Theaterprijs Prijzen voor regie en spel in theater zijn er al decennia. Vanaf dit jaar worden tijdens het Gala van het Nederlands Theater ook prijzen uitgereikt aan ontwerpers van bijvoorbeeld decors en licht. „Rookeffecten laten zich goed dresseren.”
‘After Us’ met lichtonwerp van Varja Klosse.
In 2022, tijdens het Gala van het Nederlands Theater, bezette een groep gemaskerde demonstranten onaangekondigd het podium. ‘Actie Onbekend’, stond te lezen op een in de lucht gestoken stuk karton. De boodschap: het was hoog tijd dat er, naast onderscheidingen voor regie en spel, ook prijzen kwamen voor ontwerpers in de theatersector. Zonder vormgeving geen voorstelling.
Dit jaar is het zover: tijdens het Gala van het Nederlands Theater op zondag 14 september wordt voor het eerst de zogenaamde Ontwerpersprijs uitgereikt. Een jury onder leiding van kostuumontwerper Carly Everaert, nomineerde acht ontwerpers (ook teams), verdeeld over vijf categorieën: decor, geluid, kostuums, licht en – voor producties waarin de vormgeving meer collectief tot stand kwam – gezamenlijk ontwerp.
In september is er in de ITA Bookshop een gratis expositie te bezoeken rondom het werk van de genomineerden. Zo kan een breed publiek kennismaken met hun ontwerpen.
NRC sprak drie van de genomineerden.
‘Mantike’ met regie en decor van Benjamin Abel Meirhaeghe.
Studeerde: Performance aan de Toneelacademie Maastricht (2014-2018)
Raakt geïnspireerd door: de Grotten van Lascaux
Benjamin Abel Meirhaeghe (1995) is regisseur, performer, zanger, scenograaf en mede-artistiek leider van het Toneelhuis in Antwerpen. Hij is genomineerd voor zijn decorontwerp voor de voorstelling Mantike, die hij zelf ook regisseerde.
Meirhaeghe: „De tekst van Mantike, een monoloog geschreven door Louise van den Eede, is een klankgedicht. Mijn wens was dat ook alles op het toneel een stem zou krijgen: het licht dat verschuift, getimede rook, sculpturen die niet enkel schoonheid tonen, maar ook banaliteit. Ik ben trots dat Mantike inderdaad een ‘gedicht in de ruimte’ is geworden. Het podium werd een resonantieplek, waar we samen konden dwalen tussen de relieken, ruïnes en toekomstbeelden. Als archeologen.
Ruimtes die ik graag op het toneel zie, voelen als rituele ruimtes, waar futurisme en het verleden elkaar kruisen. ‘Oerfuturisme’, noemde een recensent het. Ik ben geïnteresseerd in ruïnes. Ik wil ze niet opruimen en al helemaal niet heropbouwen, ik wil ze vieren. Neem de afgebrande Notre Dame: de brand was nog niet geblust of de plannen voor de renovatie lagen al klaar. Persoonlijk had ik hem graag voor eeuwig in brokken en as gelaten.
Wat je in mijn ontwerpen niet tegen zult komen: beige, plastic, paardendekens, bloed, spiegels, truttigheid, té goede smaak, oppervlakkige symboliek, braafheid, voorspelbaarheid, gladde oppervlakken, conceptuele boxen, natuurlijke belichting, groene en rode kleurencombinaties, te veel stof, glitter-gordijnen, meer dan drie meubels, overdreven minimalisme, betekenisvolle ornamenten, lijnen met tape op de vloer, religieuze symbolen, filmprojecties, schermen, plastic planten, kant-en-klare kunstwerken, regenboogkleuren, de dood, een deur.
Voor mij is een decorontwerp geslaagd wanneer het een uitnodiging is tot ‘schouwen’; met volle aandacht bekijken, niet enkel consumeren. Het gaat niet om een mooi plaatje, een geslaagd decor is een ruimte die als het ware ‘terugkijkt’ naar het publiek. Een decor moet weerstand bieden, vragen oproepen. In het maakproces probeer ik mijn intuïtie te volgen en in mijn eigen – vaak volstrekt onverklaarbare – beelden te geloven. Een decor moet eigenlijk een totaal raadsel blijven voor mijzelf. Ik wil niet eens in de buurt van een oplossing komen.”
‘SONGOFSONGS’ met ‘verf en stof’ van Lotte Goos. Deze voorstelling is voor het gezamenlijke ontwerp (onder meer concept, licht, muzikale compositie) genomineerd.
Studeerde: Theatervormgeving en kostuumontwerp aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (2000-2004)
Raakt geïnspireerd door: digitale beeldcultuur versus bestaande tradities en oude rituelen
Lotte Goos (1981) is kostuumontwerper. Samen met de rest van het ontwerpersteam van Boogaerdt/VanderSchoot is ze genomineerd voor de vormgeving van de voorstelling SONGOFSONGS. Naast Goos bestaat dit team uit Suzan Boogaerdt (concept, uitvoering), Bianca van der Schoot (concept, regie), Rodrik Biersteker (vormgeving video-diorama), Julian Maiwald (installatie en lichtontwerp) en OTION (muzikale compositie).
Goos: „Ik begin mijn ontwerpen altijd met het aanleggen van een plaatjesboek. Van internet pluk ik beelden die me inspireren. In het geval van SONGOFSONGS was er een thema bekend, er was al een script, en we wisten dat we het over niet-menselijke wezens wilden laten gaan. Daarin zat meteen een grote uitdaging voor de kostuums: hoe zorg je ervoor dat je het lichaam van de performers niet negeert, en toch overtuigend de illusie wekt dat je naar iets niet-menselijks zit te kijken?
Ik werk al heel lang met veel plezier samen met Boogaerdt/VanderSchoot, mede omdat Suzan [Boogaerdt] en Bianca [van der Schoot] binnen het makersteam zo’n groot onderling vertrouwen weten op te bouwen. Ontwerpen ontstaan er geleidelijk, in een gezamenlijk proces. Ik laat mijn ideeën aan de groep zien, we hebben het erover, en op basis van die uitwisseling ga ik aan de slag met materialen. We proberen iets uit, er ontstaan weer nieuwe ideeën, ik maak weer iets nieuws, en zo groeit de voorstelling. Het is een vloeibare manier van ontwerpen. Je bent continu in gesprek. Daarom ben ik ook zo blij dat we als collectief genomineerd zijn. Wat mij betreft hadden de performers daar ook bij gehoord. Zonder performers zijn mijn kostuums gewoon lege lapjes stof. Daarover denk je niet: goh, wat een mooie lap stof zeg. Mijn ontwerpen werken alleen bij de gratie van de performers die ze tot leven wekken.
Het is lastig om te definiëren wat een goed ontwerp is; het staat altijd in relatie tot de andere elementen van een voorstelling. Als kostuumontwerper vind ik het belangrijk om mij dienstbaar op te stellen. Egoloos. Dat maakt zo’n prijs, hoe fijn ook, ook ingewikkeld. Je kunt nog zulke mooie kostuums maken, uiteindelijk gaat het erom of ze iets bijdragen aan de productie waar je ze voor maakt. Soms is een heel lelijk of een heel saai kostuum een goed kostuum, gewoon omdat het precies is wat de voorstelling nodig heeft.”
Studeerde: Opleiding Techniek en Theater aan de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten (2012-2016)
Raakt geïnspireerd door: de natuur; alles wat we proberen te creëren in het theater is gebaseerd op wat we in de natuur zien
Varja Klosse (1987) is lichtontwerper. Ze is genomineerd voor haar lichtontwerp voor de voorstelling After Us van Theater Rotterdam en Davy Pieters.
Klosse: „After Us gaat over vergankelijkheid; over dat wat haast onopgemerkt verdwijnt, en vergeten wordt. Over rouw, zou je kunnen zeggen. Veel wordt aan de eigen interpretatie van de toeschouwer overgelaten. Mensen nemen hun eigen bagage mee, licht of minder licht, waarmee ze de beelden die wij ze aanreiken zelf laden met emotie.
Davy [Pieters, de regisseur] ontwierp voor After Us een minimalistisch decor, helemaal wit. Ik was verantwoordelijk voor dat wat binnen dat toneelbeeld verschijnt en verdwijnt; licht en rook. Met het artistieke team ontwikkelden we het concept, vol misteffecten. Eigenlijk is het belangrijkste element van de scenografie de mist.
Er moest verdwenen kunnen worden, dat was duidelijk. Hoe konden we, in een middelgrote zaal, voor elkaar krijgen dat iemand helder uitgelicht is, maar als ze twee stappen achteruit zet volkomen in de mist verdwijnt – dat was een van de uitdagingen.
Een hele repetitiedag lang hebben we alleen maar filmpjes gemaakt van rookeffecten. Vijf verschillende soorten rookmachines hebben we gebruikt, met rook die snel wegtrekt of juist lang blijft hangen. De meeste beelden uit de voorstelling zijn ergens gedurende die dag vanuit een experiment ontstaan. Een nevelwaterval van boven uit het grid bijvoorbeeld, die landt in een rooktapijt, waardoor twee luchtstromen op elkaar botsen en een soort explosie van mist teweegbrengen. Een waanzinnig mooi, emotioneel beeld.
We wisten niet of het überhaupt mogelijk was, maar rookeffecten blijken zich goed te laten dresseren. Het ziet er allemaal heel organisch uit – rook is een soort adem – maar achter de schermen hebben we tot op de milliseconde uitgerekend hoe we de machines moesten instellen om exact deze effecten te creëren. Urenlang hebben we samen met onze lichtoperator Marvin van den Berg zitten finetunen. Ik werk altijd net zolang door tot ik zelf ontroerd raak door de beelden die ik maak. Het was een monsterklus, maar een feest om aan te werken, want het is zo prachtig geworden. De beelden raken me echt.”
Geluidsontwerp
Touki Delphine | Chris Doyle, Rik Elstgeest, Bo Koek (compositie), Will-Jan Pielage (geluidsontwerp), John van Oostrum (installaties): Het Zomeroffer door De Warme Winkel en Asko|Schönberg, Amsterdamse Bostheater
Geluidsontwerp
Ruben Nachtergaele: Tochtgat door Jef van Gestel & Peter Vandemeulebroecke, Feikes Huis
Gezamenlijk ontwerp
BrotherTill & Lisa Weeda (concept), Peter van Til (decorontwerp en licht), Mathijs van Til (geluidsontwerp en muziek), Wieger Steenhuis (interactive design & video), Wendy van der Waal (motion graphic design), Saskia van der Klei (kostuum): Dans Dans Revolutie door Lisa Weeda, BrotherTill / Theater Bellevue
Kostuumontwerp
Carmen Schabracq: Mama Dada door Ludwig Bindervoet, Theater a/d Rijn
Kostuumontwerp
Hanne Pierrot: Jongensuren door Koen Verheijden, Toneelschuur Producties
Source: NRC