Home

Lara Pawson laat scherp zien in haar debuutroman: er is geen ontsnappen aan de wereld

Een broodrooster doet aan massamoord in Gaza denken: in Verbruikt licht van Lara Pawson zijn de meest comfortabele objecten in ons huis gekoppeld aan de meest sinistere politieke gebeurtenissen.

is schrijver en chef van Zondag, het essay- en boekenkatern van de Volkskrant.

Ze heeft een buurman. Reg. Roestvrijstalen bril, zijscheiding, stevig gestrikte derbyschoenen. Ze groet hem, praat soms met hem, ditjes en datjes. Ze denkt dat hij op de conservatieve partij stemt, en dat hij elke woensdagavond, in zijn eentje, naar ballroomdansen gaat.

Hij heeft een vrouw die, meent ze, Jean heet. Ze heeft haar nog nooit gezien, zelfs niet als een schim in het raam. Ze moet ziek zijn, of fysiek beperkt. Op een dag staat een traplift in de voortuin en dan weet ze dat de buurvrouw is overleden. De buurman stapt gehaast op haar af en duwt haar een broodrooster in haar handen. Mag ze hebben. Hij vertrekt.

Dit gebeurt allemaal op de eerste twee bladzijden: ‘Ik bedankte hem en stapte stevig door naar huis terwijl de stekker tegen mijn been botste en jouw zaad nog in het kruis van mijn broek lekte.’

Je leest dat en je denkt: TMI, meid. Je hoeft niet alles te delen. Too much information.

Maar too much information is precies wat de Engelse Lara Pawson, voormalig oorlogsverslaggever, op het oog heeft. Haar eerste roman, Verbruikt licht, gaat over de vloek van kennis.

Slagpin

De broodrooster heeft knoppen en piepkleine lampjes. Ze doen de naamloze verteller denken aan de slagpin van een Armalite semiautomatisch geweer.

De broodrooster heeft een rugvin, zoals de bruine vis, waarvan er laatst eentje stierf ‘met drieëntwintig plastic tasjes in zijn maag’.

Ze ziet een filmpje uit West-Virginia waarin een getatoeëerde man elegant en vakkundig een eekhoorn vilt. ‘Hij pakt de achterpoten in een hand, trekt ze hard omhoog en stroopt de huid er in een keer af, waarna het dode dier tot aan zijn nek poedelnaakt is.’ Het doet haar denken aan haar grootmoeder, die haar trui over haar hoofd trok voor het slapengaan.

Ze houdt van de vieze oude eierwekker in haar keuken. Hij werkt hetzelfde als de Memopark-timers die IRA-terroristen gebruikten tijdens The Troubles, bij de aanslagen bij Warrenpoint in 1979, de bomaanslag in Hyde Park in 1982 en de bomaanslag in Brighton in 1984.

Ze denkt: ‘Vierendertig doden, en datgene wat me bezighoudt is de overeenkomst tussen de op tv getoonde blauwe Memopark-wekker en de wekker die aan de bovendeur van mijn koelvriescombinatie kleeft. Ik popel om hem op te winden en aan de onderkant van de auto van onze buurman te bevestigen, gewoon om te voelen hoe hij zich aan het metaal vastzuigt, gewoon om te luisteren naar het getiktak daaronder, gewoon om te proeven hoe het is om angst te zaaien.’

Ze denkt aan Auschwitz-Birkenau en aan de vrienden die ze te eten krijgt. Ze zet de kookwekker op één minuut. ‘Ik dwing mezelf te visualiseren dat drie van mijn vrienden worden vergast en verast.’

Minnaar

Er is geen verhaal, geen betoog. Er is een minnaar tot wie ze zich soms richt, maar meer dan zijn contouren zien we niet. Het is meeslepend om te lezen, licht hypnotiserend. De vertaling lijkt uitmuntend. De ik-persoon gaat langs de spullen in haar huis en denkt na. Ze denkt aan haar wasmachine, aan de droger, aan haar kat. Ze denkt aan haar koperen deurklink, een lust voor het oog, heerlijk om vast te pakken.

Ze denkt aan Gaza, ze denkt aan de concentratiekampen in de Tweede Boerenoorlog in Zuid-Afrika, ze denkt aan openbare executies in Iran. Als hier terechtstellingen zouden plaatsvinden, denkt ze, zou ze daarbij aanwezig willen zijn. ‘Ik zou getuige willen zijn van moord van staatswege. Ik zou de reactie van mijn lichaam willen ervaren. Ik zou me niet afwenden of mijn ogen of oren bedekken. Ik zou willen weten hoe een openbare terechtstelling mijn lichaam en geest beïnvloedde, diep vanbinnen. Zou ze me op enige manier goeddoen? Zou jij meegaan?’

Wat wil Lara Pawson? Op haar site staat: ‘Lara Pawson is geboren in Londen, een stad die ze op haar 16de inruilde voor een gehucht in Somerset. Ze woonde in Abidjan, Accra, Bamako, Johannesburg, Luanda en in een herberg in Alpes-Maritimes.’ Klinkt lekker bohemien. Verbruikt licht was vorig jaar in Engeland genomineerd voor de chique Goldsmiths Prize.

Wat Pawson wil zeggen, is denk ik zoiets als dit: ik fiets naar de redactie, luister naar Roxy Music, en tegelijkertijd vermoordt Israël Palestijnse journalisten. Ik ren langs het kanaal, met mijn satelliethorloge en mijn hartslagmeter, terwijl Russische en Oekraïense soldaten elkaar met drones proberen te doden. Ik snij een stuk oud belegen van de kaasjuwelier aan met hetzelfde model mes waarmee een doorgedraaide man gisteren nog zijn ex neerstak.

Comfort

We leven in een wereld waarin we het grootste comfort kennen, en tegelijk weten we dat er overal ter wereld de vreselijkste dingen plaatsvinden. Die vreselijke dingen gebeuren met dezelfde netwerken en dezelfde instrumenten als waarmee wij onze comfortabale dagen vullen. Ons geluk bestaat eruit dat we onszelf een cognitieve dissonantie opleggen, we hebben de luxe niet te denken aan de grote boze wereld – terwijl alle losse onderdelen van die grote boze wereld dag in dag uit door onze handen gaan.

Pawsons personage voelt die afstand niet. Haar kennis van de wereld hangt als een keten om haar heen. De wereld – als je er even over nadenkt, is er geen ontsnappen aan. Pawson maakt dit pijnlijk zichtbaar.

Een enkele keer is dat goed, bijvoorbeeld wanneer ze denkt aan alle kennis en vakmanschap die in het vervaardigen van een klassieke deurklink gaat. Dit alles zit in het slanke stuk metaal vervat, ze voelt de aandacht en liefde van de vakman. ‘Ik voel hun verbondenheid en ik voel me een gezegend mens.’

Lara Pawson: Verbruikt licht. Uit het Engels vertaald door Lisette Graswinckel. Koppernik; 153 pagina’s; € 22,50.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next