Lale Gül haalde onlangs fel uit naar Arjen Lubach. De laatste heeft in een podcast gezegd dat hij voorzichtig is met grappen over de islam. Gül vindt dat hij als satiricus zijn werk moet doen en niet moet capituleren voor terreur. Haar kritiek ventte ze uit in twee talkshows en in een column. Lubach stelde dat het maar een klein stukje uit een langere uitzending was en dat hij overal grappen over maakt, maar geen gevaar wil lopen.
Onderbelicht in deze mediarel bleef dat Lubach in diezelfde podcast nog iets zei, namelijk dat er wat hem betreft geen grenzen aan de grap zijn, als het maar een goede grap is. Hij zei ook: „Een goede grap over religie vind ik altijd te rechtvaardigen”. Geheel volgens de hijgerige mediawetten verdween deze nuance uit beeld, en werd er selectief uit het gesprek geshopt. Ik vond het dan ook onterecht dat Gül en anderen zich bleven fixeren op de vermeende ‘lafheid’ van Lubach. Lubach is niet de vijand van het vrije woord, noch zwicht hij voor terreur. Om een vergelijking te maken: vrouwen die besluiten om niet met een kort rokje te gaan fietsen, zijn niet degenen die aangepakt moeten worden, dat zijn degenen die de straat onveilig maken.
Je mag overal grappen over maken. Maar of de grap goed is, hangt van veel af: wie hem maakt, de timing, de intentie en de smaak van de ontvanger. Een goede grap kan dus over de islam gaan, Charlie Kirk, zélfs over Gaza en de Holocaust. Dat hebben Art Spiegelman, auteur van de wereldberoemde graphic novel Maus, en Joe Sacco, pleitbezorger van ‘comic journalism’ en publicist van de klassieker Palestine, laten zien. Samen publiceerden ze een driedelige strip over Israël-Gaza. Het bovenschrift: „By the power of cartooning, two comic artists have drawn themselves into the Gaza strip.” En ja hoor, daar staan, ze, Spiegelman die zichzelf afbeeldt als muis en journalist Sacco, boven op de puinhopen van Gaza (‘gaza strip’). Ze soebatten over het woord genocide, Maus prefereert het woord ‘ethnic cleansing’, hij zit te droedelen. Dat laatste heeft zoiets ongepasts luchtigs dat het komisch wordt. Het zit hem in de details, er valt zoveel te zien in die drie pagina’s. Het is grappig, wrang en serieus.
Art Spiegelman is trouwens bij uitstek iemand die goede grappen maakt over religie. In Drawing blood. Outrageous cartoons and the Art of Outrage beoordeelt Spiegelman de Mohammed-cartoons die wereldwijd tot woede leidden onder moslims. De meeste cartoons krijgen vanwege gebrek aan humor of artisticiteit nul, één of twee ballen, Spiegelman zet nauwgezet uiteen waarom ze zo slecht zijn. Slechts één tekening krijgt er vier, en dat is niet de beruchte cartoon van Mohammed met de bom. Je ziet abstracte vrouwenfiguren in een boerka; Spiegelman stelt vast dat ze op pacmanmannetjes lijken. Ze eten religieuze symbolen op, ‘vrouwenrechten’ worden door religie opgegeten. Na deze uitleg van Spiegelman zie ik het ook. „With all due”, noteert hij droogkomisch. „My respect for craft and visual thought leads me to the conclusion that this drawing might almost be worth a fatwa.”
Deze week ging Art Spiegelman: Disaster is my Muse in Nederland in première in Vlissingen bij Film by the Sea. Spiegelman vertelt in deze bijzondere documentaire over de moeilijkste tekening uit zijn leven: het concentratiekamp. Door wat hij vertelt over hoe hij zijn tekening inkadert, ga je ook beter kijken naar de documentaire. En dan valt het ineens op. Palestine van Sacco is nooit ver weg, het staat steeds achter hem in beeld. Het zit ’m in de details.
Inmiddels hebben zestig cartoonisten onder de noemer ‘Cartoonists For Palestine’ een gratis boek gepubliceerd. Eén spotprent benam mij de adem. Ik zie twee figuren, in hun buiken zit een schetsje van een poppetje. De tekst ‘For sale: baby shoes, never worn’ is over de pagina verdeeld. Ik leerde ooit tijdens mijn studie literatuurwetenschap dat deze advertentieachtige tekst het kortste verhaal ter wereld is, een zes-woorden-verhaal, toegeschreven aan Ernest Hemingway, mogelijk over een niet voldragen zwangerschap. Dit verhaal verplaatsen naar een Gaza-strip is een sterke vondst. Ik weet niet hoeveel ballen Spiegelman eraan zou geven, maar wat ik wel weet is dit: Gül en Lubach staan voor dezelfde zaak, aan de kant van de humoristen en het vrije woord. Als het volgende week National Comic Book Day is (26 september), hoop ik dat zij hun krachten bundelen en hun beste grappen, ook die over religie, delen.
Source: NRC