Home

We houden niet van magere scharminkels die de Tour winnen, vooral niet als het vrouwen zijn

is schrijver en columnist voor de Volkskrant.

Hoewel ze een kleine twee weken geleden soeverein de Tour de France Femmes won, ging het nadien in gesprekken met Pauline Ferrand-Prévot (PFP) maar zelden over hoe ze zo soeverein de Tour de France Femmes had gewonnen, maar bijna steeds over haar gewicht.

Ferrand-Prévot had met de diëtisten en inspanningsfysiologen van haar team Visma-Lease a Bike namelijk uitgerekend dat haar kansen om soeverein de Tour de France Femmes te winnen flink zouden stijgen als PFP gewicht zou verliezen. Ze woog daarom bij het begin van de Tour 50 kilo, 4 minder dan gewoonlijk.

Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Wielrennen is in de kern een simpele sport, zeker in de bergen. Wie het meeste vermogen kan ontwikkelen bij een zo laag mogelijk lichaamsgewicht (watts/kilo) maakt een goede kans om te winnen.

Topsport is extremisme in beweging en topsporters zijn meestal rechtlijnig denkende persoonlijkheden met een absoluut vertrouwen in de goeroes om hen heen. Ze trainen zich wezenloos, op jacht naar de gewenste waarden. Is het maximale vermogen bereikt, dan kun je altijd nog een paar kilo’s lozen.

Je kunt je verbazen over de kracht van die afgetrainde spierbundels, je kunt het blinde fanatisme in de jacht op een gele trui afkeuren of je kunt zo veel gedrevenheid en doorzettingsvermogen juist bewonderen – het valt niet mee om te trainen op een lege maag en elke avond hongerig je bed op te zoeken. (Je kunt die types ook volledig gestoord vinden, maar dan begrijp je topsporters niet.)

Eén groep zou het gedrag van PFP in elk geval moeten kunnen begrijpen, juist omdat ze uit hetzelfde zijn gesneden: andere topsporters. Dat was niet het geval. Demi Vollering – die de Tour zou hebben gewonnen als Ferrand-Prévot met haar gebruikelijke gewicht van start was gegaan – wees op de voorbeeldfunctie van vrouwelijke topwielrenners. Vollering (met 57 kilo bij een lengte van 1,72 meter ook geen zwaargewicht) waarschuwde voor ‘verstoord denken’ dat de gezondheid van hyperambitieuze wielrenners zou kunnen bedreigen.

Haar collega Marlen Reusser (70 kilo bij 1,80 meter: kan een Tourzege vergeten), de nummer twee van de laatste Giro en afgestudeerd arts, zei dat ze had gehoopt dat Ferrand-Prévot de Tour niet zou winnen – dus dat de Française was gestraft voor haar onverantwoorde vermageringskuur.

Verstandige reacties, in het gewone leven althans. Maar volstrekt in tegenspraak met aard en karakter van het topwielrennen. Ferrand-Prévot bracht ter verdediging in dat ze wordt betaald om te winnen en dat ze er alles aan had gedaan om dat voor elkaar te krijgen. Dat is volledig in de geest van de topsport. Ik weet zeker dat Vollering volgend jaar een paar kilootjes lichter aan het vertrek komt, zo niet op eigen initiatief, dan op dringend verzoek van haar sponsor.

Er gingen de afgelopen dagen geluiden op om rensters te gaan screenen op RED-S: Relative Energy Deficiency in Sport, oftewel energietekort. Of om een minimaal vetpercentage in te voeren. Onzin en ook oneerlijk en onmogelijk. Wie gewetensbezwaren heeft tegen de martelmethoden waarmee atleten en hun trainers de overwinning nastreven, moet de topsport zélf ter discussie stellen en een verbod voorstellen.

Het was trouwens opmerkelijke dat er na de Tour voor mannen geen kritiek is gehoord op het gewicht van de winnaars. Jonas Vingegaard, de nummer twee, zag er een Tour lang uit alsof hij zo uit een hongerzone was komen fietsen: hij woog aan het eind van de Ronde minder dan 60 kilo – Vingegaard meet 1,75 meter en zijn BMI was maar een fractie hoger dan die van Ferrand-Prévot.

We houden niet van magere scharminkels, en vooral niet als het vrouwen zijn.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next