Europa is verwikkeld in een culturele oorlog met het Amerika van Donald Trump en moet de strijd niet schuwen.
Sinds Donald Trump is teruggekeerd in het Witte Huis worstelen de leiders van Europa met de vraag hoe het verder moet met de trans-Atlantische relatie. Draait die voornamelijk om handel en om de voordelen die de Amerikaanse regering wil behalen door middel van heffingen? Gaat het vooral over defensie-uitgaven en de verdeling van lasten binnen de Navo, de eeuwigdurende discussie die heftiger wordt nu Washington zich meer op Azië richt? Of is het allebei?
Wie die relatie alleen beziet vanuit een oogpunt van veiligheid of economie, ziet het grotere plaatje niet meer. Wat zich nu voltrekt, is breder, ernstiger en gaat niet alleen over beleid. Het is een cultuuroorlog, een oorlog waarin de waarden en identiteit van Europa op het spel staan.
Deze cultuuroorlog voltrekt zich op twee niveaus.
Ten eerste, en daar kijkt niemand meer van op, probeert het Amerika van Trump het ideologisch centrum van de Europese politiek te verschuiven. Amerika steunt gelijkgestemde bondgenoten in heel Europa en geeft een andere inhoud aan het debat over de betekenis van ‘het Westen’: vrijheid en democratie. De toespraak die vicepresident JD Vance in februari in München hield, was de zwaarste beschieting tot nu toe.
Het tweede niveau is dieper en subtieler, maar wordt door Europeanen steeds beter onderkend. De Amerikaanse overheid schildert Europa af als afhankelijk, naïef en strategisch onvolwassen. De discussie over de heffingen, de Navo-top, de vredesbesprekingen over Oekraïne; het waren evenzovele momenten van vernedering voor Europa. En vernedering gaat nooit alleen maar over beleid, maar vooral over identiteit. Over of Europeanen zichzelf beschouwen als autonoom en zelfbewust. Ofwel: of zij zich schikken in de rol van ondergeschikte, of zelfs die van vazal.
Over de auteur(s)
André Wilkens is hoofd van de Europese Culturele Stichting (ECF). Pawel Zerka is beleidsmedewerker bij de Europese Raad voor Buitenlandse Relaties (ECFR).
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Deze twee niveaus versterken elkaar. De slag rond ideologie en waarden voedt de diepere strijd over identiteit en autonomie: met nationale leiders – soms met een Trump-petje op – die in beslag worden genomen door binnenlandse verdeeldheid is Europa steeds minder in staat een gelijkwaardige rol te vervullen, of zich te verweren tegen de kleinerende behandeling door Trump. Anderzijds voedt de strijd rond identiteit weer het ideologische front: als Europa zich klein maakt in de omgang met Amerika kunnen Trumpisten niet alleen materiële maar ook morele superioriteit claimen bij het bepalen van wat ‘het Westen’ is.
Trump kan deze oorlog voeren omdat de Europeanen hem dat toestaan. Hij en zijn aanhangers maken gebruik van mazen in de publieke opinie in EU-lidstaten waarin de bevolking sterk verdeeld is in hoe ze naar de EU kijken en waar grote delen van de samenleving sympathiseren met de Maga-aanpak. Ze doen hun voordeel met het getwijfel in de Europese hoofdsteden en in Brussel waar de leiders bang zijn voor heffingen, de terugtrekking van troepen of het schrappen van energieprojecten.
Daarbij kunnen ze rekenen op hun bondgenoten in Europa – Orbán, Meloni, Nawrocki – om de verdeeldheid te vergroten en de collectieve besluitvaardigheid te ondermijnen. Intussen schuiven partijen die geacht worden liberale waarden te verdedigen te vaak ‘iets naar rechts’ op in de valse hoop daarmee kiezers te paaien.
Het paradoxale is dat Europa genoeg troeven in handen heeft. Uit het net verschenen ‘European Sentiment Compass 2025’ blijkt dat het gevoel van verbondenheid in de afgelopen jaren is toegenomen, mede als gevolg van de pandemie en de oorlog in Oekraïne. Het vertrouwen in de EU is op het hoogste punt sinds 2007. In bijna alle lidstaten voelt de meerderheid van de bevolking zich verbonden met Europa, voelen mensen zich Europese burgers en zijn ze optimistisch over de toekomst van de unie. Mensen zien Europa steeds meer als niet alleen maar een economisch project maar als een gemeenschap met gedeelde waarden, veiligheid en bestemming.
Dat verschaft leiders een springplank, maar alleen als ze uit hun comfortzone stappen. Nog te vaak lijken leiders te dromen van ‘normale’ trans-Atlantische betrekkingen als Trump maar eenmaal weg is. Maar zoals Sabine Weyand, de hoogste EU-beambte op het gebied van handel, onlangs opmerkte: ‘Nostalgie is geen strategie.’ Leiders moeten investeren in de Europese autonomie, verbanden smeden buiten de VS om en beleid verdedigen: van digitale regelgeving tot vrijhandelsakkoorden, als uitdrukkingen van Europese waarden.
De hardste les voor Europese leiders is echter misschien dat ze om de controle te houden over hun eigen verhaal het risico zullen moeten nemen dat ze enkele van hun trans-Atlantische voordeeltjes kwijtraken. In haar jaarrede ging Ursula von der Leyen voortvarend van start door te zeggen dat ‘Europa in gevecht is’. Om het vervolgens niet één keer over Trump of cultuur te hebben. Alleen een lid van het Europees Parlement merkte op dat Europa te maken heeft met een cultuuroorlog en dat de aanvallen niet alleen maar uit het oosten komen.
Dat wil niet zeggen dat Europa Trump bij iedere gelegenheid moet uitdagen. Soms is het nodig om tijd te winnen – om Amerikaanse troepen betrokken te houden bij de verdediging van Europa en het steunen van Oekraïne, of om een complete heffingenoorlog te vermijden die de Europese economie onderuit zou halen en de alliantie zou verdelen terwijl Rusland doorgaat met oorlog voeren. Die regelingen hebben echter alleen zin als Europese leiders ze beschouwen als tussenoplossingen terwijl Europa volop aan de slag gaat met autonomer worden. Dagdromen over een pijnloze terugkeer naar de status quo is pas echt een verdovingsmiddel.
Opzettelijk of niet – en wij denken dat het opzettelijk is, bedoeld om Maga te verstevigen aan het thuisfront: de cultuuroorlog die Trump voert, biedt Europeanen ook een kompas. De leiders van politieke partijen, nationale overheden en de instellingen van de EU kunnen geen bochten meer afsnijden. ‘Het gaat om de cultuur, domkop!’ zou hun eerste gedachte moeten zijn bij het afwegen hoe te reageren op de volgende provocatie door Trump.
Sterker nog, dit zou ook bepalend moeten zijn in hoe zij de volgende EU-begroting opstellen en hoe zij hun komende electorale strategie bepalen. Er staat niets minder op het spel dan het bepalen van de betekenis van Europa – en van het Westen – voor de komende decennia.
Vertaling: Leo Reijnen
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant