Home

Opinie: Ook na het populistische kabinet-Schoof moet politiek vooral niet saai en pragmatisch zijn

Er is veel kritiek op ‘symbolische’ maatregelen van het kabinet-Schoof en dito moties van de oppositie, maar die drukken juist waarden uit die van belang zijn voor kiezers. En die een rol moeten spelen in het politieke debat.

In de verkiezingsnotitie die het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) vorige maand presenteerde, riep het de politiek op om daadkracht en verbinding te tonen en met realistische oplossingen te komen voor acht urgente maatschappelijke opgaven.

Hoewel een directe verwijzing naar het kabinet-Schoof in de notitie ontbreekt, lijkt het SCP met deze oproep aan te sluiten bij de hoop die de afgelopen maanden in veel analyses te lezen was: kiezers hebben na een jaar vol symboolpolitiek hun lesje wel geleerd en zullen hun heil weer zoeken bij ‘verantwoordelijke’ partijen die wel aan echte oplossingen voor de complexe problemen in het land willen en kunnen werken.

Over de auteur

Teun Toonen is onderzoeker bij de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur en heeft een achtergrond in de politieke filosofie. Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Symboliek heeft in dergelijke analyses vooral een vieze smaak: als een politieke uiting of handeling ‘symbolisch’ wordt genoemd, wordt bedoeld dat deze niet uitvoerbaar of handhaafbaar is, of slechts ‘voor de bühne’. Dit geldt bijvoorbeeld voor de veelbesproken motie-Piri van voor het zomerreces, over het stoppen met het leveren van wapens, inclusief onderdelen voor Israëls luchtverdediging.

Waardenloze politiek

Deze motie kreeg het verwijt symbolisch te zijn, omdat GroenLinks-PvdA van tevoren wist dat de motie geen meerderheid ging halen. Waar die symboliek eigenlijk op wijst, is dat de partij zich duidelijk positioneerde op een thema dat de krantenkoppen al bijna twee jaar domineert en de samenleving verdeelt.

Het laat zien dat politiek en symboliek onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Met de ‘symbolische’ motie laat GroenLinks-PvdA zien voor welke waarden het symbool staat en zoekt het de inhoudelijke tegenstelling met andere partijen op. Gebeurtenissen in de wereld krijgen op deze manier betekenis en feiten worden zo verpakt in waardengedreven visies.

In het boek Waardenloze politiek laat politicoloog Tom van der Meer overtuigend zien dat het daar in de afgelopen jaren juist aan schortte binnen de Nederlandse democratie. Op belangrijke politieke vraagstukken gingen met name middenpartijen fundamentele inhoudelijke tegenstellingen en waardendiscussies uit de weg door hun politieke afwegingen te presenteren als technocratische noodzaak en pragmatische uitvoeringsvraagstukken. Daarmee werden de conflictdimensies die zo belangrijk zijn voor de democratie naar de achtergrond verdrongen en werden de inhoudelijke verschillen tussen partijen voor kiezers minder duidelijk.

Hoewel de daadkracht, het realisme en de verbinding waar het SCP voor pleit mooi klinken (wie is hier nou op tegen?), schuilt hierin het gevaar dat politiek opnieuw waardenloos wordt.

Meetbare doelen

De nadruk op opgaven of problemen met een zekere urgentie – of het nu gaat over migratie, weerbaarheid, klimaat of een ander urgent thema – gaat vaak gepaard met wat de Britse politicoloog Jonathan White in zijn boek Over honderd jaar ‘de taal van de noodzaak’ noemt. Politici raken gefocust op het wegnemen van onzekerheid door het stellen van meetbare doelen. Niet democratische verbeeldingskracht staat dan nog centraal, maar een ‘realistische’ toekomst van targets en deadlines die daadkracht moeten uitstralen.

Uiteraard is het belangrijk dat partijen duidelijke keuzes maken en geen onhaalbare beloftes doen. Maar die keuzes moeten niet gepresenteerd worden als noodzaak of onvermijdelijkheid, maar als politíeke keuzes, oftewel afwegingen tussen verschillende waarden en belangen die op een symbolische wijze worden verbeeld. Juist in campagnetijd moeten partijen hun inhoudelijke verschillen benadrukken en met ideologische vergezichten, proefballonnetjes en waardengedreven visies laten zien waar ze voor staan.

Zolang de wederzijdse aanvallen tussen partijen op de bal en niet op de man zijn, zou het daarna prima mogelijk moeten zijn om de inhoudelijke verschillen te overbruggen en met elkaar een coalitie te vormen, waarin ideeën worden omgezet in concrete plannen.

Na het populistische kabinet-Schoof moet politiek vooral niet saai en pragmatisch zijn, maar juist tot de verbeelding spreken, waarbij symboliek niet wordt geschuwd. Anders drijft de kiezer weer in de armen van populistische partijen.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next