Home

‘Het dromenpaleis’ is geïnspireerd op de dromen van allerlei Amsterdammers – die verrassend veel op elkaar lijken

Plots hoogzwanger zijn of seks hebben met Poetin: dromen lijken soms particulier, maar zijn volgens de makers van Het dromenpaleis juist óók een collectief en politiek verschijnsel. Wat zien wij met onze oogjes toe?

schrijft voor de Volkskrant over theater en podcasts.

In mijn droom dwaal ik door Amsterdam, met in mijn handen mijn fiets die een lekke band heeft. Ik loop over de Postjesweg, stadsdeel West, en probeer al uren een fietsenmaker te vinden. Dit zou een makkelijk op te lossen probleem moeten zijn, maar ik voel me verloren en de straten beginnen dreigend aan te voelen. Mijn fiets laat zich maar moeizaam meeslepen en mijn wanhoop groeit. Dan stopt plots de droom.

Ik zou de droom psychoanalytisch kunnen proberen te begrijpen: misschien zoek ik in mijn persoonlijke leven een uitweg uit wat een uitzichtloze situatie lijkt. Maar wat als meerdere Amsterdammers zulke dromen blijken te hebben? Wat als de beelden die tijdens onze slaap in ons hoofd opdoemen ook in andermans dromen terugkomen?

Theatermakers Zephyr Brüggen, Niels Kuiters en Han Ruiz Buhrs zijn nieuwsgierig naar de mogelijkheid van collectieve dromen, want misschien zeggen die iets over de staat van de wereld waarin we overdag leven. Voor hun nieuwe voorstelling Het dromenpaleis verzamelen ze eerst tijdens enkele workshopsessies dromen van allerlei Amsterdammers, om vervolgens van het opgehaalde materiaal een voorstelling te maken. Die zal komende week te zien zijn tijdens Bosfest in het Amsterdamse Bostheater.

Verzetsgroep in een onderwaterwereld

Begin juni kom ik met zo’n vijftien andere mensen samen in theater CC Amstel. Brüggen en Kuiters zijn vandaag de gespreksleiders die ons door de sessie begeleiden. We gaan in een cirkel liggen, met onze hoofden naar elkaar toe op een rond doek van blauwpaarse, glimmende stof. Dan sluiten we onze ogen en rakelen omstebeurt recente dromen op terwijl Kuiters op een zwart blad met witte stift tekent wat we beschrijven.

Als iemand een droom vertelt, haakt een ander erop aan met een droom met een vergelijkbaar beeld of gevoel: een boottocht met een ex leidt naar een onderwaterwereld, die weer leidt naar een kantoor in de Noordzee. Omdat iemand een droom deelt waarin ze naar de Postjesweg rijdt, deel ik mijn droom over mijn moedeloze zoektocht naar een fietsenmaker in die buurt.

Sommige dromen zijn hilarisch: een vrouw droomt dat ze hoogzwanger is en met haar buik rondtolt op de grond, als een breakdancer. Andere dromen zijn sinister: iemands keel wordt doorgesneden en een ander bevindt zich in verwoest Gaza.

Na deze deelsessie verzamelen we ons rondom het blad met de tekeningen. Wat valt ons op? Water blijkt een veelvoorkomend element: veel overstromingen, boottochten en perikelen onder water. Ergens in vastzitten of geen uitweg kunnen vinden is ook een terugkerend thema. Naast mijn droom zijn er ook dromen waarbij mensen door een Ikea zonder uitgang dwalen, dieren moeten bevrijden uit hokken die nooit leeg raken of eindeloze slierten plastic uit hun keel moeten trekken.

Het zijn somber stemmende beelden, al heeft een jonge vrouw in de groep een optimistischere kijk. ‘In de dromen zag ik ook wel vaak de wens om in actie te komen’, zegt ze en wijst ons erop dat in de onderwaterwereld een verzetsgroep huisde en dat de dieren uit de hokken werden gered. Het is enigszins opluchtend, dat we in onze dromen bereid zijn te vechten tegen datgene wat ons dwarszit.

Machteloosheid versus verzet

Brüggen, Kuiters en Buhrs houden in totaal acht van zulke dromensessies en noteren uiteindelijk zo’n vijfhonderd dromen. Een paar maanden later, vlak voor de première, zijn ze Het dromenpaleis in elkaar aan het zetten op het terrein van het Amsterdamse Bostheater. Tegenover een compacte tribune staat een klein theater, geïnspireerd op het kamertoneel van Baron van Slingelandt. Hij maakte in de 18de eeuw een miniatuurversie van een schouwburg, compleet met schuivende decors.

In het kleine theater van Het dromenpaleis kan het ene decor plotseling in het andere decor overgaan, net als in een droom.

Terwijl Buhrs en Kuiters een scène met een tsunami repeteren, vertelt Brüggen wat hen opviel in de honderden verzamelde dromen. ‘Onze methode is niet compleet representatief voor de hele stad, maar er zijn zeker beelden die telkens terugkwamen: bossen, steden, grotten en de zee bijvoorbeeld.’

Die landschappen zijn op panelen geschilderd en gebruiken de makers vooral als decor. Voor de verhaallijn focussen ze zich op andere beelden, zoals de vele dromen waarin geweld of destructie voorkwam en waarin een machteloos gevoel overheerste. Zo droomden mensen vaak over door oorlog verwoeste steden, over autoritaire regimes die ze onderdrukken of over naderend natuurgeweld. Brüggen: ‘Ik denk dat mensen veel bezig zijn met het onrecht en de oorlogen in de wereld. Ze beelden zich tijdens hun slaap in dat het gevaar ook hier in Amsterdam is.’

Tegenover die machteloosheid staan de dromen waarin mensen juist in actie komen of verzet plegen. ‘Het is in de dromen vaak niet helemaal duidelijk waartegen geprotesteerd wordt’, zegt Brüggen, ‘maar mensen zagen zichzelf vaak middenin een demonstratie staan.’ Ze denkt dat dit soort dromen een manier zijn om de machteloosheid te bestrijden; dromers beelden zich in dat ze wél iets kunnen doen tegen een oorlog of een overheersende macht. In de voorstelling zal protest ook nadrukkelijk een rol spelen.

Vrijheid van gedachten

Andere opvallende terugkerende dromen: erotische dromen over wereldleiders, met name over Poetin. Iemand droomde bijvoorbeeld dat hij seks had met de Russische president in een luchtbel onder water. Brüggen: ‘Ik denk dat het komt doordat Poetin zichzelf positioneert als een machoman. Ook al verzet je je in het dagelijks leven tegen dat beeld, de propaganda die hij verspreidt werkt door, ook op een onbewust niveau.’

Dat propaganda een sterk effect kan hebben op onze dromen concludeerde ook Charlotte Beradt, een Joodse, communistische journalist uit Duitsland die een collectief dromendagboek bijhield tussen 1933 en 1938: Het Derde Rijk der dromen (de Nederlandse vertaling verschijnt deze maand). De voorstelling Het dromenpaleis is op Beradts werk geïnspireerd. Brüggen: ‘Ik heb een godsgruwelijke hekel aan Freud, want ik vind zijn manier om dromen te interpreteren navelstaarderij, alsof dromen altijd gaan over het individu en diens grootste geheimen. Beradt laat juist zien dat dromen óók politiek terrein kunnen zijn.’

De journalist begon met het collectieve dromendagboek omdat ze in Hitlers Duitsland nachtmerries kreeg waarin ze gemarteld en beschoten werd. Ze vroeg allerlei mensen (Joden, niet-Joden, nazi’s, verzetsmensen) om hun dromen te noteren en concludeerde vervolgens dat de indoctrinatie van Hitler doorwerkte in dromen. Zo droomde iemand dat ze naar het theater gaat, waar een van de personages op het toneel uitroept: ‘O, geef ons vrijheid van gedachten!’ De dromer betrekt in gedachten die uitspraak op het repressieve regime van Hitler. Maar in haar droom zitten in de zaal nazi’s die met een apparaat gedachten kunnen lezen. Daarom wordt ze weggevoerd, waarna haar droom stopt.

Brüggen: ‘De indoctrinatie door de nazi’s had zo’n impact dat de angst voor hen doorsijpelde in de dromen van mensen – zelfs ’s nachts konden mensen niet aan hun terreur ontsnappen.’

Kennelijk hebben mensen tegenwoordig ook weinig zorgeloze dromen – in hoeverre is er een link te leggen tussen de tijd waarin Beradt leefde en nu? Brüggen: ‘Ik denk dat onze regering op dit moment ook soms fascistische retoriek en middelen gebruikt, maar in het Duitsland van toen bevond het fascisme zich natuurlijk wel in een veel vergevorderder stadium.’

Brüggen laat nog wat decorstukken zien van de beelden van vernietiging die doorsijpelen in onze dromen: ingestorte huizenrijen en een scheefgezakte Westertoren. Ze horen bij een scène die zich afspeelt in een verwoeste stad.

‘Jouw droom over de Postjesweg zal hier ook terugkomen’, zegt ze. In de voorstelling hebben ze mijn zoektocht gekoppeld aan de droom van iemand anders. Diegene zag voor zich hoe ze door een geruïneerde stad loopt als iemand haar vraagt of hij een fiets kan lenen. Die geeft ze hem, maar terwijl hij wegrijdt denkt ze: ‘Je kunt hier toch helemaal niet fietsen met al die brokstukken op straat?’

Het dromenpaleis is van 20 t/m 30/8 te zien tijdens Bosfest in het Amsterdamse Bostheater en gaat daarna op tournee.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next