Home

Schaatsbond leert van Jake Paul, maar luistert amper naar sporters

In de rubriek Buitenbocht schrijven sportverslaggevers Daan de Ridder en Lieve Wils wekelijks over de Olympische Winterspelen en de weg daarnaartoe. Deze week vertelt Daan over de kritiek van schaatsers op de vastgeroeste internationale bond ISU.

De schaatswereld presenteert aanstaande zondag zijn nieuwste plan om de sport leuker te maken. 24 junioren zullen in Thialf een afvalkoers rijden. Het onderdeel, bekend uit het baanwielrennen, moet de vaak saaie massastart spectaculairder en spannender maken.

De test komt uit de koker van de ISU, een bond die niet bepaald uitblinkt in vernieuwingsdrang. In mijn veertien jaar als schaatsjournalist is er amper wat veranderd in het langebaanschaatsen. De grootste revoluties deze eeuw waren de introductie van een handvol nieuwe disciplines. De ploegenachtervolging werd in 2006 olympisch, twaalf jaar later gevolgd door de massastart.

Teamonderdelen zijn populair buiten Nederland, omdat ze een extra kans op olympisch succes opleveren. Maar ook een afvalkoers zal er niet voor zorgen dat sportfans in pakweg Noorwegen, de Verenigde Staten en Japan opeens in groten getale naar schaatsen zullen kijken.

Bij de ISU weten ze dat ook. Niet voor niks stond ik afgelopen maart bij de WK afstanden in Hamar opeens naast Jake Paul en zijn cameracrew. De wereldberoemde vriend van Jutta Leerdam was uitgenodigd door ISU-president Kim Jae-youl. "We kunnen veel van Jake leren", zei de Zuid-Koreaan toen. "Hij weet hoe je jonge fans kan bereiken."

Zes maanden later is het nog steeds onduidelijk wat de ISU precies van Paul heeft geleerd. De bond presenteerde zondag wel vol trots zijn olympische campagne. In het persbericht belooft Kim dat Skate to Milano op "creatieve en innovatieve wijze" voor een "diepere connectie" met fans gaat zorgen.

Concrete plannen worden niet genoemd. Feit is dat het komende schaatsseizoen opnieuw zeer voorspelbaar is. De wereldbekers zijn in Salt Lake City, Calgary, Heerenveen, Hamar en Inzell, het inmiddels vaste rijtje overdekte schaatsbanen.

Het is een raadsel waarom de ISU weigert een wedstrijd op een buitenbaan te organiseren, ook al is het er maar één per winter. Natuurlijk, schaatsen in weer en wind kan al snel zorgen voor ongelijke omstandigheden. Maar als je echt nieuwe fans wil aanspreken, dan is een wereldbeker op een feeërieke locatie een krachtig wapen. Foto's van sneeuwrandjes in Lake Placid doen het beter op sociale media dan een lege hal in Salt Lake City.

In gesprekken met schaatsers proef ik meestal gelatenheid als het om de ISU gaat. De rijders hebben niet het gevoel dat ze iets kunnen veranderen en daarom steken ze hun tijd liever in hun sport. "Ik ben tijdens het WK sprint van 2024 naar een ISU-meeting geweest om te kijken of ik enige inspraak zou hebben", vertelde Kjeld Nuis vorig jaar. "Na afloop dacht ik: dat gaan we niet meer doen."

Een treurige conclusie, want er zijn genoeg schaatsers die goede ideeën over hun sport hebben. Daarom was het interessant om te zien dat Peder Kongshaug twee weken geleden de aanval op de ISU opende in een interview met de Noorse omroep NRK.

De wereldkampioen op de 1.500 meter was in de financiële cijfers van de schaatsbond gedoken en zich dood geschrokken. "De sport zakt steeds een beetje verder de afgrond in", zei de 24-jarige Noor. "Het is een heel slecht teken dat de ISU meer geld besteedt aan de salarissen van de 36 werknemers en het eigen congres dan aan het prijzengeld voor de sporters."

Het is te hopen dat de ISU leert om eerst naar schaatsers als Kongshaug te luisteren. En pas daarna naar Jake Paul.

Voor wie het na vorig seizoen nog niet doorhad: onthoud de naam Metodej Jílek. De negentienjarige Tsjech is een uniek talent op de lange afstanden, zo liet hij afgelopen dinsdag nog maar eens zien in Thialf. Op een willekeurige middag in september reed Jílek met 3.34,09 dik onder het officiële wereldrecord op de 3 kilometer (3.37,28). De tijd wordt niet erkend, maar dat maakt de waarschuwing aan de concurrentie niet minder groot.

Bij het olympisch kwalificatietoernooi kunstrijden in Peking stelden Adeliia Petrosian, Viktoriia Safonova en Petr Gumennik een ticket voor Milaan veilig. In China mochten voor het eerst sinds de invasie van Rusland in Oekraïne in 2022 weer Russen meedoen aan een officieel ISU-evenement.

Het internationaal olympisch comité (IOC) bevestigde vrijdag dat Russische en Belarussische atleten volgend jaar welkom zijn op de Olympische Winterspelen. Ze moeten wel onder neutrale vlag uitkomen.

Ik ontvang graag jullie vragen, feedback en tips! Je kan me bereiken via daanderidder@nu.nl.

Source: Nu.nl sport

Previous

Next