Home

Hoe onweerstaanbaar ook, de alpaca blijkt geen knuffeldier

is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.

Knuffelboerderijen met alpaca’s zijn een bloeiende branche. Maar hoe blij is de lama-achtige daar zelf eigenlijk mee?

Een aardige oud-collega kon haar ogen niet geloven: ook in het Groene Hart kun je alpaca’s knuffelen. Ze stuurde een linkje door van de website van de knuffelboerderij. Een ‘onvergetelijke ervaring’ heette het daar. En gelukkig: ‘Onze alpaca’s krijgen de beste verzorging dankzij ons toegewijde team. Bij ons staan dierenwelzijn en liefdevolle zorg altijd centraal’, schetst het bedrijf de eigen idylle.

De knuffelboerderij (aanvankelijk vooral met koeien en varkens) is een bloeiende branche. Niet alleen viert bovenstaand bedrijf deze maand het vijfjarig bestaan, ook elders in het land wemelt het ervan. Eén klik op Google levert vele tientallen alpacaboerderijen op. Niet onlogisch: met zijn pluizige vacht en zachtaardige oogopslag weet het dier zijn knuffelfactor maximaal op te schroeven. Op de knuffelboerderij is de alpaca dan ook de nieuwe melkkoe: de mens mag er eindeloos liefkozingen op loslaten, in ruil voor liters oxytocine en andere gelukshormonen. Onder een dekentje van dierenliefde.

In die zoete poel drijft wel wat zuur. Hoe blij is het beestje zelf eigenlijk met die warme aandacht? De arme alpaca is weer eens niets gevraagd. Het dier leeft van oorsprong op zo’n 4.400 tot 5.300 meter hoogte in het Andesgebergte in Zuid-Amerika. Daar gedijt hij bij een lage luchtvochtigheidsgraad en heeft hij graag zachte, vochtige grond onder zijn gevoelige pootjes, en vindt hij mals gras en poelen om zich in te wentelen. Voor zover bekend heeft nooit één alpaca erom gevraagd om in plaats daarvan met zijn poezelige pootjes op de verdroogde polderklei van de benauwde lage landen duizenden kilometers verderop te staan.

Verontrustender is een rapport dat al sinds 2018 bestaat, van de sectie Diermanagement van de Hogeschool Van Hall Larenstein. Mede aan de hand van interviews met ervaringsdeskundigen onderzocht zij hoe geschikt de alpaca is als knuffeldier op een zorgboerderij, waar hij vaak wordt gestald.

Citaatje: ‘Uit het onderzoek is gebleken dat aanraking door zowel een ander wezen als een soortgenoot niet past bij de aard van de alpaca. (...) Knuffelen, van aaien tot en met omhelzen, wordt daarom afgeraden wanneer het dier ertoe gedwongen wordt, maar kan gedaan worden wanneer het initiatief van het dier zelf komt.’

Verderop spreekt het rapport boekdelen: ‘Ze hebben geen behoefte aan aanraking door een andere diersoort of mens.’ En: ‘Zeker bij jonge hengsten is het van belang dat wordt voorkomen dat het dier binding krijgt met de mens. Wanneer een jonge hengst te veel wordt geknuffeld, wordt die op latere leeftijd opdringerig en vervelend naar mensen toe. Dit kan voorkomen worden door tijdens een periode van flesvoeding alleen de fles te geven en verder geen interactie met het dier te zoeken. Ook buiten het geven van flesvoeding om wordt knuffelen met het jonge dier niet aangeraden.’

Ook zeggen alpacahouders in het rapport dat hantering door mensen, vooral het scheren, een groot stressmoment is. ‘Ook worden momenten waarop krachtvoer wordt aangeboden, het dekken en de aanwezigheid van vreemde honden en katten als stressfactoren genoemd.’

Kortom: de alpaca kan er ook niks aan doen dat wij hem zo lief vinden. Wie zijn liefde voor het dier wil betuigen, kan hem beter niet verstikken met z’n goedbedoelde aaien en knuffels, maar een andere partner zoeken. Wat was er ook alweer tegen mensen knuffelen?

Luister hieronder naar onze wetenschapspodcast Ondertussen in de kosmos. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Alles over wetenschap vindt u hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next