Luchtaanvallen op Doha
Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.
Israël voert al sinds het prille bestaan van het land een politiek van feiten op de grond. Dat wil zeggen: Israël probeert altijd de eerste stap te zetten, waarna de rest van de wereld alleen maar kan toekijken. Het laatste feit op de grond is de grootschalige luchtaanval, dinsdagmiddag, op Doha, de hoofdstad van Qatar. Die aanval was gericht tegen onderhandelaars van Hamas, die in Doha aanwezig waren voor onderhandelingen over een Amerikaans plan voor een staakt-het-vuren in Gaza. Onduidelijk is nog wat de gevolgen van de aanval zijn. Volgens Hamas zijn vijf leden om het leven gekomen, maar het zou niet gaan om de onderhandelaars. Hoe dan ook, de geopolitieke consequenties van deze roekeloze daad zijn gigantisch, en nog nauwelijks te overzien.
Ten eerste: Israël valt unilateraal een soeverein land aan, waarmee het niet in oorlog is. Dat is op alle manieren een grove schending van het internationaal recht. Premier Netanyahu zei dat de aanval een vergelding is voor de terreuraanslag in Jeruzalem, waarbij afgelopen maandag vijf Israëliërs werden vermoord. Qatar heeft niets met deze aanslag te maken, en Israël mocht de territoriale integriteit van Qatar niet op eigen houtje schenden. Daarbij: met deze aanval heeft Israël de kans op voortgang in de gesprekken met Hamas getorpedeerd. Israël koos onderhandelaars als doelwit, die in Qatar waren voor besprekingen over een mogelijk einde aan het genocidale geweld in Gaza. Zo legt de aanval ook bloot dat Israël niet de intentie heeft dit geweld te stoppen.
Het plan waarover onderhandeld had moeten worden, kent een rommelige aanloop, en is weinig kansrijk. Wat ervan bekend is, is dat de gezamenlijke inzet is dat de Israëlische gijzelaars in Gaza vrijkomen, in ruil voor vrijlating van een onbekend aantal Palestijnen. Daarna zouden onderhandelingen over een einde aan het geweld moeten beginnen. Eerdere besprekingen met min of meer dezelfde doelen hebben nooit ergens toe geleid. Maar er was tenminste sprake van een klein beetje beweging in een onmenselijk wrede situatie. De kans op enige vooruitgang is voorlopig echt verkeken. Want onderhandelingen kunnen niet beginnen als de ene partij de andere probeert te elimineren. Israël maakt een proces kapot voor het goed en wel begonnen is.
Qatar speelt een weinig transparante dubbelrol als het om Gaza gaat. De golfstaat huisvest al jaren prominente leden van Hamas, en kent een lange geschiedenis van financiële steun aan de beweging. Tegelijk is Qatar een (economische en diplomatieke) gesprekspartner van Israël en westerse landen, en heeft het land eerder in deze escalatie gezocht naar diplomatieke uitwegen. Het feit dat Qatar deze rol op zich neemt, zegt veel over het gebrek aan regie van de internationale gemeenschap: de Europese Unie, de Verenigde Naties of de VS. Pogingen om iets te betekenen zijn, behalve deals over gevangenen, vruchteloos. En ook het laatste Amerikaanse plan dat in Qatar besproken had moeten worden, lijkt geen kant op te gaan. De passiviteit van de internationale gemeenschap blijkt ook uit de lauwe reacties op de aanval in Doha. Scherpe veroordelingen bleven uit, om over sancties nog maar te zwijgen. Opnieuw is gebleken dat Israël de regels schrijft, en dat de rest van de wereld zichzelf een passieve rol heeft toebedeeld. De straffeloze wijze waarop het internationaal recht is geschonden, is een nieuwe herinnering aan een doorlopend onrecht.
Source: NRC