Een roodborstje, had ze gedacht. Elke dag kwam-ie langs en dan kroop het vogeltje zo onder het eigenhandig gevlochten tuinhekje door. Op visite bij Amee, die de afgelopen maanden in een tent in de Scheveningse Bosjes verbleef. Maar nu weet ze dat het geen roodborstje was maar een, wacht, ze haalt een boekje uit haar tas, „gekraagde roodstaart!” Wijzend naar een vrouw met een pet in alle kleuren: „Dankzij Leigh. Zij gaf me dit vogelboekje.”
„Ze houdt van vogels”, zegt Leigh (65), Brits accent, op het ponton voor de daklozenopvang in Haarlem. „Dus ik dacht…”.
„En kijk, hier” – Peter (62), die ertegenover zit, start intussen een YouTube-filmpje – „stijgen we op”. De video, die begint vanuit de cockpit, is een registratie van 1 uur en 3 minuten van een reis die hij ooit maakte naar Abu Dhabi met een tussenstop in Milaan. „Haarlem Schalkwijk. De Molenplas. Daar, in de verte: Zandvoort aan Zee.” Hij vloog samen met zijn vader, piloot bij Martinair. „Ik was boordwerktuigkundige.”
Het is negen uur ’s ochtends en op het ponton gaan sigaretten rond en blikken halve liters Lander Bräu – 65 cent inclusief statiegeld. „Sharing and caring.”
De vorige keer dat ik Amee (29) sprak, woonde ze nog in de bosjes in Den Haag en dat was écht overleven. Ze verbleef toen in een tentje met een Poolse man. Maar ze heeft het uitgemaakt, met hele goede reden, en nu slaapt ze in de nachtopvang.
Deze plek voelt veiliger dan het bos. Amee heeft een kamer die op slot kan en de eerste dag bood haar kamergenote zomaar koekjes aan. „Ik weet haar naam niet eens. Ze spreekt geen Nederlands en is ’s ochtends vroeg weg. Naar werk, denk ik.”
„Kijk, hier…” Op driekwart zet Peter de YouTube-video even stil. „Dat ben ik! Aan het zwembad in Abu Dhabi!” „Wij hebben allemaal zo’n leven gehad”, knikt Leigh. „Mensen zien dat niet.” Helaas, want wie hier op of rond het ponton hangt, krijgt nog wel eens een opmerking van voorbijgangers: „Junkies!”, „Ga werk zoeken!”. Laatst eens vanuit zo’n langsvarende sloep met wijnkoeler. En ja, dat doet pijn.
En natuurlijk is ook een nachtopvang geen ideale woonplek. Voor de deur zijn geregeld ruzies. Zoals over lenen en niet terugbetalen. Sigaretten. En niet iedereen is te vertrouwen. Peter: „Waardevolle spullen stop ik onder de deken.” Leigh knikt. „Sleep on it.”
En net als in het bos, zegt Amee, moet je ook hier vechten voor je plek. Deze locatie telt dertig bedden en dikwijls meer aanmeldingen en wie een paar keer te laat komt, of niet komt opdagen, kan zijn vaste plek kwijtraken. Overkwam laatst Wesley, haar nieuwe vriend. Die staat nu onderaan de reservelijst.
Al die regels. Zucht. En ze worden strikter gehandhaafd, klinkt op het ponton, sinds het Leger des Heils de opvang onlangs overnam van een andere welzijnsorganisatie. Als je een paar minuten na tienen ’s avonds aanklopt is het: buiten slapen. En ergens begrijpen ze het wel, want regels zijn er om te handhaven, maar… Leigh: „In een tent in het bos ben je vrij.”
Ach, voor nu is Amee hier op haar plek. Tussen de eenden op het ponton. „Kijk dan!”, wijzend naar het water. „Met kindjes. Dit is zo mooi!”
Freek Schravesande doet elke donderdag ergens vanuit Nederland verslag.
Source: NRC