is publicist en columnist van de Volkskrant.
‘It takes a village to raise a child. And now we have to raise the village’, aldus transcultureel psychiater Glenn Helberg in een lezenswaardig interview in Psychologie Magazine. Hij bepleit een samenleving waarin kinderen veilig kunnen opgroeien en zich daadwerkelijk kunnen hechten. ‘Het lijkt alsof we niet meer weten hoe we kinderen een veilige plek moeten bieden.’
Als samenleving zijn we bezig de volwassenen van morgen te hinderen in hun hechting aan de maatschappij, waarschuwt hij. Iedereen moet zich kunnen verhouden tot de samenleving: ‘Hoor ik erbij, betekent de maatschappij iets voor mij, en wat kan ik voor anderen betekenen? Als een samenleving goed voor haar burgers zorgt, geven zij hun loyaliteit en liefde terug en hebben ze iets voor die samenleving over.’
Het resoneert bij mij: ik verlang naar een liefdevol (her)opgevoed ‘dorp’. Vergeet het dorp, ik hunker naar zo’n samenleving. Misschien wil ik ons utopische dorp meer helen dan heropvoeden. Daar hebben we allemaal baat bij, niet alleen kinderen. Een plek waar kwetsbaarheid een kracht mag zijn, en waar empathie de basis vormt voor echte verbinding. Waar je steun mag vragen als je het nodig hebt, waar mensen echt in elkaar geïnteresseerd zijn en waar zachtheid de norm is. Waar je mag falen.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Als tegengif voor de neoliberale verharding in ons dorp beginnen we met de kinderen. Wanneer je als kind niet wordt blootgesteld aan kwetsbaarheid, aan iemand met een andere achtergrond of bijvoorbeeld een kind met een beperking in je omgeving, leer je niet vanzelf hoe belangrijk solidariteit en zorgzaamheid zijn. Door samen te spelen, leren en groeien, ontstaat begrip voor imperfectie én waardering voor het unieke van ieder persoon.
Zo leren we kinderen dat de kracht van een samenleving schuilt in haar vermogen om zorg te dragen voor wie dat nodig heeft. Dat dit belangrijker is dan je economische productiviteit. Dat je iemand die anders is of minder kan dan jij niet pest, en dat liefdevolle sociale vaardigheden even waardevol zijn als leren lezen.
Als je het woord ‘inclusie’ te woke vindt, noem het dan maar empathie en zorgzaamheid. Het zit in het vakkenpakket van onze dorpsschool. De maatschappelijke winst van inclusie is groot: empathie wordt vanzelfsprekend, verschillen worden gewaardeerd en verbinding wordt het fundament van gedeeld geluk. Zo creëren we een dorp waarin kwetsbaarheid geen zwakte is, maar juist een bron van kracht en samenhang.
Maar die nieuwe zachtheid is vooral iets dat wij volwassenen weer moeten omarmen. Als zachtere burgers, en als zachtere overheid. Als zachtere organisaties. Verbinding is volgens mij de enige manier om de hardheid in een gepolariseerde samenleving te verzachten. Progressieve politiek kan mensen het best aanspreken met de boodschap dat ze kwetsbaar mogen zijn, dat er een zachtere samenleving op hen wacht en dat ze kunnen vallen en dan weer een handreiking krijgen om op te staan.
Een zachtere overheid betekent korte metten maken met afstandelijke, overgereguleerde bureaucratie, met te veel wantrouwen naar kwetsbare burgers die je moet ondersteunen, met te veel marktdenken. Dat sommige kwetsbare burgers geen hulp durven vragen aan instellingen die bestaan om hen juist te helpen, omdat er over en weer zoveel wantrouwen is, is een groot probleem. Anti-overheidssentiment zou er niet zijn als een overheid echt volgens sociale, menselijke principes werkt.
Die cultuuromslag is wezenlijk. Omdat onder veel maatschappelijke woede een behoefte aan verbinding ligt. Aan hulp mogen vragen. Een luisterend oor. Aan het rechtzetten van fouten. De tienduizenden gedupeerden van de toeslagenaffaire en de misstanden bij de Jeugdzorg wachten nog steeds op rechtsherstel.
Maar gek genoeg is zachtheid ook de enige manier voor organisaties om om te gaan met hun falen. Omdat falen, vallen en opstaan, er nu eenmaal bij hoort. Zacht zijn betekent hier het vermogen om de pijn onder ogen te zien zonder erdoor verlamd te raken, defensief de schuld af te schuiven of krampachtig het eigen blazoen op te poetsen of vol schaamte de kop in het zand te steken. Het vraagt om openhartige reflectie op wat er misging, ook als dat ongemakkelijk is. Door die mildheid ontstaat ruimte om spijt te betuigen, maar ook daadwerkelijk te herstellen wat mogelijk is.
In ons utopische dorp is iedereen zachter. Menselijker. Dat is zelfs voor de sterksten fijn. Want niemand ontkomt in het leven aan momenten van kwetsbaarheid.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant