Charlie Kirk (1993-2025) | opiniemaker Jarenlang ging de woensdag doodgeschoten Charlie Kirk op campussen in debat met linkse studenten. Bijdehand en altijd met een jij-bak paraat, bouwde hij zijn studentenclub uit tot Trumps informele jeugdbeweging.
Charlie Kirk in april tijdens een optreden op de Texaanse A&M-universiteit. Foto Meredith Seaver / College Station Eagle via AP
Dat Charlie Kirk aanleg had voor activisme, ontdekte de woensdag vermoorde rechtse activist in 2012, in het laatste jaar op zijn middelbare school in een voorstad van Chicago. De kantine van Wheeling High School verhoogde de prijs van koekjes in een klap van 25 naar 50 dollarcent en Kirk zag dit als groot onrecht. „Koekjes zijn het hoogtepunt van de meeste schooldagen en nu worden ze VERDUBBELD in prijs zonder ons te raadplegen? NEE! Genoeg van deze manipulatie”, schreef de achttienjarige op Facebook. „We moeten samen de strijd aangaan. Bestrijd de Macht!”
Zijn oproep de kantine te boycotten, kreeg brede navolging. De school draaide de prijsverhoging terug – al klaagden sommige leerlingen dat de koekjes hierna kleiner en minder smaakvol waren.
Dit debuut als activist verraadde al veel van Kirks talent voor felle polemiek. De afgelopen jaren wist hij uit te groeien tot een van de bekendste conservatieve activisten in de VS door langs campussen te trekken en daar urenlang in debat te gaan met vaak veel linksere studenten. Op links werd hij zo the man you love to hate: hinderlijk bijdehand, verspreider van discriminerende haatspraak, altijd een jij-bak paraat, zelden bereid de ander gelijk te geven. Veel rechtse Amerikanen daarentegen zagen hem als voorvechter van de vrijheid van meningsuiting, die de verstikkende politieke correctheid van academisch-links dapper bestreed. Niet als toetsenbordridder, maar op vijandig terrein.
En zo is zijn leven nu ook tot een gewelddadig einde gekomen: nadat hij op een campus zijn tent opzette en onder het motto ‘prove me wrong’ met andersdenkenden het debat aanging. Ook op de Utah Valley-universiteit draaiden zijn verbale duels woensdag vooral om de vele bekende twistpunten uit de Amerikaanse cultuuroorlog: abortus, wapenbezit, transrechten, immigratie, diversiteitsbeleid, etnische verhoudingen, criminaliteit, politiegeweld, enzovoort.
De moord op Charlie Kirk leidt mogelijk tot meer politiek geweld, vrezen zijn bewonderaars in Utah
Het laatste debatje dat hij voerde, voordat hij met één dodelijk schot in zijn nek werd getroffen, ging bijvoorbeeld over de vermeende oververtegenwoordiging van transgenders als daders van schoolbloedbaden – een populair rechts-populistisch stokpaardje. „Weet je hoeveel trans Amerikanen de laatste tien jaar schoolschutters waren?”, vroeg een persoon in het publiek. Kirk: „Te veel.” Waarop de vragensteller vervolgde: „Weet je ook hoeveel massaschutters er de afgelopen tien jaar waren in Amerika?” Kirk: „Tel je bendegeweld daarbij ook mee?”
Dit was Kirk ten voeten uit. In plaats van het over schoolbloedbaden te hebben, die doorgaans worden aangericht door jonge witte mannen, komt hij met een ‘what-aboutism’ over bendegeweld, dat vaker het werk is van leeftijdsgenoten van kleur. Over de diepere oorzaak van beide typen geweld – de brede beschikbaarheid van vuurwapens in de VS, waar Kirk voorstander van is – hoeft het vervolgens niet meer te gaan.
Dat Kirk kon uitgroeien tot ’s lands bekendste ‘studentactivist’, was van een zekere ironie, want zelf volgde hij geen hoger onderwijs. Omdat „ik te dom was voor een vierjarige opleiding”, grapte hij eens. Of, zoals hij in 2015 in een lezing zei, omdat zijn ‘droom nummer één’ als kind was de prestigieuze officiersopleiding van West Point te volgen. De militaire academie zou de voormalige padvinder echter hebben afgewezen omdat zijn plek „naar een minder gekwalificeerd persoon van een ander geslacht en andere geaardheid” moest gaan.
Feit is dat het activisme hem meer trok dan leren. De tweejarige mbo-opleiding die hij na zijn middelbare school volgde, brak hij al na een semester af. „Als je het beter wil doen dan anderen, ga dan niet naar het hoger onderwijs”, zou hij hierover later vaak zeggen. „Voor mij pakte het goed uit.”
De gesjeesde mbo’er trok veel liever als marskramer in rechtse meningen eindeloos langs campussen. Zijn succesvolle strijd voor betaalbare koekjes had al snel naar meer gesmaakt. Datzelfde schooljaar nog zou hij ook een ingezonden essay publiceren op het alt-rechtse nieuwsblog Breitbart over vermeende linkse indoctrinatie via schoolboeken. Dit opiniestuk leverde hem een tv-optreden op Fox News op en andere spreekbeurten, waarna hij met hulp van een Republikeinse kennis en startkapitaal van rijke rechtse donateurs de actiegroep Turning Point USA oprichtte.
TPUSA moest de rechtse tegenhanger worden van het progressieve campagnevehikel MoveOn.org. Dit politieke online platform had in de jaren daarvoor een cruciale rol gespeeld in het mobiliseren van vooral jonge kiezers voor Barack Obama in diens succesvolle gooi naar het Witte Huis, in 2008. Kirk had niets met de uitverkiezing van de Afro-Amerikaanse senator uit zijn thuisstaat Illinois en liet TPUSA ideologisch aanschurken tegen de uiterst-rechtse Tea Party-vleugel binnen de Republikeinse Partij.
De komst van Turning Point naar campussen leidde in die eerste jaren bijna altijd tot protest en verzet van linkse studenten en stafleden. Kirk zette die weerstand stelselmatig weg als een gebrek aan incasseringsvermogen en academische vrijheid. Om die progressieve overgevoeligheid voor afwijkende meningen te illustreren, trokken TPUSA-activisten ooit met incontinentieluiers om en spenen in naar de Kent State-universiteit, waar ze een ‘safe space voor kinderen’ uitriepen.
Met zijn optredens wist Kirk de universiteitscampus tot politiek slagveld te maken. Zo lanceerde TPUSA online een zwarte lijst, de zogeheten ‘Professor Watch List’, waar studenten leraren konden melden die links zouden zijn. En slaagde TPUSA erin door het hele land universiteitsraden ideologisch naar rechts te trekken door eigen studentkandidaten te rekruteren en financieren.
Kirk en zijn actiegroep verwierven zoveel naamsbekendheid, dat landelijke Republikeinse politici en hun donateurs hem al snel uitnodigden en betaalden om deel te nemen aan hun electorale campagnes. In verkiezingsjaar 2016 gokte Kirk daarbij aanvankelijk nog op Ted Cruz als presidentskandidaat, maar nadat Donald Trump de Texaanse senator aftroefde bij de Republikeinse voorverkiezingen schaarde hij zich volledig achter de vastgoedbaas. Kirk sprak op de Republikeinse conventie en voerde volop campagne voor Trump.
Kirk bouwde hechte vriendschappen op met Trumps oudste zonen Don jr. en Eric en tijdens Trumps eerste presidentschap (2017-21) werd TPUSA de informele trumpistische jongerenbeweging. Tijdens de corona-pandemie en na Trumps daaropvolgende verkiezingsnederlaag, in november 2020, hielp Kirk volop complottheorieën en misinformatie over virus, vaccins en stembusgang te verspreiden.
Charlie Kirk met president Donald Trump tijdens een evenement in het Witte Huis in maart 2018.
Als mediapersoonlijkheid, met een veel beluisterde podcast en miljoenen volgers op sociale media, groeide hij in de daaropvolgende jaren uit tot een van de invloedrijkere MAGA-influencers. Zijn lijntje met Trump bleef daarbij ultrakort. Zo zou hij hem in 2024 mede hebben overtuigd om senator JD Vance uit Ohio, voor wie hij enkele jaren eerder zelf intensief campagne had gevoerd, als zijn vicepresidentskandidaat te kiezen. En deze zomer besloot Kirk, na een telefoontje van Trump, ineens dat hij het voorlopig niet meer over de affaire rond de dode zedendelinquent Jeffrey Epstein wilde hebben – precies zoals de president wenst.
In MAGA-land is Kirk nu onmiddellijk een martelaar, met een vergelijkbare status als vermoorde burgerrechtenactivisten uit de vorige eeuw. Verscheidene Republikeinse kopstukken en leden van Trumps entourage zeiden woensdag dat hij ooit president had kunnen worden. En hoewel over het motief van de schutter nog niets gezegd kon worden, schreven zij de moord toe aan het stelselmatig ‘demoniseren’ van andersdenkenden door ‘radicaal links’. Dat op een progressieve tv-zender als MSNBC een politiek commentator zei dat Kirk deze „verschrikkelijke daad” kon verwachten, hielp daarbij niet.
Oproepen om te bidden voor Kirks overleven gingen na het bericht van zijn overlijden ook al snel over in vingerwijzen en pleidooien om zijn dood te wreken. Zo schreef de conservatieve opiniemaker Christofer Rufo, die Kirks strijd met de linkse academische wereld steunde, op X: „Het wordt tijd om, binnen wettelijke kaders, iedereen die verantwoordelijk is voor deze chaos te infiltreren, verstoren, arresteren en op te sluiten.” Jack Posobiec, een andere MAGA-influencer, dreigde: „Als je een van onze vrienden pakt, vraagt dat om een reactie.”
In dit explosieve maatschappelijke klimaat hoeven Amerikanen voor enige matiging niet op hun landelijke politiek te rekenen. Zo slaagde het Huis van Afgevaardigden er woensdag niet in een minuut stilte te houden. Nadat een Republikeinse afgevaardigde had opgeroepen aldus stil te staan bij Kirks dood, riepen Democraten dat ze dan ook de slachtoffertjes van een schoolbloedbad in Colorado moesten herdenken, eerder op de dag. Een andere Republikein riep daarop: „Jullie hebben dit veroorzaakt!” Waarop een Democraat terug schreeuwde: „Voer anders wapenwetten door!”
De polemische debatstijl waar Kirk bij leven naam mee maakte, leeft zo voort in de volksvertegenwoordiging. Of er op Amerikaanse campussen na zijn gewelddadige dood nog vrij gedebatteerd kan worden, is twijfelachtig.
Charlie Kirk werd 31 jaar en laat naast zijn vrouw Erika twee jonge kinderen na.
Na de moord op Kirk zijn meer doden onontkoombaar
Wat kunnen we verwachten van weer vier jaar Trump?
Source: NRC