Begin er maar aan: een kerk verplaatsen. De Zweedse stad Kiruna, gebouwd op de grootste ijzerertsader ter wereld, is letterlijk ondermijnd. Door de jaren heen heeft mijnbouworganisatie LKAB de ondergrond zo ver uitgehold dat de stad een paar kilometer moet verhuizen. De markantste gebouwen, inclusief de 113 jaar oude houten kerk, verhuizen mee.
Toen ik er in 2011 op reportage was, werden de eerste voorbereidingen al getroffen. Nu, veertien jaar later, is het zover: in twee dagen tijd 5 kilometer naar het oosten. De verhuizing is live te volgen via slow-tv. Toerismeorganisatie Visit Sweden noemt de holy shift een „uniek evenement”. Maar 2.700 kilometer naar het zuiden, in het Zuid-Hollandse Nootdorp, staat óók een kerkelijke verhuizing op stapel.
De trouwste kerkgangers in Nootdorp? Dat zijn de koolmezen. Elk jaar vliegen ze af en aan – niet naar de plaatselijke Bartholomeüskerk, maar naar twee minstens zo indrukwekkende gebedshuizen in de achtertuin van Chris van der Sman (90): replica’s van de Oude en de Nieuwe Kerk in Delft. Schaal 1 op 20, minibaksteentje voor minibaksteentje door hemzelf gemetseld. Alleen al in de Nieuwe Kerk zitten zeker 100.000 steentjes; op de ruim 5 meter hoge toren staat een windhaantje dat echt kan draaien „Vroeger deed ook de klok het, met elk kwartier een slagwerkje, maar nu staat-ie steevast op 10 over 10. Dat is het tijdstip waarop mijn vrouw en ik koffie drinken.”
In 1962, toen ze hier net woonden, legde hij de eerste steen. „Zelfgemaakt van zand en specie. Al als tiener bouwde ik met m’n broer stenen miniatuurgebouwen in de tuin van mijn ouders – nog vóór de opening van Madurodam. Ik kwam graag in Delft, dus toen dacht ik: zál ik…?”
Dat het een tijdrovend project zou worden, wist hij van meet af aan. „Ik werkte als huisschilder, dus het was een weekendklus. Met de Nieuwe Kerk was ik 25 jaar zoet, met de Oude 23 jaar.” Elk detail klopt: de handgeschilderde glas-in-loodraampjes waar de zon zo mooi doorheen valt, de ietwat scheve toren. „Steeds weer ging ik met m’n fototoestel en schetsboekje op de fiets naar Delft.” Bij de houten toegangsdeur zit een spinnenweb. „Daar komen die koolmezen op af.”
Tot zijn 88ste metselde hij door, nu gaat het niet meer. Te slechte ogen. „Op den duur kon ik het luchtbelletje van de waterpas niet meer zien.” En al zijn de kerken hem dierbaar, toch hoopt hij dat ze kunnen verhuizen naar een permanente verblijfplek. „Ik ben ook de jongste niet meer…”
Via Marcel Koelewijn, gemeenteraadslid voor Hart voor Delft, ontstond het plan om de miniaturen naar die stad te verhuizen. Eerder was een Domtorenreplica van Van der Sman aangekocht door de stad Utrecht – zou Delft niet hetzelfde kunnen doen? De burgemeester kwam op bezoek, maar de gemeente schrok van de hoge kosten. De miniaturen wegen inclusief betonnen onderplaat al gauw 10 ton. Per bouwwerk zou de verhuizing 65.000 euro kosten. Ter vergelijking: de houten kerk in Kiruna weegt 672 ton, de kosten van die verhuizing worden geschat op ruim 50 miljoen euro. (Toen de Zweden in 1890 de heilige berg Kirunavarra van de Samen kochten voor de ijzermijn dacht helaas niemand erover díé heilige plek te verplaatsen.)
In Delft is Koelewijn inmiddels met gelijkgestemden een crowdfundingsactie begonnen. „De teller staat nu op 33.000 euro. Bij 65.000 euro verhuist de Nieuwe Kerk naar de botanische tuin van de TU Delft.” Tot die tijd mogen de koolmezen in Nootdorp hun buikje rondeten aan de spinnen.
Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin
Source: NRC