De lezersbrieven, over clichés, oorlogen en filmtips, een beter woord voor ‘grensoverschrijdend’, en het oefen-OMT van nu vergeleken met het OMT tijdens de pandemie.
Over de kop op de voorpagina van de Volkskrant (‘Voor wie moeten vrouwen bang zijn?’, 6/9) is naar mijn mening niet nagedacht. De begrippen ‘vrouwen’, ‘moeten’ en ‘bang zijn’ worden weer automatisch aan elkaar gekoppeld. Beeldvorming over daders en machteloze slachtoffers wordt zo weer bevestigd en versterkt. Nee!
Hoe dan wel? Een voorbeeld: ‘Wie kunnen vrouwen vrezen?’
‘Vrezen’ is een meer actieve, gekozen houding in het inschatten van gevaar dan afwachtend bang zijn. ‘Kunnen’ is meer het beest in de bek kijken en je maatregelen nemen. Bovendien kan die titel ook omgekeerd gelezen en geïnterpreteerd worden: laat mannen nog eens goed nadenken voordat zij de ‘vrijheid nemen’ om zich aan vrouwen te vergrijpen. Vrouwen mogen gevreesd worden. Iets heel anders dan bang zijn.
Maartje van Hengel, Deventer
Peter Tetteroo raadt in zijn brief de jeugd aan eerst naar drie films te gaan kijken voordat ze zich ‘met romantische praatjes laten verleiden’ tot een aanmelding bij het Nederlandse leger en ‘een (eventuele) gehaktmolen’. De heer Tetteroo tipt gemakshalve drie goede films over de Vietnamoorlog, dus tip ik gemakshalve drie aanraders over de Tweede Wereldoorlog: Saving Private Ryan, Band of Brothers en The Pacific.
Alle drie tonen onverbloemd de gehaktmolen die oorlog is. Toch wel fijn, ook voor de heer Tetteroo, dat er 80 jaar geleden toch mensen waren die zich voor de bevrijding van anderen in die gehaktmolen hebben gewaagd; iets wat hij ongetwijfeld dankbaar heeft herdacht op 4 en 5 mei dit vrijheidsjubileumjaar.
En de heer Tetteroo zal evengoed heel dankbaar zijn als er straks een stabilisatiemacht van beroepsmilitairen naar Oekraïne gaat met een duidelijk mandaat om de vrede te beschermen op het continent. Een stabilisatiemacht zonder duidelijk mandaat naar een conflict sturen is namelijk een groot risico. Daar zijn ook drie goede films over gemaakt: Warriors, Quo Vadis, Aida? en Shake Hands With the Devil.
Wellicht dat Peter Tetteroo en ik een keer een filmavond moeten organiseren, gevolgd door een beschaafde discussie over vrede en oorlog.
Thomas van der Wielen, actief dienend militair, ‘s-Hertogenbosch
Ik vraag mij ook al heel lang af waarom de ramp in Gaza de enige ramp is die aandacht krijgt in Nederland. Genocide en massamoord elders zijn inderdaad ‘vergeten conflicten’ en het is geenszins een ‘nuancering’ om te vragen dat hulp en zorg ook aan de kinderen (en volwassenen) van die conflicten wordt gegeven.
Huisarts Shakib Sana ‘nuanceert’ immers zelf ook wanneer hij meldt dat het zieke kind van een rijke zakenman uit Turkije wel een visum kreeg. Met andere woorden: wijzen op diepe ongelijkheden is van groot belang, niet ‘whataboutism’.
Karin Lesnik-Oberstein, Noordwijk aan Zee
Wie spreekwoordelijke een grens overschrijdt is slechts met één been fout. Het andere is oké, want staat nog aan de goede kant. Gedrag dat nu grensoverschrijdend heet, is dus niet grensoverschrijdend, maar grensoverschreden. Laat ons het alsjeblieft dan ook voortaan zo noemen: grensoverschreden. Dan is er geen twijfel of discussie meer, vooral niet bij de verdachte zelf. Dat gedrag is fout, helemaal. Punt uit.
Jan-Willem van Schendel, Purmerend
In de Volkskrant van 6 september staat een meer dan lezenswaardig verslag van een oefening tijdens een gefingeerde uitbraak van een hoogst infectieuze en dodelijke ziekte. Nu geen covid-19, maar een ebola-achtig virus. Opnieuw met het Outbreak Management Team (OMT) als centrale actor.
Er is echter één wezenlijk verschil. De leden van het actuele oefen-OMT hebben geen kokervisie op besmettingscijfers, ziekenhuisopnames en overlijdensgetallen, maar betrekken de menselijke maat en de maatschappelijke impact in hun overwegingen. Het gaat om proportionaliteit, het afwegen van ziekte en sterfte tegen andere levenswaardige waarden.
En zo komt het actuele OMT tot heel andere aanbevelingen dan in de periode 2020-2022: meer vrijheid, minder schoolsluitingen, geen ouderen ophokken in verpleeghuizen, geen avondklok. Precies zoals de critici van toen, waaronder ikzelf, met klem bepleitten.
In de oorlogssfeer van toen (‘elke dode aan covid-19 is er één teveel’, dixit Hugo de Jonge) viel het pleidooi in droge aarde. Geen medium dat serieus aandacht besteedde aan het tegengeluid. Excommunicatie uit professionele en politieke kringen was je deel, als je je kritisch uitsprak.
Wordt het niet tijd voor eerherstel en een voorzichtig excuus?
Jan Huurman, arts, Nijmegen
Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.
Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant