De Tweede Kamer stemde donderdag tegen het opvangen van gewonde Gazaanse kinderen in Nederland. Maar de opvang ‘in de regio’, zoals het kabinet wil, raakt uitgeput. Hulporganisaties en artsen proberen de regering op andere gedachten te brengen. De ziekenhuizen staan klaar, zeggen zij.
Het was pijnlijk om te zien, zegt Artsen zonder Grenzen-directeur Karel Hendriks: de manier waarop politici in de Tweede Kamer deze week het standpunt verdedigden dat Nederland geen gewonde kinderen uit Gaza moet opvangen. ‘Ik kreeg het gevoel dat ik naar een toneelstuk keek in aanloop naar de verkiezingen’, zegt Hendriks. ‘Niet naar mensen die daadwerkelijk bezorgd zijn over deze kinderen.’
Ruim 3.800 gewonde en zieke kinderen uit Gaza staan op een wachtlijst van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) om te worden geëvacueerd. Het gaat om kinderen die zijn neergeschoten, die ernstige trauma’s hebben door bombardementen, maar ook om kinderen met bijvoorbeeld kanker. In het gebied zelf kunnen zij niet worden geholpen, omdat Israël bijna alle ziekenhuizen heeft vernietigd.
Maar de opvang in de regio raakt langzaam uitgeput. De afgelopen tijd namen omliggende landen verreweg de meeste evacués op, in totaal zo’n 97 procent. Van de 7.642 geëvacueerden ging het merendeel naar Egypte, gevolgd door de Verenigde Arabische Emiraten en Qatar. Hun medische capaciteit wordt inmiddels overvraagd, terwijl de wachtlijst door de Israëlische aanvallen alleen maar langer wordt.
Hulporganisaties roepen daarom anderen op om hun verantwoordelijkheid te nemen. Veel Europese landen, zoals Italië, Groot-Brittannië en België, zijn inmiddels overstag. Maar het Nederlandse kabinet blijft weigeren. Een motie om daar beweging in te krijgen sneuvelde donderdagavond nipt: 74 Kamerleden stemden voor, 75 tegen.
Aan de capaciteit in de Nederlandse ziekenhuizen kan dat niet liggen. In een gezamenlijke verklaring vroegen Nederlandse kinderartsen Kamerleden juist om behandeling van Gazaanse kinderen mogelijk te maken, ‘niet voor ons, niet voor u, maar voor deze kinderen’. De ziekenhuizen staan klaar, stellen de artsen. ‘Gezamenlijk met de gemeentes zullen we zorgen voor de opvang van ouders of voogd.’ Amsterdam en Utrecht bevestigden dat eerder al.
Voorafgaand aan de Algemene Politieke Beschouwingen ontvingen alle partijen een document van hulporganisaties Artsen zonder Grenzen, Save the Children en Unicef. Daarin wordt in detail uitgelegd waarom de evacuaties in het Midden-Oosten vastlopen. Zo is de zorg in Egypte zwaar overbelast en zou 80 procent van de evacués uit Gaza nog steeds niet zijn behandeld. In alle landen is bovendien een tekort aan complexe zorg, zoals oncologie, neurochirurgie en geavanceerde traumazorg.
Zelfs als er per direct een staakt-het-vuren zou zijn en er geen nieuwe slachtoffers bijkomen, zou het in het huidige tempo volgens de hulporganisaties bijna twee jaar duren voordat de evacuatiewachtlijst voor volwassenen en kinderen is weggewerkt. Tijd die er niet is. Tussen juli 2024 en augustus 2025 zijn volgens de Gazaanse gezondheidsautoriteiten 603 volwassenen en 137 kinderen op de wachtlijst overleden.
Voor de VVD was het geen reden om haar standpunt te wijzigen. Volgens partijleider Dilan Yesilgöz – ‘ik ben geen medisch specialist’ – moeten kinderen toch echt ‘in de regio’ geholpen worden, en niet in Nederland. Zo stelde ze dat er ‘wel degelijk hele goede ziekenhuizen en ondersteuning aanwezig zijn’, zonder in te gaan op de nijpende tekorten. Bovendien zou ze bezorgd zijn over het gevaar van evacueren. ‘Ik kan mij ook voorstellen dat het voor die kinderen veiliger is om niet zo ver te reizen.’
‘Ik kan mij niet voorstellen dat Yesilgöz haar eigen argumenten gelooft’, reageert Artsen zonder Grenzen-directeur Hendriks. ‘Het enige wat ik kan bedenken is dat de VVD haar kiezers het allerstrengste asielbeleid ooit heeft beloofd, en dat het helpen van deze kinderen daar kennelijk niet bij past.’
De afgelopen weken heeft Artsen zonder Grenzen de buitenlandwoordvoerder van de VVD, Eric van der Burg, meermaals benaderd. ‘Ik heb heel vaak contact met hem gezocht en hem informatie aangeboden’, zegt Hendriks. ‘Maar hij reageert nergens op. Terwijl we altijd goed contact hadden.’
Dat het demissionaire kabinet 25 miljoen euro heeft uitgetrokken om de kinderen in de regio van Gaza te helpen, noemt Hendriks ‘op zich positief’. ‘Als je met geld, donaties van materiaal of misschien zelfs met specialisten die je die kant opstuurt een bottleneck kunt wegnemen, dan moet je dat doen. Maar bijvoorbeeld complexe oncologische zorg kun je niet in een doosje stoppen, op het vliegtuig zetten en uitpakken in Egypte. Zo werkt het niet.’
Nederlandse artsen zijn verbolgen over de houding van de Tweede Kamer. De WHO heeft alle landen opgeroepen te helpen, zegt kinderarts en hoogleraar Clara van Karnebeek (Amsterdam UMC): ‘De Kamerleden die tegenstemden zouden eigenlijk met eigen ogen moeten zien hoe deze kinderen in Gaza nu sterven in de armen van hun ouders, of – erger nog – hoe ze sterven zónder dat ze in de armen van iemand liggen. Als je dat meemaakt, dan kún je niet anders dan kiezen voor de menselijke benadering. Het besluit van de Kamer om niemand op te vangen, daar moeten we ons diep voor schamen. Hadden deze Kamerleden maar met hun hart gestemd.’
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant