Home

‘We krijgen nog steeds brieven van mensen over de coronaperiode. Het leeft nog steeds heel erg’

Daan de Kort | voorzitter coronacommissie De parlementaire enquêtecommissie is halverwege haar onderzoek naar het coronabeleid en werkt stug door. Maar met de verkiezingen in zicht dreigt de commissie gedecimeerd te worden. Haalt ze de eindstreep wel?

Daan de Kort, voorzitter van de parlementaire enquêtecommissie Corona.

Terwijl het grootste deel van politiek Den Haag nog met zomerreces is, wordt op de achtste verdieping van het Kamergebouw al twee weken hard doorgewerkt. Daar zit de parlementaire enquêtecommissie die onderzoek doet naar het coronabeleid van het kabinet en de Tweede Kamer. Er is veel werk te doen; het wordt met 32 maanden een van de langste enquêtes ooit. „Het belangrijkste doel is waarheidsvinding en lessen trekken”, zegt commissievoorzitter Daan de Kort (VVD). „Maar we hopen ook te kunnen bijdragen aan collectieve traumaverwerking.”

Wat bedoelt u daarmee?

„Corona had impact op iedereen, we hebben het allemaal meegemaakt. Neem de lockdowns, de avondklok, het coronatoegangsbewijs. Denk aan familie en vriendengroepen die tegenover elkaar kwamen te staan. De polarisatie. Het was een ingrijpende en heel intensieve periode. De meeste mensen zijn daarna weer snel doorgegaan met hun leven, maar nog niet iedereen heeft het verwerkt.”

Waarom denkt u dat?

„We hebben werkbezoeken gedaan op een mbo-school, op een IC-afdeling. We hebben jongeren gesproken, horecaondernemers, verpleeghuismedewerkers, de uitvaartbranche. Iedereen wilde met ons praten. Het waren indringende gesprekken, het riep echt emoties op. We krijgen nog wekelijks brieven waarin mensen hun verhaal doen. Dat is veelzeggend. Het leeft nog heel erg.”

Dat klinkt alsof dit de belangrijkste parlementaire enquête ooit is…

„Dit is heel belangrijk. We móéten ervan leren, zodat we beter voorbereid zijn bij een volgende pandemie. We kunnen ook lessen trekken die nuttig zijn voor andere langdurige crises. Sabotages, watersnood, je weet niet wat er gaat gebeuren.”

Foto van de parlementaire enquêtecommissie na afloop van de constituerende vergadering. Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

De Kort vertelt dat de commissieleden, voor ze begonnen, eerst hun eigen corona-ervaringen hebben gedeeld. In een enquêtecommissie zitten betekent een lange en intensieve samenwerking, zegt De Kort. „Het is goed om van elkaar te weten hoe iedereen die periode heeft beleefd. Dan hoor je echt wel indrukwekkende verhalen.”

Wat is uzelf het meest bijgebleven?

„Ik mag niet klagen. Ik heb wel corona gehad, maar ben gezond gebleven. Mijn inkomen liep gewoon door, in tegenstelling tot bijvoorbeeld ondernemers die failliet zijn gegaan.

„Ik weet nog heel goed die eerste persconferentie, toen heel Nederland met maatregelen te maken kreeg. Dat was 15 maart, voor mij persoonlijk een belangrijke datum. Ik heb een visuele beperking die ik op 15 maart 2008 heb gekregen. Op 15 maart ga ik elk jaar met mijn ouders uiteten, een beetje rare traditie. Dit keer zei ik tegen ze: ‘We hebben gereserveerd maar ik denk niet dat het doorgaat.’ En toen ging inderdaad alle horeca dicht.

„Ik weet ook nog de avondklokrellen in Eindhoven – ik woonde toen in Veldhoven –, die ik live op Omroep Brabant volgde. Ik dacht: ‘Wat gebeurt hier allemaal?’. Zo heeft iedereen zijn eigen verhalen.”

De commissie bestaat, naast De Kort, uit leden van de PVV, GroenLinks-PvdA, BBB en NSC. Belangrijke thema’s in hun onderzoek zijn de besluitvorming van kabinet en Tweede Kamer, de rol en onafhankelijkheid van adviseurs als het OMT (Outbreak Management Team), RIVM en de planbureaus, de omgang met coronacritici en de inperking van de grondrechten.

Hoever bent u?

„We zijn halverwege de besloten voorgesprekken. We hebben 42 van de ruim 80 mensen gesproken. In de eerste helft van volgend jaar verwachten we de openbare verhoren, en daarna moet het rapport nog worden geschreven. Ik schat dat we nog zo’n anderhalf jaar bezig zijn.”

Luisterend naar De Kort klinkt het alsof de commissie als een tierelier draait, maar de praktijk is weerbarstiger. Al sinds de Kamer eind 2021 unaniem instemde met de enquête en een tijdelijke commissie het onderzoeksvoorstel ging uitwerken, rommelt het. Partijen bleken het oneens over welke onderwerpen moesten worden onderzocht, vonden het onderzoek te uitgebreid en vreesden dat het een afrekening met het kabinet zou worden. Ook de aanwezigheid van coronasceptische Kamerleden als Pepijn van Houwelingen (FVD) en Wybren van Haga lag gevoelig.

Na aanpassing van het onderzoeksvoorstel – het onderzoek werd korter en sommige thema’s werden geschrapt – kon de officiële Corona-commissie aan de slag. Ook werd een gedragscode afgesproken waarin staat dat de leden in Kamerdebatten niet over corona spreken en zich op (sociale) media onthouden van uitingen over corona.

Toch bleef het ook daarna onrustig. Partijen stapten uit de commissie en keerden weer terug (BBB, FVD) en leden werden tussentijds vervangen (BBB, FVD, NSC). FVD’er Gideon van Meijeren stapte dit voorjaar definitief op. Hij stelt dat hij geen toegang kreeg tot drie miljoen primaire bronnen – ambtenaren zouden een voorselectie maken – en niet zelf mocht bepalen wie hij straks openbaar mag verhoren en welke vragen hij dan mag stellen. „Een doofpot”, vond hij.

Dat verhaal klopt niet, stelt De Kort. „Ieder commissielid kan bij alle documenten; we kunnen overal bij.” Van Meijerens andere wens, zelf kunnen bepalen hoe en wie hij wil verhoren, kan niet. De Kort: „Dat bepalen we gezamenlijk als commissie. We zitten daar namens de hele Tweede Kamer. Gideon wilde een eigen onderzoek doen binnen ons onderzoek, dat kan niet.”

Van Meijeren wist ook waar hij aan begon, zegt De Kort. Sterker, diens voorganger Pepijn van Houwelingen heeft „negen maanden constructief meegewerkt. Toen was het nooit een probleem”.

Een commissie met zoveel personele wisselingen, is dat nog wel werkbaar?

„Het aantal wisselingen valt eigenlijk wel mee. Het merendeel van de commissie bestaat nog uit dezelfde mensen.”

Maar blijft dat zo met de verkiezingen in zicht? Twee van de vijf leden zijn niet meer verkiesbaar, ondervoorzitter Anita Pijpelink (GroenLinks-PvdA) staat op plek 26 – niet echt een veilige plek.

„Tussentijdse verkiezingen zijn niet handig, nee. Maar het is ook hoe politiek werkt. Politiek is onzeker. Ik hoop natuurlijk dat zoveel mogelijk collega’s worden herkozen.”

Daan de Kort (VVD) schudt de hand van Kamervoorzitter Martin Bosma (PVV). Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

U werd zelf op plek 21 op de VVD-lijst gezet terwijl uw partij daalt in de peilingen. Vindt uw eigen partij deze commissie wel belangrijk als u zo’n lage plek krijgt?

„Als je naar de eerste vijftien op onze lijst kijkt, zie je dat de helft daarvan in het kabinet zit of heeft gezeten. De VVD-leden hebben mij nu op plek 20 gezet, daar ben ik heel blij mee. Dat is bij de VVD echt een hoge plek. En sinds de jaren zeventig heeft de VVD nooit minder dan 22 zetels gehaald. Dus daar maak ik me persoonlijk niet zo druk om.”

Sterft de commissie geen stille dood als straks een groot deel – of alle – leden van de commissie niet worden herkozen?

„Er zullen altijd nieuwe leden gevonden worden. Dat willen de fracties in de Kamer ook; er was unaniem steun voor deze enquête. Het vraagt natuurlijk veel van een Kamerlid als je tussentijds toetreedt, je moet een inhaalslag maken. Maar alles is gedocumenteerd, we praten iedereen bij. Hoogstens loopt de commissie wat vertraging op. Vergeet niet dat de vorige enquêtecommissie, Fraudebeleid en Dienstverlening, ook te maken had met tussentijdse wisselingen. Na de verkiezingen in 2023 had die maar drie leden over.”

Werken dit soort enquêtes nog wel in deze tijd van politieke versplintering en vele verkiezingen?

„Dat denk ik wel. Kleinere partijen als BBB hebben ook gewoon iemand vrijgemaakt.”

Het roept toch de vraag op of dit onderzoeksinstrument, het zwaarste dat de Kamer heeft, niet aan vervanging toe is?

„Die vraag moet je me na afloop van parlementaire enquête maar stellen. Dan kan ik uitgebreid terugblikken op hoe het onze commissie is vergaan.”

Vaccins Zeven miljoen

Deze week heeft het RIVM de eerste uitnodigingen verstuurd voor een herhalingsprik tegen corona. Tot half oktober ontvangen zo’n zeven miljoen mensen een uitnodiging.

De uitnodigingen worden verstuurd naar ouderen vanaf 60 jaar, mensen van 50 tot en met 59 jaar die jaarlijks een uitnodiging voor de griepprik krijgen en kinderen en volwassenen met een medisch hoog risico. Ook worden zorgmedewerkers die direct contact hebben met kwetsbare patiënten uitgenodigd een prik te halen. De vaccins – van Pfizer – worden tussen 15 september en 6 december gezet.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC De Haagse Stemming

Volg politiek Den Haag op de voet en word zelf een Haagse ingewijde

Source: NRC

Previous

Next