Nate Silver | statisticus, pokerspeler Nate Silver kijkt als cijferaar naar de Amerikaanse politiek en samenleving. Hij gelooft in risico’s nemen om te willen winnen. „De rijkste mensen van de wereld verdubbelen hun rijkdom elke tien jaar.”
Nate Silver, statisticus en oprichter van de website FiveThirtyEight.
‘De quants hebben gewonnen. Wij leven in hun wereld.” Aan het woord is Nate Silver, statisticus, analist van politiek, economie en sport, pokerspeler. Hij is zelf een cijferaar, iemand die van kansberekening zijn beroep heeft gemaakt, net als de quants. Hij beschrijft hun triomftocht van meten, analyseren en afrekenen in zijn boek On the Edge (2024). En toch spreekt hij over hen als een andere diersoort. Dat is, zegt hij, omdat hij tússen de twee werelden leeft.
Groot, maar vrijwel onzichtbaar was de invloed die Nate Silver (47) met zijn website FiveThirtyEight jarenlang op de Amerikaanse politiek uitoefende. Zijn methode van wegen van verschillende peilingen en demografische gegevens leverde in het voorjaar van 2008 de nauwkeurigste voorspellingen op tijdens de voorverkiezingen in de aanloop naar de presidentsverkiezingen dat jaar. Op 538 – genoemd naar het aantal kiesmannen in het electoral college dat in het getrapte systeem de Amerikaanse president kiest – zagen de Amerikanen de eerste aanwijzing dat de vrijwel onbekende senator Barack Obama topfavoriet Hillary Clinton zou verslaan in de strijd om de Democratische kandidatuur.
Tegen de tijd dat de presidentsverkiezingen dat jaar aanstaande waren, trok de website al 3,6 miljoen unieke bezoekers, die samen voor meer dan 32 miljoen page views zorgden. Obama won en de prognoses van 538 bleken de uitslag in alle staten, behalve Indiana en het apart getelde tweede district van Nebraska, goed te hebben voorspeld. Nate Silvers reputatie was voorgoed gevestigd. Nadat hij in 2016 Hillary Clinton meer kans gaf dan Donald Trump om president te worden verdedigde Silver zijn prognoses : wat hij had genoteerd was de mate van waarschijnlijkheid dat Clinton of Trump zou winnen. Als de kansen bij een weddenschap.
Uitgangspunt van On the Edge, zegt Silver, „is dat je eigenlijk geen andere keuze meer hebt dan meedoen. Je móet wel strategisch denken, je móet wel enig benul hebben van expected value, anders lig je eruit.” Expected value, de winst die je verwacht van een weddenschap – of van een investering, die twee liggen in de redenering van Silver dicht tegen elkaar aan – is het kernbegrip in zijn boek. Als alles draait om winnen en verliezen („Het voelt goed om geld te verdienen”, schrijft Silver, „het voelt goed om iemand te slim af te zijn”) dan is het juist inschatten van je kansen om te winnen cruciaal.
Silver heeft namen bedacht voor de twee biotopen waarin de wereld volgens hem is verdeeld: the river en the village. In het dorp wonen mensen die overwegend progressief stemmen, die vinden dat de staat zich intensief met de maatschappij moet bemoeien, die bijvoorbeeld vinden dat uitlatingen op sociale media moeten worden gemodereerd. Dorpelingen zijn volgens Silver relatief hoog opgeleid, conformistisch, zoekend naar solidariteit en voorzichtig, iets wat tot uiting kwam in hun standpunt over de lockdowns tijdens de coronapandemie: die konden hen niet breed genoeg zijn en lang genoeg duren.
Op de rivier drijven mensen die graag gokken en willen winnen. Die risico’s nemen en de overheid buiten hun leven willen houden. Zij zijn kritisch, onafhankelijk, individualistisch en analytisch. Voor hen is de wereld geen holistisch geheel maar een verzameling losse delen, en elk daarvan moet je op z’n merites bekijken om maximaal voordeel te vinden. De villagers kom je bovengemiddeld veel tegen in banen aan de universiteit en in de media. De typische riverians zijn tech-bro’s en durfkapitalisten.
Silver voelt zich meer thuis op de rivier. Riverians, schrijft hij, are my kind of people. Niet zo gek voor iemand die van statistieken zijn beroep heeft gemaakt, die pokert op professioneel niveau en die een succesvolle onderneming heeft opgezet.
On the Edge is een spijkerhard boek. Wie niet mee kan roeien in de stroom, die blijft achter. In het videogesprek vanuit zijn huis in New York, onder zijn honkbalpetje en af en toe in zijn ogen wrijvend omdat het voor hem vroeg in de morgen is, drukt Silver zich beslist milder uit.
Nate Silver Foto Dolly Faibyshev/Redux
Was u als jongetje een waaghals?
„Toen ik als jongetje op een zomerkamp was, daagde een begeleider me uit: durf je in je eentje in het donker rond het meer te lopen? En daar ging ik met mijn zaklamp. Dat was, denk ik nu, best een risico en vooral een dom idee. Ik weet niet wat me bezielde, behalve dan verveling.”
Met poker kwam hij in aanraking toen hij een jaar of 18, 19 was. „In het begin snapte ik er niks van, maar ik werd gauw beter. In van die treurige casino’s waar vooral ex-gevangenen speelden, die aan tafel rookten en dronken. Op hun gezichten las je welke kaarten ze hadden en of ze bluften.”
Dertig jaar professionalisering en pokeranalyses hebben het spel veranderd. De verschillen tussen de spelers zijn kleiner geworden en dus de kans dat je wint – ook alweer een punt waarop gokken, politiek en investeren overeenkomen. De edge uit de titel van zijn boek is het kleine voordeel dat een gokker vindt om groots te winnen. Kleine kansen, grote winsten.
Sommige riviermensen hadden hun geld in 2016 al op Trump gezet omdat het een lucratieve weddenschap was. Ja, zijn kans was kleiner dan die van Clinton, maar bij winst zou de uitkering dan ook des te groter zijn.
Winst in geld? Omdat ze met vrienden in een pooltje hadden gewed?
„Sommige mensen hadden er inderdaad een echte weddenschap van gemaakt. Ik krijg nog altijd drankjes aangeboden door gokkers die zeggen dat ze destijds veel geld hebben verdiend dankzij onze prognoses. Als je in het najaar van 2016 naar tv keek of The New York Times las, had je het idee dat Hillary Clinton de meubels voor het Oval Office al kon uitzoeken. In ons model gaven we Trump een kans van 30 procent om te winnen. Voor iemand die niet gewend is te gokken, lijkt dat een kleine kans. Maar voor gokkers is een kans die onder de 50 procent ligt, maar hoger is dan wat de markt verwacht – en de meeste peilingen gaven Trump minder kans – een goeie gok. Zo’n weddenschap zul je vaak verliezen, maar als je wint, is de uitkering ook meteen plezierig hoog.
De wereld – of het nu die van de techbedrijven is, die van de gokwereld of van de politiek – is uitentreuren opgemeten en doorgerekend. Zie de fanatieke pogingen om zoveel mogelijk zetels uit een staat te persen door middel van perfect partijdig getekende districtskaarten. „Elke verkiezing komt in feite uit op om en nabij de 50-50.” De marges om te winnen of te verliezen zijn kleiner en kleiner geworden. Maar de expected value is gigantisch.
Trump 2016 was ook in politieke termen een goeie gok. Destijds was Peter Thiel, investeerder en oprichter van PayPal, een van de weinige tech-bro’s die Trump steunden. Silver interviewde Thiel voor zijn boek. „Hij zei me dat kiezen voor Trump hem domweg voorkwam als een goeie investering. De Democratische Partij is de partij van de universitair geschoolden, van de elite. Als een Democraat aan de macht komt, concureren heel veel machtige mensen om zijn aandacht, die vertellen hem wat zijn prioriteiten zouden moeten zijn. Heel veel mensen tegelijk proberen aan de touwtjes te trekken en dat maakt het onzeker welke kant hij op gaat. Thiel was in Trumps eerste termijn een van de weinige techinvesteerders die met de president op goede voet stonden.”
Dat is nu wel anders, de techbedrijven staan in de rij voor Trump.
„In de aanloop naar de verkiezingen van 2024 begrepen mensen goed hoeveel macht Trump 2.0 zou hebben en hoe vastbesloten hij was om die te gebruiken. Hij rukt en sleurt aan alle knoppen van de macht – misschien soms in strijd met de grondwet. Hij kan wijzen op een dramatische daling van het aantal immigranten. Ik ben zeer pro-migratie, maar hij heeft die belofte wel ingelost.
„Trump heeft dingen gedaan waar invloedrijke conservatieve bloggers al lang voor pleitten. Hij heeft een eind gemaakt aan positieve discriminatie, aan diversiteitsbeleid. Hij heeft Elon Musk en een stel 25-jarigen losgelaten op de overheid. En bijna iedereen voelt wel voor het inkrimpen van de overheid. Een van de ergste dingen die Trump in mijn ogen heeft gedaan, is het ontslaan van het hoofd van het bureau voor arbeidsmarktstatistiek. Daar worden de beste economische gegevens ter wereld geproduceerd. En ze zijn strikt onpartijdig.”
In uw boek schrijft u dat u in 2016 stemde op Hillary Clinton. Heeft u in 2024 op Trump gestemd?
„Nee, op Kamala Harris. Om twee redenen kon ik niet voor Trump stemmen. De bestorming van het Capitool door zijn aanhangers op 6 januari 2021. En zijn geloof in invoerheffingen.”
Is Trump een ‘riverian’?
„Nee! Hij heeft misschien wel een achtergrond in de casinowereld [Trump bezat enkele casino’s maar begin jaren 90 ging de een na de ander failliet, red.] maar hij laat zich veel te veel leiden door zijn onderbuikgevoel. Hij snapt iets van onderhandelen en speltheorie. Hij begrijpt macht. En hij gaat risico’s aan. Maar hij neemt die risico’s op basis van gevoel, niet op basis van analyse. Hij bezit onvoldoende het vermogen om vooruit te kijken en te plannen. Het is allemaal improvisatie.
„Vergelijk dat met de durfkapitalisten en de ondernemers die een eigen bedrijf zijn begonnen. Het heeft dertien jaar geduurd eer SpaceX winst maakte. En wie had twintig jaar geleden ooit gedacht dat halfgeleiders zo winstgevend zouden zijn? De langetermijnvisie van investeerders heeft echt iets bijzonders opgeleverd. De rijkste mensen van de wereld hebben allemaal een riverian achtergrond, en ze verdubbelen hun rijkdom elke tien jaar.”
Economen voorspelden dat het beleid van Trump desastreus zou uitpakken. Het is (nog) niet te zien.
„Ik was deze zomer in Las Vegas, het Mekka van cijfers en kansen, en daar komen nu 10 procent minder bezoekers. Ik geloof niet dat de economie al uit de gevarenzone is. Kan best zijn dat we over twintig jaar terugkijken en vaststellen dat, ja, Trump alle instituten heeft ondermijnd en uitgehold. Maar hee, het heeft niks uitgemaakt. Het kapitalisme heeft de boel weer in evenwicht getrokken.”
Zou het heus?
„Ik ben sceptisch.”
In uw boek is een kaartje afgedrukt van The River en The Village. Bij de Village staan een toren van Pisa en 19de eeuwse huizen. Is Europa in slaap gesukkeld?
„Mijn boek gaat vooral over de VS. Het is geschreven door een Amerikaan en het beschrijft Amerikaanse fenomenen. Maar, ja, de village hééft trekjes van Europa. Elke keer dat ik in Rome kom, ziet het er hetzelfde uit. Ik ben drie keer naar Hongkong geweest, elke keer zag het er heel anders uit.
„Ooit was de Amerikaanse economie ongeveer even groot als de Italiaanse. Ons bruto nationaal product groeit jaarlijks met zo’n 2,5 procent per jaar. Italië heeft de afgelopen 25 jaar weinig economische groei gekend. Nu is de Amerikaanse economie ruim tien keer zo groot als de Italiaanse.
„Als de river het bij het rechte eind heeft, en AI is een belangrijke ontwikkeling – daar hebben ze ongelooflijk veel geld in geïnvesteerd – dan zal dat het verschil tussen Amerika en Europa nog veel groter maken. De technologische vernieuwingen vereisen zoveel kapitaal, de beste ontwikkelaars worden voor miljoenen en miljoenen geworven. Meta en Google zijn nu al de machtigste bedrijven ter wereld en de ontwikkelingen rond AI zouden ertoe kunnen leiden dat de Verenigde Staten, niet de jure, maar de facto, worden geregeerd door machtige bedrijven, in een wereld die steeds verder geautomatiseerd is. Het lijkt me bepaald niet onmogelijk.
„Nou ja, misschien is er ook iets te zeggen voor de Europese manier van leven. In de VS stagneert de levensverwachting. Vooral bij mannen.”
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC