De hoeveelheid zonnestroom die Nederland opwekte, is in 2024 weer gegroeid, maar minder dan voorheen. Dat blijkt uit de monitor zon-PV van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. De afnemende groei kan goed uitpakken voor sommige ondernemers.
De hoeveelheid stroom die zonnepanelen kunnen opwekken, steeg in 2024 met bijna 20 procent, blijkt uit onderzoek van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Zo'n 18 procent van alle elektriciteit is met de zon opgewekt en we kunnen 4,3 gigawattpiek (GWp) meer opwekken. Toch is de stijging 4 procentpunt minder dan in 2023. Het afschaffen van de salderingsregeling en het volle stroomnet zwakken de groei af.
"Zonneparken en nieuwe bedrijfspanden met panelen op het dak lopen vertraging op omdat ze niet op het stroomnet aangesloten kunnen worden", vertelt RVO-woordvoerder Olivia Manders. Bestaande woningen met een stroomaansluiting kunnen wel probleemloos panelen toevoegen. Huishoudens doen dat alleen steeds minder nu de salderingsregeling stopt.
"De salderingsregeling is ontzettend winstgevend dus ik begrijp dat mensen de afschaffing jammer vinden", vertelt hoogleraar Machiel Mulder (energie-economie) van de Universiteit Groningen. Met salderen mogen zonnepaneelhouders hun teruggeleverde stroom aan het net wegstrepen tegen hun verbruikte stroom. Het verschil in de stroomprijs is altijd heel voordelig voor de klant.
"Zodra de regeling in 2027 stopt, hangt het van de leverancier af wat je krijgt voor je teruggeleverde stroom", zegt Mulder. "Onderzoek van mijn faculteit toont dat de terugverdientijd van zonnepanelen van gemiddeld vijf naar tien jaar springt zonder het salderen. Een paneel gaat vijftien jaar mee, dus je profiteert nog vijf jaar van gratis stroom, als je het zelf gebruikt."
Het blijft dus lonen om zonnepanelen te hebben en de energie-econoom is ook positief over de afvlakkende groei van zonne-energie. "Op zich is het een goede ontwikkeling. De energiemarkt kan de grote hoeveelheid zonnestroom niet bijbenen, waardoor je steeds vaker negatieve stroomprijzen krijgt." Geld toekrijgen als je de droger aanzet is leuk, maar voor ondernemers van zonne- en windparken is het moeilijk.
2024 telde 458 uren met een negatieve stroomprijs. Het RVO-rapport schat dat zonne-energie-installaties, die op deze momenten afschakelden, 20 procent minder stroom opbrachten. De markt krijgt door de afnemende stijging meer tijd om zich te ontwikkelen, bijvoorbeeld met meer batterijopslag en apparaten die automatisch laden op rustige momenten. Negatieve stroomprijzen moeten daardoor minder voorkomen, want het kost de samenleving geld.
Toch vindt Manders de kleinere stijging van zonnestroom alsnog zorgwekkend, omdat het betekent dat minder zonnepanelen geïnstalleerd worden. "Het is onwenselijk dat we veel duurzame projectontwikkelaars en installateurs gaan verliezen, want die blijven we nodig hebben." De sector heeft het zwaar, want dit jaar zijn er aanzienlijk minder nieuwe zonnepanelen geïnstalleerd ten opzichte van 2024.
De monitor van de RVO heeft ook een raming voor 2025 en verwacht dat de groei verder afneemt. De hoeveelheid opgewekte stroom van zonnepanelen stijgt met 2,6 GWp. Dat is iets minder dan de helft van de stijging in 2024.
De oplossing ligt volgens de RVO in slimmer gebruik van stroom. Zo worden negatieve stroomuren vermeden. Zo'n 60 procent van de zonneparken kan inmiddels tijdens negatieve stroomuren op afstand worden afgeschakeld. Dat scheelt geld.
Leveranciers en hun klanten gaan ook slimmer met stroom om, door steeds vaker voor dynamische contracten of een energiecontract met daluren te kiezen. Het huishouden heeft dan lagere stroomprijzen tijdens rustige uren, als er energie genoeg is maar weinig apparaten aanstaan.
"De markt voor zonne-energie is echt nog niet verzadigd", stelt Manders. "Nederland kan nog veel meer zonnestroom opwekken, als we het slim aanpakken."
Source: Nu.nl economisch