Regisseur Raymi Sambo baseerde zijn nieuwe voorstelling op het leven van Sylvana Simons. De Volkskrant neemt Simons mee naar Wie is er bang voor Sylvana, wat een emotionele kijkervaring oplevert. ‘Ik zie mezelf in die vrouwen: drie Sylvana’s die krachtig en kwetsbaar hun podium pakken.’
schrijft voor de Volkskrant over theater.
De openingsscène is nog geen minuut bezig als Sylvana Simons (54) naar haar zakdoekjes grijpt. Drie actrices staan naast elkaar in het repetitielokaal en zeggen tegelijk: ‘Wij zijn Sylvana Simons en wij gaan Nederland een stukje beter en mooier maken.’
Daarna pakt een van hen een plastic botje en steekt het in haar haren. Vervolgens houdt ze grote rode plastic lippen voor haar mond en danst. Zo transformeert ze van sterke zwarte vrouw tot een kwalijk westers stereotiep.
Tranen, meteen.
Het is ruim een week voor de première en Simons krijgt, voor het eerst, een klein voorproefje te zien uit de voorstelling Wie is er bang voor Sylvana. Het is een bewogen week voor de voormalige partijleider van BIJ1: de avond ervoor schoof ze aan bij Pauw & De Wit, naar aanleiding van de Algemene Politieke Beschouwingen.
Omringd door ‘vijf witte mannen met gekruide meningen’ gaf ze in een bevlogen relaas aan dat het femicide-debat niet over kleur en afkomst gaat, maar over mannen. Ze benadrukte dat ze in 2021 al een debat over femicide heeft aangevraagd, dat destijds niet door de Kamer werd gesteund.
Het gesprek aan de talkshowtafel had zomaar een scène kunnen zijn uit de voorstelling. Daarin rijst uit een snelle montage van (fictieve) mediaoptredens, Kamerdebatten en persoonlijke momenten, het beeld van een zwarte vrouw die zich voortdurend moet ontworstelen aan de witte norm, en daardoor zichzelf soms uit het oog verliest.
Actrices Marie-Claire Molly, Jilviën Oosterwolde en Esther Drenthe vertegenwoordigen elk een versie van Sylvana Simons: de enthousiaste presentator, de beginnende politica en de doorgewinterde activist.
Toen regisseur Raymi Sambo (54) haar polste, was ze meteen enthousiast, vertelt Simons na afloop: ‘Er is veel over me gezegd de afgelopen tien jaar, maar vrijwel altijd vanuit een wit perspectief. Daarom raakte die openingsscène me zo diep: ik zie drie prachtige, zwarte vrouwen die zich een weg banen in de samenleving. Maar ik traceer ook meteen de weerstand en de kwetsbaarheid. Want geloof me, het is ook een eenzame reis.’
Daar heeft ze sinds haar vertrek uit de Haagse politiek in 2023 veel op kunnen reflecteren. ‘Ik heb nu pas de tijd om me te realiseren wat ik de afgelopen tien jaar heb meegemaakt. En hoe buitenproportioneel dat was.’
Simons kreeg begin jaren negentig nationale bekendheid als veejay bij muziekzender TMF, richtte in 2016 een politieke beweging op en werd vervolgens de eerste zwarte fractievoorzitter in de Tweede Kamer. Ze geldt onder meer als een belangrijke aanjager voor de excuses voor het slavernijverleden. Tegelijkertijd ontving ze talloze haatberichten en bedreigingen, met een ‘uitzwaaidag’ als een van de dieptepunten.
Wie is er bang voor Sylvana is geen biografische voorstelling, benadrukt Sambo. ‘Ik ben niet geïnteresseerd in de feiten, maar in haar binnenwereld. Waar zit haar woede, haar angst, wat brengt haar aan het twijfelen? Ik wilde een menselijke kant laten zien. Alles is geënt op wat ik heb gehoord en gelezen, maar vervolgens ben ik gaan fantaseren.’
Volgens Sambo kan hij dat omdat hij ‘uit dezelfde bron’ komt. ‘Sylvana’s verhaal is ook mijn verhaal. Ik ben begonnen als acteur, had altijd volop werk, totdat me begon uit te spreken over het feit dat ik vaak de enige acteur van kleur was. Toen was ik ineens lastig, werd ik minder gevraagd. Vervolgens heb ik een eigen gezelschap opgericht om de stukken te maken die ik wilde maken.’
De voorstelling levert ook kritiek op de zwarte gemeenschap. Aan het eind van de repetitie-ochtend wordt er bijvoorbeeld gewerkt aan een scène waarin de drie Sylvana’s onderling in conflict raken over de manier waarop de ander met activisme omgaat.
Simons herkent daarin de kritiek die ze in de beginjaren kreeg vanuit haar eigen gemeenschap. ‘De scène laat goed zien hoe het werkt at this point in time. Ik ben ervan overtuigd dat als we drie generaties verder zijn, we als zwarte gemeenschap betere manieren hebben gevonden om met elkaar om te gaan.’
Sambo: ‘Ik denk dat we soms te veel van elkaar verwachten dat de ander het net zo doet als jij. Ik krijg bijvoorbeeld regelmatig het verwijt dat ik nooit op demonstraties kom. Maar theater is mijn manier van protesteren.’
Met zijn eigen gezelschap maakte hij de laatste jaren veelbesproken voorstellingen, zoals het bekroonde Ik zeg toch sorry (2023), over de excuses voor het slavernijverleden. ‘Vroeger werd ik uitgelachen als ik zei dat ik geëngageerde kunst wilde maken. Mensen zeiden: je bent toch geen maatschappelijk werker? Nu heeft de hele theaterwereld de er mond vol van.’
Simons herinnert zich dat ze eind jaren tachtig A Night at the Cotton Club zag. Voor het eerst zag ze een musical met een volledig zwarte cast. ‘Voor een groot deel van het publiek was dat gewoon een mooie musical, voor mij was het een ijkpunt. Ik keek naar dat podium en dacht ik: dát ben ik, en dáár wil ik zijn.’
Diezelfde herkenning ervaart ze als ze naar de openingsscène van Wie is er bang voor Sylvana kijkt: ‘Ik zie mezelf in die vrouwen: drie Sylvana’s die krachtig en kwetsbaar hun podium pakken. Ik ben hen alle drie, zij zijn mij en we zijn met velen.’
Wie is er bang voor Sylvana van Raymi Sambo Maakt, tournee 25 september t/m 18 december (première 27 september).
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant