Criminaliteit De Tweede Kamer wordt al jaren voorgehouden dat overlastgevende asielzoekers worden aangepakt met een ‘Top X-lijst’. Maar in Baarn zet een jeugdbende andere bewoners aan tot diefstal, terwijl de politie en gemeente van niets weten. „Daar, in het bos, werd ik in elkaar geslagen.”
Minderjarige asielzoekers voor de ingang van de opvanglocatie in Baarn.
In het bos achter Paleis Soestdijk klinkt een schreeuw. Een Syrische tiener is met een smoesje het bos in gelokt, nu staat ineens de ‘leider’ van het asielzoekerscentrum pal voor hem. Uit het niets heeft hij een klap gekregen. En toen nog een. Als je dit doorvertelt, bijt de leider hem daarna toe, sla ik je weer in elkaar.
In een bebloed T-shirt loopt de tiener terug naar het azc van Baarn. Wanneer begeleiders vragen wat hem is overkomen, wil hij het niet vertellen.
Diezelfde maand sluipt dezelfde ‘leider’ de kamer binnen van een andere Syrische tiener. Hij draait de deur op slot. Een vriend weet nog net te ontsnappen en waarschuwt de begeleiders. Die komen te laat: ze vinden de tiener gewond op de grond. Ook hij durft niets te verklaren. „Sommige jongens zijn doodsbang”, zegt een medewerker van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) die anoniem wil blijven.
In de opvang voor minderjarige asielzoekers in Baarn is sprake van uitbuiting, intimidatie (verbaal en fysiek) en overlast. Een zeventienjarige Syriër en een groepje landgenoten dwingen andere jongens uit de opvang tot winkeldiefstal. De opbrengsten moeten ze afstaan. Wie niet meewerkt, wordt bedreigd of geslagen.
Opvangorganisatie COA probeert sinds ruim een jaar tevergeefs de jongeren uit de opvang te beschermen tegen de Syriër en diens vrienden. Meerdere jongens hebben bij het COA aangegeven niet meer in het azc Baarn te willen wonen. Dat blijkt uit onderzoek van NRC, dat sprak met betrokkenen op de locatie.
Het COA bevestigt dat jonge asielzoekers in Baarn slachtoffer werden van „criminele uitbuiting”. De organisatie heeft maandag de locoburgemeester geïnformeerd over de situatie in het opvangcentrum – nadat NRC daar vragen over stelde.
De Baarnse opvang is uniek gelegen. Tussen hoge beukenbomen op het landgoed van Paleis Soestdijk verblijven negentig minderjarige asielzoekers zonder ouders en een aantal gezinnen. Ze slapen in barakken van een voormalige kazerne, waar voorheen gezinnen van militairen sliepen. Het terrein wordt afgesloten door een groen hek met scherpe punten. Voor de hoofdingang ligt een grasveldje met houten picknicktafels.
Op een zonnige zomerdag rookt een 25-jarige man op teenslippers daar een waterpijp onder een boom. Zijn negenjarige zusje rijdt rondjes op haar fiets en vult zo nu en dan de pijp bij met bruine brokken. De man is een jezidi uit Irak, met zijn familie woont hij in een van de gezinshuizen op het terrein. De politie komt vaak langs, omdat de Syrische jongens vechten of stelen, zegt hij. Hij snapt dat niet. „Ik vraag weleens: wollah, waarom gedragen jullie je zo? Als Nederland je alles geeft, dan zorg je toch niet voor problemen?”
Op hetzelfde grasveld hangen vijf Syrische tieners verveeld rond een picknicktafel. Ze zijn door hun familie vooruitgestuurd uit Syrië. Hun reis duurde vaak jaren en voerde langs Turkije – waar ze maanden doorbrachten in grensdetentiecentra – dwars door Europa en eindigde in Nederland. Het is nog onzeker of hun ouders mogen overkomen. „De IND heeft onze aanvragen stopgezet”, zegt Mahmoud (15), die in een ander azc verblijft en zijn vrienden bezoekt.
Haidra (17) steekt een sigaret op en biedt zijn vrienden er ook een aan. Ze gaan niet meer naar school. „Ik leer daar toch niks, iedereen spreekt Arabisch”, zegt Mahmoud. „Nederlands leer ik buiten, op straat.” De jongens hebben zich de straattaal eigengemaakt. „De wc’s zijn hier kankervies”, zegt Haidra.
Hun dagen slijten ze in het azc of buiten. Baarn is overal dichtbij, zegt Haidra. Hilversum is vijf minuten met de trein, Amersfoort minder dan tien minuten, Utrecht een halfuur. Er zijn daar „mooie chickies op het station”, zegt Haidra.
Het hoofdgebouw van het azc Baarn. Foto Saskia van den Boom
De jongens gaan naar andere steden om te stelen, vertellen ze. „Iedereen van ons steelt”, zegt Haidra. De anderen vallen even stil. Ze lijken zich af te vragen of het wel verstandig is om dit te vertellen. „Natuurlijk”, zegt een van hen dan, „we krijgen 73 euro weekgeld van het COA. Wat kun je daarvan kopen?”
Haidra wijst naar zijn zwarte trainingspak. „Deze kost 200 euro. Mijn schoenen ook. 20 euro hasj, 10 euro sigaretten. Soms gaat m’n telefoon kapot. Ik heb geld nodig.”
Kleding grissen ze uit de rekken, rennen ermee de winkel uit. Ze stelen ook fietsen en fatbikes. Mahmoud wijst naar een fietsstandaard. „Die trek je eraf en daar kun je het slot mee openbreken.” Voor een fatbike krijgen ze 400 euro, zeggen ze.
Soms verkopen ze gestolen spullen bínnen de opvang. Begeleiders zien dat asielzoekers schulden opbouwen bij hen. Een zeventienjarige Syriër – een bekende van de jongens – zou hierin de leiding nemen, maar in hoeverre deze jongens aan de picknicktafel met hem samenspannen, is onbekend. Die zeventienjarige geeft opdrachten om te stelen, horen begeleiders, hij intimideert ook degenen die weigeren. In zijn eentje zou de Syriër verantwoordelijk zijn voor tientallen incidenten binnen het azc, waarbij dus ook sprake zou zijn van geweld.
In de opvang in Baarn was afgelopen jaar sprake van 309 incidenten, blijkt uit cijfers van het COA. Relatief veel, gezien het lage inwoneraantal. Tachtig keer betrof het verbaal of fysiek geweld, waaronder vechtpartijen. Twee weken geleden werden twee minderjarigen aangehouden, omdat ze op zondagochtend een fatbike bij het opvangcentrum in brand gestoken zouden hebben. Het duo is naar een andere COA-locatie overgeplaatst. Toen het COA de bewoners vertelde dat de twee niet langer welkom waren in Baarn, brak vanwege de opluchting een „feest” uit, zegt een betrokkene.
De angst is groot voor de zeventienjarige Syriër en diens vrienden, zegt een jonge landgenoot aan de picknicktafel, zodra de andere jongeren weg zijn. Hij is zelf ook bedreigd door de groep, die kleding van hem heeft gestolen en geld van hem heeft geëist.
Toen de jeugdbende vermoedde dat hij had ‘geklikt’ bij het COA over hun criminele activiteiten, namen ze hem te grazen. Hij wijst naar het paadje dat in het bos verdwijnt. „Daar sloegen ze me in elkaar”, zegt hij. „Bij mijn vrienden gebeurde hetzelfde.” Begeleiders zeiden dat hij naar de politie moest gaan. Dat durfde hij niet: „Dan krijg ik alleen maar meer problemen.”
Oprijlaan met aan het eind het groene hek van het azc Baarn. Foto Saskia van den Boom
Om problemen zoals in Baarn te bestrijden, hanteert het Rijk sinds 2020 de Top X-aanpak. Asielzoekers die verdacht worden van misdrijven of die herhaaldelijk overlast veroorzaken in de opvang, komen op een ‘zwarte lijst’ en riskeren harde maatregelen. In brieven aan de Tweede Kamer wordt geschetst dat hun asielaanvraag „versneld” wordt afgedaan en dat wordt „ingezet op terugkeer”.
Hoe vaak dit gebeurt met asielzoekers van de Top X-lijst staat niet in de brieven, maar uit cijfers van het ministerie van Asiel en Migratie – opgevraagd door NRC – blijkt dit zelden het geval. Vorig jaar werden zeventig asielaanvragen afgewezen vanwege misdragingen. Dat is een fractie van de 1.180 asielzoekers die eind vorig jaar in de Top X stonden: zeker 94 procent ondervindt geen consequenties voor hun asielaanvraag.
In veel gevallen is het niet mogelijk een aanvraag te weigeren, zegt het ministerie. Het kan „alleen na zorgvuldige toetsing en bij (bijzonder) ernstige misdrijven”. Bovendien is het veelal niet mogelijk minderjarigen uit te zetten, omdat kinderen extra worden beschermd.
Ook de zeventienjarige Syriër heeft vorig jaar een verblijfsvergunning gekregen. Inmiddels is hij verhuisd, maar begeleiders horen dat hij nog steeds betrokken is bij incidenten rond het Baarnse azc. Zo zou hij nog altijd jongeren aanzetten tot stelen. De politie blijkt echter niet van de signalen op de hoogte gebracht door het COA. „De geluiden dat deze problematiek zich zou afspelen, hebben ons als politie helaas niet eerder bereikt”, laat een politiewoordvoerder weten. „We nemen de situatie zeer serieus en doen samen met onze partners nader onderzoek naar wat zich hier heeft afgespeeld.”
Een COA-woordvoerder bevestigt dat de politie niet is ingeschakeld. „Omdat er alleen vermoedens zijn en geen bewijzen.” Door bedreigde asielzoekers is geen aangifte gedaan, zegt de woordvoerder.
Ook de gemeente Baarn wist van niets, zegt locoburgemeester Steven de Vries. „Tot voor kort hadden wij geen aanwijzingen dat zich dergelijke ernstige situaties voordeden.”
De Vries noemt het „ernstig en zorgwekkend dat kwetsbare jongeren, die hun land ontvluchtten vanwege oorlog en onveiligheid, hier alsnog te maken hebben gekregen met uitbuiting, intimidatie en geweld.” Hij heeft maandag een „indringend gesprek” gevoerd met het COA, dat hem heeft verzekerd dat de jongeren die „crimineel gedrag vertoonden” inmiddels werden overgeplaatst. En het COA heeft toegezegd de gemeente beter op de hoogte te houden van misstanden in de opvang.
Het COA bevestigt in een schriftelijke reactie dat jonge, alleenstaande asielzoekers zich onveilig voelen in de Baarnse opvang. „Wij hebben hier inderdaad signalen over ontvangen en zijn hierover in gesprek gegaan met jongeren.” Minderjarigen zijn soms „minder bestand” tegen druk van medebewoners, schrijft het COA verder. „Zo worden ze soms slachtoffer van criminele uitbuiting. Dat is in Baarn helaas een enkele keer gebeurd.”
Zodra signalen worden opgevangen dat jongeren onder druk worden gezet, wordt hier het gesprek over gevoerd en worden vervolgacties ingezet. Welke maatregelen precies werden genomen, wil het COA niet zeggen omdat dit zou gaan over „individuele casuïstiek”. Het COA houdt dag en nacht toezicht, zegt ze, maar er is „geen zicht op situaties” die zich „buiten het oog van begeleiders of beveiliging” afspelen.
Source: NRC