Anna van den Breemer schrijft elke week over een alledaags opvoedkundig probleem waarvoor ze een oplossing zoekt.
schrijft voor de Volkskrant over grote en kleine levensvragen.
Op Instagram steekt comedian Fleur Overgaag graag de draak met moderne ouders. In een video speelt ze een moeder die haar kind toespreekt als hij met armen vol snoep komt aanzetten in de supermarkt. ‘Heb je dat helemaal zelf uitgekozen? Wat goed van jou!’
Ze probeert hem te bewegen om de helft terug te leggen, om te eindigen met: ‘Je mag op YouTube en we gaan nog meer uitzoeken in het schap.’
De ene volwassene heeft van nature meer autoriteit dan de ander. Wat als je kinderen constant over je heen lopen?
Veel ouders weten dat grenzen stellen belangrijk is. Maar hoe doe je dat als je geen enkele autoriteit lijkt te hebben? ‘Het gaat erom hoe oprecht je boodschap is. Meen je wat je zegt? Kinderen hebben daar een radar voor’, zegt kinder- en jongerencoach Mariette Dietz. ‘En ze prikken erdoorheen als je ‘streng’ speelt, maar niet daadwerkelijk van plan bent om je regels te handhaven.’
Er bestaan grofweg vier opvoedstijlen: autoritair, autoritatief, toegeeflijk en niet betrokken. ‘De meerderheid van de ouders in Nederland heeft een autoritatieve opvoedstijl’, zegt ontwikkelingspsycholoog Marielle Balledux van het Nederlands Jeugdinstituut. Ze zijn gevoelig voor signalen van hun kind, maar durven ook grenzen te stellen.
Ze benadrukt: ‘Je hebt als persoon nooit helemaal één stijl. Het kan per situatie verschillen, bijvoorbeeld als je een dag erg moe bent.’
In een grote overzichtsstudie, gepubliceerd in Current Psychology (2020), onderzochten wetenschappers de verschillen in opvoedstijl tussen vaders en moeders in vijftien landen. Wat bleek? Moeders hanteren vaker een autoritatieve stijl, terwijl vaders hun kind juist vaker autoritair opvoeden.
Ouders nemen natuurlijk ook hun persoonlijkheid mee in de opvoeding. ‘De ene ouder is van zichzelf directiever en voelt zich comfortabel in een meer autoritaire rol’, zegt Dietz. ‘En wie op het werk moeite heeft met nee zeggen, worstelt daar thuis vaak net zo goed mee.’
Sommige ouders vrezen dat streng zijn de ontwikkeling belemmert. Maar toegeeflijkheid kan juist verwarrend zijn, zegt Balledux. Kinderen vinden het lastig om de consequenties van hun eigen gedrag te overzien. ‘Daar moet je als ouder echt bij helpen.’ En dat doe je door duidelijke regels en afspraken te maken. ‘Dat geeft rust en biedt de veiligheid vanwaaruit ze de wereld kunnen ontdekken.’
‘Het heeft geen zin als de meegaande ouder de ‘strengere’ ouderschapsstijl kopieert’, zegt Dietz. Authenticiteit is belangrijk. ‘Het begint bij het écht voelen van de grens, anders kun je die niet geloofwaardig overbrengen. Kinderen moeten merken: dit is menens.’
Hoe je dat doet? ‘Houd je boodschap kort en krachtig’, zegt Balledux. ‘Hoe meer woorden je gebruikt, hoe meer tegenargumenten je kind bedenkt.’
Gebruik lichaamstaal. Dietz: ‘Ga op ooghoogte zitten, maak contact en laat je stem zakken. Een blik kan krachtiger zijn dan een preek.’ Het helpt om je boodschap positief te formuleren. Zeg ‘praat zachtjes’ in plaats van ‘schreeuw niet zo’.
Smeed het ijzer wanneer het weer koud is, tipt Dietz. ‘Voor zachtaardige ouders werkt het vaak beter om naderhand, als de gemoederen bedaard zijn, nieuwe afspraken te maken voor de volgende keer.’
Grenzen stellen betekent niet dat je de boeman moet spelen, maar dat je de leiding neemt. ‘Zeg tegen jezelf: ik ben de volwassene, mijn kind is de kleine. Hij of zij is nog in ontwikkeling en heeft mijn duidelijkheid nodig’, aldus Dietz. Dat voelt vaak een stuk aantrekkelijker dan de rol van strenge ouder.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant