Home

Met de tandartsstudent aan huis houdt ook de kwetsbare oudere een gezond gebit

Mondzorg Masterstudenten tandheelkunde gaan met een bakfiets langs ouderen die door fysieke of mentale beperkingen niet meer naar de tandarts kunnen: „Kunt u uw mond open doen? Kijk, ja, super!”

Bernie IJdis (80) uit Amsterdam krijgt thuis bezoek van tandheelkundestudenten, die zijn gebit controleren. Links, met blauwe pantoffels: Simon Ursia (54), vriend en mantelzorger. Foto Simon Lenskens

De twee jonge vrouwen hebben hun witte jas aangetrokken en de patiënt (80) ligt klaar. Hij ligt in een fauteuil want een tandartsstoel is hier niet. Er is ook geen afzuigsysteem, geen kraantje, geen spuugbak. De ene vrouw schuift bij de andere een hoofdlamp op het voorhoofd want een tandartslamp ontbreekt ook. „Ik lijk wel een mijnwerker”, lacht ze.

Estelle Kruse (23) en Joëlle Loekabino (23) zijn tweedejaarsmasterstudenten verbonden aan het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). Ingebakken in het curriculum sinds dit studiejaar zit een thuisbezoek aan Amsterdamse en Amstelveense ouderen die vanwege lichamelijke of mentale kwetsbaarheid niet of nauwelijks in staat zijn zelf naar de tandarts te gaan, een initiatief opgezet door de in Amstelveen gevestigde tandarts Claar Wierink (45). Zij specialiseerde zich in mondzorg voor kwetsbare ouderen en werd door ACTA gevraagd onderwijs te ontwikkelen over die tak van sport.

Zeventig ouderen zullen dit jaar worden bezocht, telkens door een studentenduo. Ze komen per fiets en de grote box voorop vervoert hun tandspiegels, sondes, handschoenen, spatbrillen, polijstpasta en andere attributen. Een boor zit er niet bij: ze voeren geen behandelingen uit maar geven advies over mondverzorging en lopen de mond na op gaatjes, plaque en tandvleesontsteking. Claar Wierink gaat soms mee op huisbezoek om de studenten op weg te helpen. Zo ook vandaag.

Studenten Joëlle Loekabino (links) en Estelle Kruse komen aan per fiets en de grote box voorop vervoert hun tandspiegels, sondes, handschoenen, spatbrillen, polijstpasta en andere attributen.Foto Simon Lenskens

Paarse pantoffels

Bernie IJdis, zo heet de eerste thuispatiënt van Estelle en Joëlle. Met paarse pantoffels ligt hij languit in zijn grijze stoel. Hij is voormalig filmregisseur en heeft alzheimer. Met zijn vrouw, filmproducent Ilse Hughan (71), woont hij in dit huis aan de gracht. Familievriend Simon Ursia (54) is er ook. Hij verleent veel mantelzorg en logeert elke week een paar dagen op het adres. Zijn pantoffels zijn blauw.

Bernie staart voor zich uit en zwijgt. Als Estelle vraagt of ze alvast een servetje op zijn borst mag neerleggen, zegt hij met hese stem „ja” en daarna zwijgt hij door. Soms maakt hij oogcontact en verschijnt er een brede lach op zijn gezicht die vervolgens een tijdje blijft hangen.

De studenten hebben hun spullen uitgestald op tafel en ontdekken – „nee toch!” – dat de mondkapjes ontbreken. „Dat is wel een probleem ja”, zegt Wierink, die al informeert of er een apotheek in de buurt is. Maar dan wendt Estelle zich tot de vrouw van de patiënt: „Heeft u zelf mondkapjes misschien?” Ja, zegt Ilse Hughan en even later komt ze terug met een pakje standaardmondkapjes, van die blauwe. Ze overhandigt er twee met een tevreden blik in haar ogen: zo, mondkapjestekort opgelost. Om niet.

„Wat zijn de belangrijkste onderwerpen in de gezondheid van meneer?” vraagt Joëlle, met een geleende pen in de hand. Ilse vertelt dat haar man de alzheimerdiagnose kreeg in 2020. „Eerst verzorgden we hem thuis maar dat werd moeilijk. Hij viel een paar keer en kreeg epileptische aanvallen.” Bernie verhuisde naar een verpleeghuis. Daar woonde hij twee jaar. „Maar twee maanden geleden besloten we om Bernie weer in huis te nemen. We vinden het fijn om de laatste periode – geen hoe idee hoe lang die duurt, we hopen heel lang – samen door te brengen.”

Ilse moest een zorgsysteem optuigen rond haar man omdat de verpleeghuiszorg wegviel. Ze meldde hem aan bij de huisarts, legde lijntjes naar de ergotherapeut, de fysio, de thuiszorg. Alleen de tandarts ontbrak: Bernie heeft nog zijn eigen gebit en dat wilde ze graag zo houden. Zijn oude praktijk maar weer? Lastig, met al die trappen: Bernie is aangewezen op een rolstoel. Van een kennis hoorde ze over ACTA en de bezoekende studenten.

‘Lekker blijven zitten’

„Nou, we gaan even in uw mond kijken”, zegt Estelle en met een spiegeltje en tandhaakje in haar hand gaat ze zitten in een stoel rechts van Bernie. „En dan ga ik intussen aan mijn collega vertellen wat ik zie. Is dat allemaal goed?” Bernie stemt toe – althans: hij zwijgt. „U kunt gewoon lekker blijven zitten”, zegt ze. „Kunt u uw mond opendoen?” Bernie opent zijn mond, een beetje. „Kijk, ja super!” zegt Estelle, „iets wijder als dat lukt.” Maar de mond blijft staan in dezelfde stand. Mantelzorger Simon schiet te hulp, die poetst vaak z’n tanden. Joëlle geeft hem een paar blauwe tandartshandschoenen. Even later opent Bernie inderdaad zijn mond. „Goed zo!” zegt Estelle en met haar sonde en spiegeltje controleert ze zijn tanden en tandvlees. Dan sluit Bernie zijn mond weer. „Vaak leg ik eerst mijn vinger op de lip en daarna pas het spiegeltje”, zegt Wierink. „En dan zeg je gewoon: ik leg mijn vinger even op de lip. Dan kunt u uw mond opendoen…” De studenten proberen het. Het werkt meteen.

Estelle vindt geen gaatjes.

Meer en meer ouderen hebben, net als Bernie, hun eigen gebit nog. Op zich een fraaie illustratie van betere mondzorg, maar al die eigen tanden en kiezen zijn dus steeds vaker zeventig à negentig jaar oud. Onderhoud is nodig. Bernie’s mond blijkt gezond maar onder mensen van zijn leeftijd zijn er volop risico’s op een achteruithollende mondgezondheid: ouderen met geheugenproblemen kunnen het poetsen vergeten en de inname van een trits aan tabletten tegen chronische aandoeningen leidt vaak tot minder aanmaak van speeksel, zodat het tandglazuur slechter wordt beschermd. En aandoeningen als parkinson of reumatoïde artritis bemoeilijken het tandenpoetsen. Zijn ouderen slecht ter been of vergeetachtig, dan kan de gang naar de tandartspraktijk er zomaar bij inschieten – een toenemend risico nu steeds meer ouderen thuis blijven wonen. Van de ruim 500.000 zelfstandig wonende, kwetsbare ouderen, schatte kennisinstituut Nivel in 2021, kampen er 300.000 met een matige tot slechte mondgezondheid, met allerlei risico’s van dien: pijn, problemen met eten en drinken en een grotere kans op aandoeningen en ontstekingen als gevolg van mondbacteriën die in de bloedbaan belanden.

Met een spiegeltje bekijkt tandheelkundestudent Estelle Kruse (23) de tanden van Bernie, die lijdt aan alzheimer. Foto Simon Lenskens

Huisbezoeken

En dus is het de taak van elke tandarts, vindt tandarts Wierink, om deze ouderen op de radar te houden. Zelf legt ze als ‘tandarts-geriatrie’ al twintig jaar huisbezoeken af. „Veel tandartsen zijn er niet bekend mee en zeggen: ik heb er de tijd niet voor. Maar zoveel tijd kost het niet, als je het huisbezoek vastplakt aan de pauze of inplant aan het einde van je dag. Dat wil ik deze studenten laten ervaren: zo’n bezoek is zo moeilijk niet.”

Joëlle schuift de lamp van Estelles hoofd en doet hem zelf om – „even kijken hoe dat gaat met mijn pony.” En even later zit ze links van Bernie – op de kruk, dat zit toch beter dan de stoel – en ontwaart ze een ruimte naast zijn gouden kies rechtsboven. Op de kies zit „een laag plaque”, zegt ze. „Door die ruimte kunt u de kies zelf schoonmaken”, zegt ze tegen Simon en Ilse, „ik doe het wel even voor.” Ze probeert het eerst met een „gaasje” dat ze als een ouderwetse schoenpoetser over het tand-oppervlak heen wil wrijven, maar dat blijkt lastig want Bernie heeft moeite zijn mond open te houden. „Probeer je te realiseren of een oplossing ook haalbaar is”, zegt Wierink, die voorstelt om een „grote rager” te proberen. Dat gaat inderdaad een stuk beter. Simon en Ilse krijgen een paar ragers overhandigd.

Bernie fronst als hij wéér een instrument zijn mond voelt binnengaan. Nu een elektrische tandenborstel met polijstpasta. Estelle begint te poetsen maar dan omklemt Bernie de tandenborstel. „Vindt u het goed als ik hem even vasthoud?” zegt Estelle, „dan ga ik nog even verder.” Ze krijgt een paar minuten respijt. Dan gaat zijn hand weer ferm rond de borstel. Zijn vrouw Ilse lacht: „Ik dénk dat hij bedoelt: nu is het wel genoeg.”

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Source: NRC

Previous

Next