De prijs van stroom is in de zomer steeds vaker nul of zelfs negatief. Prettig voor bedrijven die veel elektriciteit verbruiken, en voor consumenten met een dynamisch contract. Maar slecht voor producenten. Lijdt de energietransitie hier niet onder?
Tjerk Gualthérie van Weezel is economieredacteur. Hij schrijft over de energietransitie. Bard van de Weijer is sinds 2021 specialist op het gebied van de energietransitie.
Voor de verkiezing van het woord van het jaar leverde de Nederlandse elektriciteitsmarkt afgelopen week een aardige kandidaat: ‘warmteflauwte’. De eerste associatie bij die term is mogelijk een lome duizeling die je kunt ervaren wanneer je op een drukkend hete dag te snel uit de tuinstoel opstaat om de gang richting de ijskast te maken. Maar in de stroomhandel wordt warmteflauwte gebruikt voor weersomstandigheden zoals die zich deze week voordeden: heet en weinig wind.
Een warmteflauwte stelt de markt voor uitdagingen. De vraag naar stroom is groot omdat in het hele land de airco’s en ijskasten loeien. Windmolens staan stil, dus die kunnen niet aan die vraag voldoen. Tegelijkertijd draaien gascentrales op een lager pitje omdat die hun hete koelwater onvoldoende kwijt kunnen. Daardoor is de stroomprijs extreem hoog in de avond en de ochtend. Maar niet in de middag, wanneer de zonnepanelen de maximale straling pakken. Dan stort de prijs in tot rond of zelfs onder de 0 euro.
De warmteflauwte is een goed voorbeeld van de mismatch tussen vraag en aanbod op de elektriciteitsmarkt. Die blijft maar groeien als gevolg van het hard stijgende aandeel van duurzame energie in onze elektriciteitsmix. Vorig jaar werd voor het eerst meer dan de helft van alle stroom duurzaam opgewekt.
Het meest extreme voorbeeld van die mismatch is waarschijnlijk het aantal uren waarop de elektriciteitsprijs negatief is. Die situatie, waarbij elektriciteit feitelijk afval is geworden, deed zich in Nederland voor het eerst een uurtje voor op 2 juni 2019. Dat was op een zonnige en winderige zondagmiddag in het Hemelvaartsweekend. Dit jaar staat de teller al op 465 uur; 8,5 procent van de tijd. Het record van vorig jaar (458 uur) werd deze maand al gebroken.
Toenemende prijsschommelingen en uren met negatieve stroomprijzen, roepen vragen op over het functioneren van de stroommarkt. Want hoe kan het dat producenten stroom blijven opwekken terwijl de prijzen negatief zijn? En waarom zijn er niet allang allemaal bedrijven die inspelen op die gratis stroom? Kortom: wat gaat er mis met vraag en aanbod? En zijn er al signalen dat de trend aan het keren is?
De energietransitie draait voor een belangrijk deel om elektrificatie van ons energieverbruik. Ondanks de nodige tegenslagen is die beweging de afgelopen jaren zeker ingezet. Honderdduizenden huishoudens en bedrijven hebben hun gasgestookte installaties vervangen door elektrische warmtepompen. Meer dan een miljoen auto’s hebben inmiddels een stekker en worden dus (deels) elektrisch aangedreven. Ook groeit het aantal datacenters.
Je zou dus verwachten dat de stroomvraag de afgelopen jaren is geëxplodeerd. Toch is dat, ook tot verrassing van veel experts, niet gebeurd. Sterker: de totale hoeveelheid elektriciteit die over het net wordt vervoerd is al vijftien jaar nagenoeg constant.
Voor die verrassende ontwikkeling zijn drie logische verklaringen. Ten eerste is een aantal grote afnemers verdwenen of minder gaan produceren. Daarbij springt vooral aluminiumsmelter Aldel in het oog. Dat bedrijf bij Delfzijl gebruikte jarenlang zo’n 3 procent van alle elektriciteit in Nederland en ging in 2022 failliet. Zinksmelter Nyrstar, een andere grootverbruiker, legde afgelopen jaren veelvuldig de productie stil vanwege te hoge energieprijzen.
Belangrijker nog is waarschijnlijk de toenemende energie-efficiëntie. Gloei- en halogeenlampen zijn massaal vervangen door led, en elk nieuw elektrisch apparaat dat in Nederland wordt aangeschaft, is doorgaans vele procenten efficiënter dan z’n voorganger.
Ten slotte is een deel van de vraag naar stroom op de groothandelsmarkt vervangen door zelf opgewekte stroom. Elke kilowattuur dat burgers en bedrijven met zonnepanelen op het dak opwekken en direct zelf gebruiken, komt niet terug in de officiële vraagcijfers.
Een ander belangrijk probleem aan de vraagkant is dat die vaak niet strookt met het moment dat elektriciteit wordt opgewekt. Met name in de zomerse weekenden, als de meeste bedrijven dicht zijn, wekken de zonnepanelen in Nederland steevast meer op dan er vraag is.
De vraag reageert wel op de sterk fluctuerende en vaak zelfs negatieve prijzen. Zo hebben inmiddels ruim 800 duizend Nederlandse huishoudens een dynamisch energiecontract, waarbij de stroomprijs die zij betalen per uur of zelfs kwartier verschilt. Zij passen hun vraag aan door de was en vaatwas te doen als de prijs laag is. Dit soort voordeeltjes worden substantieel voor burgers en bedrijven met elektrische auto’s, die enorm veel elektriciteit vragen. Met behulp van steeds meer slimme software kunnen zij voor een habbekrats rijden dankzij de fluctuaties in de stroomprijs.
‘Die goedkope stroom is natuurlijk een groot pluspunt voor de elektrificatie’, zegt de Groningse lector energietransitie Martien Visser. Hij verwacht dat komende jaren steeds meer burgers en bedrijven op zoek gaan naar oplossingen om hun energievraag flexibel en elektrisch te krijgen.
De belangrijkste ontwikkeling hierbij is de opkomst van batterijen. Afgelopen twee jaar zijn er verspreid over het land al enkele megabatterijen neergezet. Met als markant voorbeeld de batterij die het bedrijf Giga Storage momenteel bouwt op het voormalige bedrijventerrein van Aldel bij Delfzijl. Die accu heeft een vermogen van 300 megawatt, zo’n 2 procent van de gemiddelde piekvraag in Nederland.
Mede door nieuwe regels rond nettarieven is het verdienmodel voor grote batterijen sterk verbeterd. Tennet, de heheerder van het hoogspanningsnet, verwacht daarom dat er komende vijf jaar nog voor 5 gigawatt aan batterijen bijkomt op dat hoofdnet, ruim een kwart van de gemiddelde piekvraag.
‘Dat lijkt mij realistisch’, zegt Koen Broess van energie-adviesbedrijf Catalise, een risicomanagementbedrijf voor megabatterijen. Hij is ook bestuurslid van belangenvereniging Energy Storage NL. Moeilijker te voorspellen is hoe het zal gaan op het midden- en laagspanningsnet waarop de meeste burgers en bedrijven zijn aangesloten. Ook daar installeren steeds meer burgers en ondernemers accu’s. Tennet houdt rekening met 2 gigawatt. Broess: ‘Maar dat kan makkelijk minder zijn, of veel meer.’
Joost Greunsven, hoofd van de tak bij Tennet die marktanalyses doet, wijst er bovendien op dat Duitsland en België voorlopen op Nederland met batterijen. En er dus ook steeds meer stroom de grens over gaat voor die accu’s. ‘Dat stut de prijs van stroom in Nederland.’
Het aanbod van duurzame energie is de afgelopen jaren gigantisch gegroeid. Maar ook in omliggende landen groeit het nu sterk, mede dankzij de sterk gedaalde prijs van zonnepanelen. Dit is een nadeel voor Nederland, want onze overschotten zonnestroom kunnen hierdoor minder makkelijk de grens over.
Hierdoor daalt de stroomprijs op momenten van overschot. Maar waarom eigenlijk? Je kunt een windmolen immers ook gewoon stilzetten of een zonnepaneel uitschakelen.
Met afstand de belangrijkste verklaring voor negatieve prijzen zijn de subsidies. Voor commerciële uitbaters van wind- en zonneparken is dat de zogenoemde SDE-subsidie. Die garandeerde jarenlang een minimumprijs voor geleverde stroom, ook wanneer die korter dan vier uur achtereen negatief is. En voor particulieren is er de veelbesproken salderingsregeling. Die maakt dat zij de stroom die zij aan het net leveren kunnen wegstrepen tegen de stroom die zij van het net afnemen op momenten dat de zon niet schijnt. Wie subsidie krijgt, zet zijn zonnepanelen niet uit. Dus ontstaan overschotten, en daarmee negatieve prijzen, al worden die volgens Tennet wel steeds minder dieprood.
Maar ook hier zijn er ontwikkelingen. Energiebedrijven omzeilen de salderingsregel door speciale ‘teruglevertarieven’ in rekening te brengen. En per 2027 wordt salderen helemaal afgeschaft. Ook voor bedrijven verdwijnt de prikkel om bij een negatieve stroomprijs te blijven leveren. In de nieuwe subsidies krijgen zij ook geen vergoeding als de prijs één uur negatief is.
Gevolg: steeds meer producenten zullen hun windmolens of panelen uitschakelen als de stroomprijs negatief is. De meeste experts verwachten dus daarom dat het aantal uren met negatieve stroomprijs komende jaren wel zal afnemen.
Maar ook een prijs van 0 euro is nog altijd slecht nieuws voor het verdienmodel van duurzame energie. Niet voor niets gaan installatiebedrijven van zonnepanelen failliet en gaat het slecht met het aanbesteden van nieuwe windmolenparken op de Noordzee. ‘Ik heb het aantal uren dat windmolenparken op zee nu stil staan vanwege negatieve stroomprijzen berekend op zo’n 10 procent’, zegt Martien Visser.
Intussen zijn er dus ook nog altijd momenten dat er te weinig aanbod is, zoals in de avonden en ochtenden in deze week met warmteflauwte. Daardoor zal er komende jaren meer duur gas nodig zijn, voorspelt Visser. Maar het is ook goed nieuws voor batterijen, benadrukt Broess van Energy Storage NL. Hoe groter de schommelingen in de stroomprijs, hoe eerder je investering is terugverdiend, zegt hij.
Voor een voorbeeld van hoe hard dat kan gaan, verwijst Broess naar het buitenland. ‘In Californië zie je dat batterijen op grote schaal worden gebruikt om overdag te laden en in de avond te leveren. En in Abu Dhabi wordt zelfs een gigabatterij gebouwd naast een zonnepark. Daarmee kan een heel groot datacenter constant op groene stroom draaien.’
‘De beste remedie tegen negatieve prijzen zijn negatieve prijzen’, vat Greunsven van Tennet het samen. ‘Je ziet nu een verschuiving van aanbod naar vraag. En als er weer meer vraag komt, wordt het vanzelf weer interessant te investeren in de productie van groene stroom.’
Als stroomprijzen negatief zijn, wordt consumenten her en der aangeraden hun zonnepanelen uit te schakelen. Toch is het meestal niet verstandig zonnepanelen uit te schakelen, zegt Wijnand van Hooff, directeur Holland Solar, de branchevereniging van bedrijven in de zonne-industrie. ‘Als je je omvormer uitschakelt, voer je in feite een harde reset uit. Vergelijk het met het uitschakelen van je computer via de aan/uit-knop. op termijn kan dit slijtage veroorzaken aan de elektronica.’
Het aantal uren dat de prijzen voor consumenten werkelijk negatief zijn, is bovendien zeer schaars, zegt Koen Rozendom, directeur van 1Komma5, een leverancier van zonnepanelen, thuisbatterijen, warmtepompen en laadpalen. Dan moet de prijs namelijk lager zijn dan de kosten van energiebelasting, btw en opslagkosten. Dit jaar waren slechts negen uur die inclusief belasting onder de 15 cent kwamen. Mocht je toch je zonnepanelen willen uitschakelen, zegt Rozendom, doe dat dan via de app van de omvormer, als het apparaat dit tenminste ondersteunt. Wil je de panelen toch uitzetten, doe dit dan in de vroege ochtend of latere avond, adviseert Rozendom. In elk geval niet op het midden van de dag, als de zon hoog aan de horizon staat, en er grote hoeveelheden stroom door de systemen lopen.
Luister hieronder naar onze nieuwspodcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant