De 31ste editie van Lowlands begint vrijdag warm, onrustig, en lekker hard rockend. De kleine tent Lima wordt al direct een sissende snelkookpan, bij Tanzaniaanse underground.
Wie het Lowlands-terrein betreedt, stuit meteen op een grote videokubus die er vorig jaar nog niet stond. Daarop zijn beelden te zien van doorweekte Lowlanders als varkentjes in de blubber. ‘Lowlands is for mudlovers’, lezen we.
Nou, dit jaar niet. Editie 31 van het popfestival in de polder wordt er eerder een van hete stofwolken. Het is kurkdroog en erg warm op
het terrein naast Walibi Holland in Biddinghuizen, 28 graden op deze vrijdagmiddag. Zaterdag zal het naar verwachting zo’n drie graden koeler zijn en op zondag nóg drie graden, maar op hemelwater en modderbaden hoeven we niet te rekenen.
Lowlands is zo’n festival dat bij binnenkomst vertrouwd oogt, maar toch ook altijd weer een beetje nieuw. Rechts: de groene danskathedraal Bravo. Links: het hippe Haçienda-paviljoen. Recht voor je: het oranje-zwarte schubdier Armadillo. De vijf beeldbepalende schoorstenen torenen er bovenuit.
Tegelijkertijd is er van alles nieuw: de videokubus, de beeldende kunstroute Carte Blanche (met mega-frikandelbroodje van straatkunstcollectief Kamp Seedorf voor de deur) en de grote, hoge ‘eethal’ op Planet Paradise, die aan hippe markthallen en foodcourts doet denken. Lowlands blijft subtiel van gedaante wisselen.
Enfin, we zijn er weer. Wat zal het ‘verhaal’ van deze editie worden? Eén ding weten we al: het wordt de laatste van festivaldirecteur Eric van Eerdenburg, die het stokje overdraagt. De muziek dan, want daar gaat toch om.
In de grootste Lowlands-tent, Alpha, is het de eerste uren vooral onrustig. De Nederlandse liedjesband Goldkimono trapt het festival af, maar het publiek heeft het nauwelijks in de gaten. Vriendengroepen komen elkaar hier voor het eerst tegen, er moet bier worden gehaald. De rijen aan de bars op de beroemde Alpha-heuvels zijn ellenlang.
Zanger Martijn Konijnenburg snapt dat allemaal best. Hij vergeeft Lowlands dat er geen applaus zijn kant op waait als het toch best aanstekelijke To Tomorrow uitdooft. ‘Iedere ochtend tel ik mijn grijze haren’, zegt hij. ‘Ik word steeds ouder.’ Een waarheid als een koe, maar Konijnenburg heeft er een verdienmodel van gemaakt. ‘Ik maak ook dad rock, dus.’
Zijn liedjes zouden perfect getimed moeten zijn voor een openingsset in de Alpha, bij oplopende temperaturen. Goldkimono laat zomerse indie door de tent drijven, als golven waar je zo op weg zou willen surfen. Niets-aan-de-handmuziek, maar wel verduiveld goed geschreven en gespeeld door een flinke band, met Konijnenburg vaak aan de toetsen. Je had Goldkimono een kleiner podium en een wat intiemer luisterfeestje gegund.
Dat Lowlands zeer bereid is los te gaan, merken we in de kleine tent Lima, waar traditiegetrouw bands uit minder voor de hand liggende landen worden geprogrammeerd. Het gaat er meteen los bij het waanzinnige danceduo Sisso en Maiko uit Tanzania.
Met twee laptops en een brak orgel stampen ze een show uit de grond met keiharde ratelbeats en furieuze keyboardriedels, bij voorkeur gespeeld met de kin of de voeten. Wat een feest: deze wél extreem meelevende tent kookt nu al als een sissende snelkookpan.
Stevig gerockt wordt er ook al vroeg. Ook door Nederlanders, zoals
de Wodan Boys uit Den Haag, in een volle India-tent: rechttoe rechtaan beukrock, heerlijk. Hun laatste noten zijn nog niet weggestorven of één podium verderop, in de kleine X-Ray, tikt Boko Yout af, een band uit Stockholm met de trotse Afrikaan Paul Adamah als frontman.
‘Afro-grunge’ noemen ze hun muziek en ja, inderdaad: het rockt rafelig, maar heeft toch ook iets swingends, zelfs mystieks. Typisch de X-Ray, de kleine schuur waar je een weekend lang rauwe muziek met een scherpe rand kunt ontdekken.
‘It’s extremely hot, but I feel sexy’, roept Boko Yout. Weet je wat? Laat dat het motto van Lowlands 2025 maar zijn.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant