Home

De Palestijnse staat is nog niet klaar voor erkenning

Foto Dawoud Abu Alkas/Reuters

Na de aanvallen van Hamas op 7 oktober 2023 en de daaropvolgende Israëlische militaire reactie, hebben westerse leiders recent nieuw leven geblazen in het concept om een Palestijnse staat te erkennen. Frankrijk heeft aangekondigd dit uiterlijk in september te willen doen. De Britse premier Keir Starmer zegt dat erkenning kan volgen als Israël niet akkoord gaat met een staakt-het-vuren en zich niet inzet voor „langdurige, duurzame vrede”. Het standpunt van Canada is voorwaardelijker, maar ook daar wint het idee steun.

Jessica V. Roitman is hoogleraar Joodse Studies aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Wat veranderd is, is niet de politiek-bestuurlijke situatie ter plaatse in Gaza of de Westelijke Jordaanoever: er is nog altijd geen effectief leiderschap, Hamas blijft een terroristische organisatie die haar eigen bevolking opoffert om aan de macht te blijven. Nee, het zijn de politieke verhoudingen in Westerse hoofdsteden die verschoven zijn.

De in Qatar woonachtige Hamas-functionaris Ghazi Hamad zei het stilgezwegen deel onlangs hardop. „Zonder onze wapens, zou niemand naar ons kijken”, zei hij in een interview met Al Jazeera, waaruit The Jerusalem Post citeert. „Wij zijn degenen die de kwestie weer onder de aandacht hebben gebracht, en daarom beginnen allerlei landen met het erkennen van de Palestijnse staat.” Oftewel: volgens Hamad is de erkenning een rechtstreeks resultaat van 7 oktober.

Internationale verontwaardiging

Hamas liegt over van alles, maar in dit geval spreekt het de waarheid. Geen van de steunverklaringen aan de Palestijnse staat zou waarschijnlijk zijn afgelegd zonder de internationale verontwaardiging over Israëls grootschalige militaire reactie op het door Hamas aangerichte bloedbad van 7 oktober 2023, waarbij meer dan 1.200 mensen omkwamen en honderden werden ontvoerd. De daarop volgende oorlog in Gaza sleept zich inmiddels bijna twee jaar voort.

Het lijkt erop dat veel westerse leiders nu beginnen te voelen dat erkenning van een Palestijnse staat een noodzakelijk moreel antwoord is op het Palestijns lijden onder Israëls militaire acties. Het aantal burgerslachtoffers in Gaza is immers enorm. Er is een schrijnend tekort aan voedsel. Beelden van gewonde kinderen en verwoeste wijken doen de ronde op sociale media – het humanitaire drama is onmiskenbaar. Te midden van de terechte druk op westerse landen om iets te doen, biedt erkenning van de Palestijnse staat een moreel gebaar: een symbolische inwilliging van een lang gekoesterde Palestijnse wens.

Maar sympathie is geen strategie. Ondanks het begrijpelijke gevoel dat elke stap er een vooruit is, is erkenning van de staat Palestina onder deze omstandigheden geen stap richting vrede. Het is een concessie aan geweld.

Het idee van een Palestijnse staat is niet nieuw. Meer dan 147 VN-lidstaten erkennen Palestina (de VS doen dat niet, net als de meeste West-Europese landen, inclusief Nederland). In het verleden waren er ook echte kansen op het verwezenlijken van een Palestijnse staat. Maar die kansen zijn afgewezen. In 2000 bood de toenmalige Israëlische premier Ehud Barak, gesteund door de Verenigde Staten, PLO-leider Yasser Arafat een staat aan die bijna heel de Westelijke Jordaanoever en Gaza omvatte. Arafat liep weg, en de Tweede Intifada begon – die duizenden Israëli’s en Palestijnen het leven kostte.

In 2002 koos president George W. Bush een andere aanpak: een staat opbouwen van onderaf. Dat betekende institutionele hervormingen, bestrijding van corruptie en het afzweren van terrorisme als voorwaarden voor onafhankelijkheid. Ook dat mislukte. Hamas bleef vastbesloten Israël te vernietigen, en de Palestijnse Autoriteit miste zowel de wil als de legitimiteit om effectief te besturen. Een staat vereist werkende instellingen, controle over het grondgebied, veiligheidstroepen onder civiel gezag en leiders die bereid zijn moeilijke compromissen te sluiten. Momenteel bestaat geen van deze voorwaarden.

De Palestijnen zijn politiek en geografisch verdeeld. Hamas bestuurt Gaza met een meedogenloos autoritair regime. Het wordt terecht als terroristische organisatie aangemerkt door de EU, Canada, de Verenigde Staten en nog een reeks andere landen. Hamas wil geen tweestatenoplossing, maar een eenstaat-oplossing – zonder Joden.

Intussen is de Palestijnse Autoriteit, die formeel de Westelijke Jordaanoever bestuurt, zwak, corrupt en diep impopulair. Ze kan geen verkiezingen houden zonder het risico op een machtsovername door Hamas. Ze kan militanten niet ontwapenen. Ze slaagt er zelfs niet in de rechtsorde in haar eigen steden te handhaven. Bovendien vochten de twee facties bijna twintig jaar geleden een gewelddadige burgeroorlog uit. Ze zijn nog altijd niet verzoend. Het idee dat zij zich nu plotseling zouden kunnen verenigen in een stabiele regering die in staat is een nieuwe en kwetsbare staat te besturen, is pure fantasie.

Noodzaak tot compromis

Als Israël besluit tegemoet te komen aan de eisen van de westerse landen die Palestina nu erkennen, of daarover nadenken, zou dat volgens Starmer „het vooruitzicht op een tweestatenoplossing nieuw leven inblazen”. In werkelijkheid kan erkenning die juist begraven. Vervroegde erkenning haalt elke noodzaak tot compromis uit het proces. Het geeft Palestijnse leiders het signaal dat ze legitimiteit kunnen verkrijgen zonder Israëls bestaansrecht te erkennen, zonder militanten te ontwapenen en zonder het zware werk van staatsopbouw.

Het erkennen van een Palestijnse staat op dit moment zou geen diplomatieke doorbraak zijn. Het zou een terugtrekking zijn van de voorwaarden die essentieel zijn voor vrede: eenheid, hervorming en een duidelijke breuk met terreur. Het zendt ook een gevaarlijk signaal uit naar de rest van de wereld. Er zijn veel volkeren zonder eigen staat met nationale aspiraties, zoals de Koerden, Catalanen, Kasjmiri’s en anderen.

Als Hamas’ strategie van bloedbaden, gijzelingen en het uitlokken van een buitenproportionele militaire reactie leidt tot internationale erkenning, gaat daar de boodschap vanuit dat geweld loont. Dat terrorisme wordt beloond. Dat is geen boodschap die democratische samenlevingen zouden moeten ondersteunen.

Dit alles is geen ontkenning van de legitimiteit van Palestijnse nationale ambities. Maar die ambities worden niet gediend door het erkennen van een Palestijnse staat die verdeeld en instabiel is, en deels geregeerd wordt door een groepering die zich inzet voor gewapende jihad. Een staat moet worden verdiend, en zover zijn de Palestijnen nog niet. Als westerse regeringen echt geven om een toekomstige Palestijnse staat, moeten ze geduldig de lange weg ondersteunen van politieke hervorming, economische ontwikkeling en interne verzoening. Alles daarbuiten is theater, gevaarlijk theater bovendien.

Source: NRC

Previous

Next