Home

Peter Vermeersch laat in zijn boek goed zien waarom een slinkse dictator als Loekasjenko of Poetin het lang kan volhouden

Terwijl activistisch Europa zich vooral druk maakt over het Eurovisie Songfestival en Bob Vylan, interesseert niemand zich nog voor de 1.400 politieke gevangenen in de martelgevangenissen van Belarus. In 2020 was dat anders. Toen stond de hoofdstad Minsk volop in de schijnwerpers nadat een miljoen Belarussen de straat op waren gegaan om te demonstreren tegen de verkiezingsfraude van dictator Aleksandr Loekasjenko. Met behulp van Rusland werd dat protest neergeslagen en sindsdien doet Loekasjenko helemaal alles wat Poetin wil.

Een lied dat tijdens dat protest werd gezongen, was ‘Peremen!’ (Verandering!) van de Russische rockzanger Viktor Tsoj en zijn band Kino. In de Sovjet-Unie van Michail Gorbatsjov was dat lied in 1987 een grote hit, dat Tsoj de status van een Russische Mick Jagger bezorgde.

Over ‘Peremen!’ schreef de Vlaamse schrijver en slavist Peter Vermeersch onlangs een geweldig boek: Polsslag. Hoe één popsong Oost-Europa hoop geeft. Het voegt niet alleen een boeiend hoofdstuk aan de popgeschiedenis toe, maar is ook een scherpzinnige analyse van een dictatuur en dan vooral van de manier waarop die de massa’s het zwijgen oplegt. Tussendoor vertelt hij in fraaie literaire bewoordingen over de lotgevallen van de leden van de Belarussische band Irdorath, die in 2020 ‘Peremen!’ tijdens dat protest in Minsk zong.

Voorafgaand aan het rampjaar 2020 kwam Vermeersch regelmatig in Belarus. Hij had er vrienden en bezocht er concerten. Verder kent hij de zwarte bladzijden uit het verleden, zoals de collaboratie van de Belarussen met de nazi’s en hun bijdrage aan de moord op de Joden. Na het neerslaan van het vreedzame protest bleef ‘Peremen!’ gezongen worden. Niet op straat, want dat was levensgevaarlijk, maar binnenskamers. En ook daar liet de KGB de Belarussen niet met rust. Dat bleek toen de leden van Irdorath in augustus 2021 werden gearresteerd tijdens een verjaardagsfeestje op de datsja van een van hen.

Anderhalve maand eerder had Kino een reünietournee gehouden in de landen van de voormalige Sovjet-Unie. Een playbackende Tsoj-avatar zorgde toen voor een sprong terug in de tijd, toen de hoop op verandering in dat deel van de wereld nog alom bestond. Die tournee bracht Kino ook in Minsk, waar de band voor een onvergetelijk optreden zorgde. Want de zaal overstemde de musici en zong uit volle keel ‘Peremen!’. Het was de wanhoopskreet van de hoop, die zich door geen KGB-overmacht liet smoren.

Aan de hand van dat optreden laat Vermeersch zien hoe sluw de dictatuur in Belarus is. Want waarom kreeg Kino wel toestemming van de autoriteiten om dat lied te vertolken en werden de leden van Irdorath erom gearresteerd? Voor het antwoord op die vraag duikt Vermeersch, die als hoogleraar politicologie zijn Hannah Arendt kent, de diepte in. En daarmee stuit hij op een algemene trek van welke dictatuur ook. Volgens Vermeersch hoopte het regime van Loekasjenko vooral tactische voordelen uit het Kino-optreden te behalen, zoals het tevredenstellen van bovenbaas Poetin en het paaien van de Belarussische muziekliefhebbers. Met die tweeslachtigheid stichtte Loekasjenko verwarring, met een verlammende verdeeldheid als gevolg. En precies dat laat zien hoe een dictator heel lang aan de macht kan blijven.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Boeken

Het laatste boekennieuws met onze recensies de interessantste artikelen en interviews

Source: NRC

Previous

Next