Home

De platenkast van Paul McCartney bestudeerd met een vergrootglas: de Beatle luisterde naar Stockhausen en Fela Kuti

Popboek De Haarlemse zanger Yorick van Norden zag een foto van Paul McCartneys platenkast en wist met een vergrootglas alle titels te achterhalen. Hij schreef een boek over de platen en wat ze voor de Beatle betekenden.

Yorick van Norden met de foto van Paul McCartney voor zijn platenkast

Ja, dat is natuurlijk leuk om te lezen, dat Beatle Paul McCartney tijdens een etentje met producer George Martin een drukke free-jazzplaat van Albert Ayler opzette om zijn gasten te epateren. Of hoe hij leurde met de experimentele muziek van Karlheinz Stockhausen om te laten zien dat hij niet van de straat was. En hoe hij in Nigeria op zijn kop kreeg van Fela Kuti die meende dat de Britse popster zijn Afrobeat kwam stelen.

Het is allemaal te vinden in De platenkast van Paul McCartney van Yorick van Norden. Deze Nederlandse singer-songwriter vond een foto uit 2018 van de Beatles-voorman die voor zijn vinylverzameling staat. Met een vergrootglas ontcijferde Van Norden alle ruggen van de platenhoezen op de foto en wist zo met bewonderenswaardig monnikenwerk de titels te achterhalen. Prachtig project! Hij pikte er 26 platen uit en schreef daar boeiende petites histoires bij over de artiest in kwestie en hoe die met McCartney verbonden was. Vormgever Piet Schreuders – een Beatles-vorser in his own write – bouwde daar vervolgens een prachtig, rijk geïllustreerd boek omheen.

Volgens Van Norden toont McCartneys platenkast aan dat de popartiest een muziekliefhebber was „met een zeer eclectische en diepgaande smaak”. Die brede belangstelling komt terug in de hoofdstukken die naast bekende popsterren ook minder voor de hand liggende figuren behandelen als bovengenoemde Ayler en Stockhausen of filmster Fred Astaire en Franse rocker Johnny Hallyday.

Selderijstengel

Eerder verteld maar nog steeds boeiend is de wedijver van McCartney met zijn Amerikaanse conculega Brian Wilson. Wilson raakte door Rubber Soul (1965) van The Beatles begeesterd om ook zo’n artistiek vooruitstrevend meesterwerk te maken: Pet Sounds (1966) van The Beach Boys. Dat album inspireerde McCartney weer om de lat nog hoger te leggen met Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band (1967). Als Wilson hem probeert te overtroeven met Smile (1967) gaat het mis: de Beach Boy raakt in een depressie met wanen en moet het project laten liggen. McCartney deed trouwens mee aan die opnames: hij beet ritmisch in een selderijstengel op ‘Vegetables’.

De wedstrijd tussen de twee was al ongelijk: The Beatles waren in de jaren zestig oppermachtig in de popmuziek. Vanuit die positie was McCartney alleen maar vol bewondering voor Wilson. Terwijl de labiele leider van The Beach Boys na ieder wapenfeit van McCartney werd verteerd door jaloezie en onzekerheid.

Van Norden ging voor zijn boek ook naar het Amerikaanse kunstenaarsdorp Woodstock om zanger John Sebastian te interviewen. Diens speelse folkrockband The Lovin’ Spoonful gaf kleur aan de jaren zestig, schrijft Van Norden. Het levert een mooi portret op van de oude hippie. Sebastian heeft overigens niet veel met McCartney te maken. The Beatles en de Spoonful ontmoetten elkaar weliswaar een paar keer om wiet te roken en sitar te spelen, maar verder probeerde de band van Sebastian juist niet als The Beatles te klinken.

Regen, slangen, lemen hutjes

Bij het boek horen wel een hoop disclaimers. McCartney heeft meerdere huizen en dus ook meerdere platenkasten. Dit is weliswaar de platenkast uit het Londense huis waar hij vooral in zijn gloriejaren woonde, van 1966 tot 1978, maar daardoor mis je een onbekend deel. Wat vooral opvalt is dat er geen platen tussen zitten uit zijn vormende jaren. Dus geen rock & roll van Elvis, Buddy Holly, Little Richard, geen soul van de Shirelles of The Isley Brothers. Van de 26 besproken artiesten zijn er slechts drie zwart: Stevie Wonder, Fela Kuti, Albert Ayler. Terwijl zwarte muziek een belangrijke rol speelde in de ontwikkeling van The Beatles. Als boek over de invloeden op McCartney is dit dus incompleet.

Yorick van Norden Foto Roger Cremers

Verder is het een nadeel dat Van Norden bij iedere artiest een zeer uitgebreide biografie levert, wat de boel enorm ophoudt. Ik lees dit boek omdat ik geïnteresseerd ben in McCartney en ik wil graag alles weten over zijn relaties met tijdgenoten. Maar in de levenswandel van vergeten popbands als Badfinger, Tempest en The Rascals ben ik niet geïnteresseerd.

Neemt niet weg dat er prachtige verhalen in het boek staan. Ook eerder verteld, maar die over de opnames van Band on the Run (1973) in Nigeria zijn niet te versmaden. Vlak voor vertrek nam een goed deel van McCartneys band ontslag. In Lagos aangekomen had de zanger allerlei koloniale klachten over regen, slangen, „lemen hutjes” en de primitieve opnamestudio. Hij was van plan enkele plaatselijke musici in te huren om een „Afrikaanse vibe” aan het album te geven, maar na een bezoek van de boze Fela Kuti „en zijn leger” zag hij daarvan af. Uiteindelijk werd hij ook nog slachtoffer van straatrovers en van een aanval van bronchospasmen.

Op Band on the Run is dus geen spoor van Nigeria te vinden. Het blijft wel zijn succesrijkste soloplaat. McCartney had dus platen van Fela Kuti in zijn kast staan, maar hij mocht er niet te goed naar luisteren.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Boeken

Het laatste boekennieuws met onze recensies de interessantste artikelen en interviews

Source: NRC

Previous

Next