Amsterdam Fashion Week De jaarlijkse Amsterdamse modeweek was langer en groter dan ooit. De show van Camiel Fortgens was een van de vele hoogtepunten – casual, maar toch ook mode. De indrukwekkendste nieuwkomer was Ülkühan Akgül, met zijn debuutcollectie ‘Etnisch Profiteren ’.
De show van We Fashion: geregisseerd door Halina Reijn.
Je moest even twee keer kijken om te zien dat de show was begonnen, zo casual wandelden modellen van alle leeftijden dinsdagmiddag door het Bilderdijkpark in Amsterdam. Een fiets in de hand, een hond aan de lijn, soms een kleine versterker met muziek in de tas of zak. De kleding die ze droegen was ook casual, maar toch ook mode; een wijde, onafgewerkte knielange denim short met een touw als ceintuur, een kort jack over een loshangend overhemd, een klassieke beige regenjas waarop aan het voorpand stukken overhemd en spijkerbroek waren aangebracht – in elke outfit gebeurde iets interessants.
De show van Camiel Fortgens was een van de hoogtepunten van de jaarlijkse Amsterdam Fashion Week, die deze week plaatsvond en langer en groter was dan ooit. Zes dagen tjokvol modeshows, showroompresentaties, exposities, paneltalks, diners en feestjes verspreid door de hele stad. De modeweek is vooral een springplank voor jong talent en daar lag de focus ook deze editie op. Zo gaf The Patchwork Family, een collectief pas afgestudeerde ontwerpers die uitsluitend met afgedankte materialen werken, een gratis show – die eigenlijk meer een feest was – voor 1.500 man in Paradiso. Ohim, van ontwerper Noukhey Forster, organiseerde een avond met mode, maar ook muziek en film, die een ode aan de zwarte creatieven in de Nederlandse mode-industrie was.
Een ontwerp van The Patchwork Family.
Maar daarnaast stonden er deze keer ook een hoop gevestigde namen op het schema. Zoals Camiel Fortgens, die vijftig verkooppunten over de hele wereld heeft. De show van zijn collectie voor voorjaar 2026 was een reprise van de show die hij in juni in Parijs had gehouden, in een straat in de wijk Le Marais. Maar ook Natan gaf een show, het Belgische modehuis dat Máxima vaak draagt. En Studio Hagel, dat tien jaar bestaat. In een indoor skatepark in Amsterdam-Noord was voor de gelegenheid een grootse, tijdelijke overzichtstentoonstelling ingericht met ontwerpproefjes, schoenen uit de eigen lijn die oprichter Mathieu Hagelaars ontwierp voor merken als Valentino, Off-White en Asics.
De show van Camiel Fortgens.
Dan was er Meryll Rogge, de Belgische ontwerper die afgelopen juli benoemd werd tot de nieuwe creatief directeur van het Italiaanse modehuis Marni. Ze runt daarnaast haar eigen merk en presenteerde nu nog een derde, het op breisels gefocuste merk: B.B. Wallace. In maart en juni waren de truien, vesten, sjaals en rokken met grote silhouetten en een uitgesproken kleurenpalet al gepresenteerd aan inkopers van winkels, maar nu voor het eerst aan een groter publiek. De lancering op een boerderij-restaurant in Ouderkerk aan de Amstel, waar genodigden ook meteen een workshop kaasmaken kregen, was eveneens een hoogtepunt.
Verreweg de bekendste naam op het programma was We Fashion. De betaalbare modeketen met 132 winkels in Nederland, België en Zwitserland gaf een show die was geregisseerd door, ja echt, Halina Reijn. Dat begon met een interview waarin Reijn een vlammend betoog hield voor creativiteit en persoonlijke stijl. Gevolgd door een show met wel erg brave, commerciële kleren. In het Nxt Museum liepen de modellen langs een muur waarop tekeningetjes van vrouwengezichten geprojecteerd werden die Reijn zelf gemaakt had, naast handgeschreven teksten als ‘I dress 4 myself’ en ‘Love who you are’. Naar verluidt had ze zich ook bemoeid met de modellen en de muziek.
Oud Vogue-hoofdredacteur Yeliz Çiçek organiseerde Maison Modeste, een showroom met vier Nederlandse merken die modest fashion maken: wijdvallende en bedekkende, maar modieuze kleren. Daar is steeds meer vraag naar, vertelde Sarah Abbou daar, oprichter van pakkenmerk Suits for Her. Ze verkoopt langere jasjes die de billen helemaal bedekken, naast broeken ook lange rokken, en alles gaat tot en met maat 50. Abbou is eigenlijk adviseur bij een onderwijsinstelling en begon haar merk pas negen maanden geleden, maar wordt dankzij een viral post op LinkedIn al gedragen door bijvoorbeeld Iris de Graaf bij het NOS Journaal en de hoofdredacteur van Harper’s Bazaar.
De show van Tijn Roozen, modellen backstage.
Wie wil weten wat jonge ontwerpers bezighoudt, moet bij Lichting zijn, de jaarlijkse wedstrijd voor recent afgestudeerde modeontwerpers. Bij de shows van de tien finalisten waren opvallend veel handwerk en oude ambachten te zien. Jamie Lugtenberg, die een collectie inspireerde op de strandtent van zijn ouders, maakte een jas van aan elkaar geregen stukjes drijfhout. Tijn Roozen maakt geen kant-en-klare kleren, maar naaikits met voorgeknipte stukken stof, fournituren en instructies waarmee hij mensen weer aan het naaien wil krijgen.
De indrukwekkendste nieuwkomer was Ülkühan Akgül, die in 2023 afstudeerde aan het Amsterdam Fashion Institute met een tien. In de Amsterdamse Manege, waar de gasten op hooibalen zaten, showde hij donderdagavond een debuutcollectie genaamd Etnisch Profiteren waarin hij thema’s als arbeidsmigratie, kapitalisme en diversiteitspolitiek aan bod liet komen. Het eerste model droeg een top die gemaakt leek van corporate krijtstreepstof, maar die van duizenden piepkleine legosteentjes gemaakt bleek. Het refereerde, zo stond in het boekje dat de bezoekers kregen, naar het werk van gastarbeiders, die steen voor steen hun toekomst opbouwden. Een ander model droeg een hemdje met de tekst ‘diversity hire’. Een conceptuele collectie gemaakt met moeilijke materialen als plastic grasmatten, isolerend noppenschuim, koelkastmagneten en glas-in-lood, die tóch aantrekkelijke mode opleverde.
Een ontwerp van Ülkühan Akgül.
Source: NRC