met zeven medailles vierde in het medailleklassement.

Clevering, die nu ook ruim twintig uur per week werkt in de duurzaamheidssector, ervaart deze periode als „blurrier” dan vorig jaar. Zo traint ze nu dus voor de vier-zonder en de acht (bij de Spelen in Parijs deed er geen Nederlandse vrouwen-acht mee). Nu moet ze de ‘harde trainingen’, waarin boten onderling racen, verdelen over twee disciplines.

Zou ze, als Meester straks haar co-schappen heeft afgerond, niet weer terug willen naar de twee-zonder? „Haha, nou, dat lijkt ons wel heel leuk.” Lekker „knallen” op de Bosbaan in Amsterdam, waar volgend jaar de WK is. „En daarna zien we wel weer verder.”

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next