Home

Flessen Maaswater staan klaar voor onderzoek, steeds opnieuw is de uitslag: niet goed

is columnist voor de Volkskrant.

De vervuiling gaat door, ongezien, want de Maas oogt ‘niet spannend, gewoon normaal’, zegt Kim de Ruyter vanaf het dek van het meetschip. Aan de horizon ligt Ternaaien in België. Vogels zitten op de bijna weggespoelde restanten van twee eilandjes. Een gele zuigarm pompt water op.

Het meetschip is van Rijkswaterstaat. Aan boord in een stalen kast staan flessen met pas getapt rivierwater. Straks gaan die naar een speciaal drinkwaterlaboratorium. Nu al ruim zes weken lang is de uitslag elke werkdag opnieuw: niet goed.

Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Te veel propamocarb, een antischimmelmiddel dat in de tuinbouw wordt gebruikt. Sinds begin augustus kan de Maas daarom niet meer worden gebruikt als bron voor drinkwater. Aanvankelijk dacht men aan een eenmalige lozing, een ongelukje, in de omgeving van Luik. Door het lage waterpeil in de zomer stroomde de vervuiling niet weg.

Inmiddels heeft het volop geregend. De ‘afvoer’ van de Maas, zoals ze bij Rijkswaterstaat zeggen, is normaal. Maar het antischimmelmiddel blijft komen. Soms meer, soms minder, de hoeveelheid fluctueert. Het vermoeden bestaat dat de lozing bij nader inzien niet eenmalig was, maar nog steeds doorgaat.

Net als in Nederland mogen stroomopwaarts in België talloze fabrieken lozen op de Maas. De Waalse evenknie van Rijkswaterstaat doet deze week onderzoek rondom Luik. Maar de veroorzaker is nog niet gevonden.

Het meetschip van Rijkswaterstaat is een verborgen wereld. Al ruim vijftig jaar, sinds 1974, ligt het aan de Maasoever bij het Nederlandse grensdorp Eijsden. 24 uur per dag wordt hier de kwaliteit geanalyseerd van het water dat vanuit België Nederland binnenstroomt. Belgen drinken niet uit de Maas, wij wel. Een vergelijkbaar meetstation ligt in de Rijn bij Lobith.

Veel mensen weten niet dat dit schip bestaat. Kim, die hier analist en coördinator is, wist het zelf ook niet voordat ze hier zelf kwam werken. Rijkswaterstaat heeft plannen voor een ‘meetstation van de toekomst’. Voorlopig blijft dit oude, sympathieke schip bestaan.

Laatst zag ik het schip vanaf de wal. Een kijkje nemen ging niet zomaar. Nu krijg ik toch een rondleiding van Rijkswaterstaat, want dit werk doet ertoe. Dat je Maaswater onder normale omstandigheden kunt drinken, is bijzonder. We moeten erop letten ‘dat het straks nog steeds kan’, zegt Kim.

Kim en haar collega’s bemannen deze drijvende grenspost met z’n vijven. Bijna al het werk vindt plaats onder kantoortijden, maar op feestdagen is iemand ingeroosterd om de watervlooien te voeren.

Watervlooien zijn de poortwachters aan boord. Met tien bij elkaar zwemmen ze in doorzichtige laboratoriumbakjes vol Maaswater. ‘Vertonen ze vluchtgedrag, dan zit er iets toxisch in het water’, zegt Kim. ‘Als ze doodgaan, is het natuurlijk nog erger.’

Dat gebeurt niet snel. Watervlooien kunnen tegen een stootje. Van de verontreiniging die nu speelt, hebben zij geen last. Raakt de Maas vervuilder door industriële lozingen? Daar lijkt het op. Toch is dit ook zo: normen worden strenger en meettechnieken beter. Microplastics? Daar dacht vroeger niemand aan. Tegenwoordig onderzoekt Rijkswaterstaat meetmethoden om de microplastics in water aan te tonen.

Het oude schip staat vol moderne apparatuur. Meetwaarden worden automatisch online gepubliceerd: van zuurstofgehalte en algengroei tot radioactiviteit, ammonium, fluoride, en tal van potentieel gevaarlijke stoffen, zoals zware metalen en medicijnresten. Bij overschrijding volgt alarm, zo’n 20 tot 30 keer per jaar is er een ‘calamiteit’.

Vertonen de meetwaardem ergens een ‘piekje’, dan weten ze aan boord soms: dit correspondeert met een lozingsvergunning. Een fabriek met de papieren op orde maakt de Maas tijdelijk een beetje minder schoon. Dan is in elk geval duidelijk waar het vandaan komt.

Tussen het meetschip en de walkant drijft aangespoeld plastic: een spuitbus zonnebrand, scheerschuim. Zulk afval zie je hier altijd, wijst Kim. Bijna zou je zeggen dat het normaal is, maar dit is natuurlijk niet normaal.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next