Home

Een Kamermeerderheid lijkt nu wél voor een verbod op conversietherapie – om iemands seksualiteit te ‘veranderen’. Wat maakt dit voorstel anders?

Conversietherapie NSC, CDA en BBB zijn positief over aanpassingen in een wetsvoorstel voor een verbod op conversietherapie. Een verbod komt in zicht. „Als je het zelf hebt meegemaakt, weet je hoe schadelijk het gevoel kan zijn dat je niet mag zijn wie je bent.”

Jesse Six Dijkstra (NSC) en Ingrid Michon-Derkzen (VVD) tijdens een debat in de Tweede Kamer over het wetsvoorstel om conversietherapie te verbieden.

Hij moest „wel even slikken”, geeft Alexander Noordijk toe. De 51-jarige predikant uit Monnickendam was dinsdagavond net klaar met een huisbezoek aan een lid van de protestantse kerk in zijn woonplaats, toen hij de livestream inschakelde van een Kamerdebat over conversietherapie.

Noordijk strijdt al jaren voor een verbod op dergelijke ‘homogenezing’ en deelde zijn eigen ervaringen meermaals in de pers. Hij groeide op in een pinkstergemeente, op zijn 23ste werd hij verliefd op een jongen. Om daar ‘vanaf’ te komen, ging hij naar een ‘christenpsychiater’, die beweerde dat zijn homoseksualiteit aan een serotoninetekort lag.

En nu noemde Kamerlid Wieke Paulusma (D66) hem in het debat: „Met deze wet willen we mensen als Alexander [...] beschermen, [...] want er zijn nog altijd personen of organisaties actief die dit soort praktijken uitvoeren.”

Lange tijd leek het er niet op dat de Tweede Kamer in zou stemmen met een verbod op dergelijke conversiepraktijken, maar dinsdagavond stelden drie partijen die aanvankelijk tegen waren zich positiever op. Het gaat om NSC, CDA en BBB. Daarmee lijkt een verbod er nu toch te komen. Drie vragen.

In sommige orthodox-christelijke en islamitische geloofsgemeenschappen ondergaan (jonge) lhbtiq+-personen bepaalde vormen van therapie die tot doel hebben iemands seksualiteit of genderidentiteit te veranderen of onderdrukken. Hoe dat in zijn werk gaat, varieert. Soms gaat het om gesprekken of sessies waarbij ‘demonen’ worden ‘verdreven’, in andere gevallen worden elektrische schokken toegediend.

Predikant Alexander Noordijk onderging drie sessies gebedsgenezing. De ouderlingen van zijn kerk stonden om hem heen, vertelt hij. „Ik moest me voorstellen dat ik in de baarmoeder van mijn moeder zat. Daar moest ik door het vruchtvlies breken om opnieuw geboren te worden, als hetero.”

Onduidelijk is hoeveel Nederlanders dit soort behandelingen hebben ondergaan. Cijfers ontbreken, alleen al omdat voor conversie geen vastomlijnde definitie bestaat. Experts stellen in een onderzoek uit 2020 voor het ministerie van Volksgezondheid dat vijftien personen en organisaties zich weliswaar met conversietherapie bezig zouden houden, maar dat het tegelijk niet om duidelijke ‘loketten’ gaat die kunnen worden gesloten.

Noordijk begeleidt met zes andere ervaringsdeskundigen jongeren die ‘homogenezing’ hebben meegemaakt. „Het gebeurt vaker dan we denken, ik schat dat misschien wel duizend mensen hier de afgelopen jaren schade van hebben ondervonden.” Met zijn team staat Noordijk „tientallen mensen” bij. „Dat begint met luisteren, omdat we het zelf ook hebben meegemaakt weten we waarover ze het hebben. Sommige mensen sturen we door naar de geestelijke gezondheidszorg.”

In landen als Canada en Nieuw-Zeeland werd conversietherapie de afgelopen jaren al verboden. In Nederland dienden D66, VVD, GroenLinks-PvdA, SP en Partij voor de Dieren drie jaar geleden een wetsvoorstel in om conversietherapie bij minderjarigen en volwassenen waar de ‘behandelaar’ overwicht geniet, strafbaar te stellen. Aanbieders van deze behandelingen zouden een geldboete van maximaal 22.500 euro of een jaar gevangenisstraf kunnen krijgen.

De Raad van State, die advies uitbrengt over ieder wetsvoorstel, toonde begrip voor „de wens om conversiehandelingen tegen te gaan”, maar plaatste vraagtekens bij de noodzaak en uitvoerbaarheid van strafbaarstelling. Experts waarschuwden al eerder dat het verbod ook een averechts effect kan hebben: jongeren zouden minder naar hulpverlening stappen.

Die kritiek klonk ook afgelopen februari, toen de Tweede Kamer voor het eerst over het initiatief debatteerde. NSC en CDA vonden dat het wetsvoorstel „vage begrippen” bevatte, die bij hulpverleners tot „handelingsverlegenheid” zou kunnen leiden.

Vorige week vrijdag stuurden de initiatiefnemers van de wet een gewijzigd voorstel naar de Kamer. Daarin komen zij tegemoet aan enkele bezwaren van NSC en CDA, bijvoorbeeld de klacht dat ook een enkel pastoraal gesprek reeds als conversietherapie zou kunnen worden aangemerkt. De indieners benadrukken nu dat het hen om „stelselmatige psychische druk” gaat. Daaronder vallen incidentele gesprekken niet, „ook als in zo’n gesprek (zijdelings) enige psychische druk op die persoon wordt uitgeoefend”. Ook de handhaafbaarheid wordt verduidelijkt: „steeds moet worden bewezen dat de verrichte handelingen een stelselmatig of anderszins indringend karakter hebben”.

Over deze aanpassingen toonden NSC, CDA en BBB zich dinsdagavond tijdens het debat positief. CDA-Kamerlid Derk Boswijk is blij dat „de drempel is verhoogd” waardoor incidentele gesprekken met jeugdwerkers gevrijwaard blijven. Verder ziet hij „de wenselijkheid van het normerende karakter” van het wetsvoorstel. NSC-Kamerlid Jesse Six Dijkstra heeft het over een „duidelijke verbetering”. NSC en BBB dienden nog wel wijzigingen in.

Volgende week stemt de Tweede Kamer over het voorstel. Om aan een meerderheid te komen, is steun nodig van NSC, CDA en/of BBB.

Source: NRC

Previous

Next