Hoe zal het gaan in Alaska? Wordt het Trump mét Poetin of tégen Poetin? In tegenstelling tot onze Europese leiders ben ik allerminst gerust op de afloop.
Twee factoren zullen de doorslag geven, vermoed ik. De eerste: Trump mag Poetin graag, hij ziet hem als een gelijke, mogelijk zelfs als een voorbeeld. Een groot land met ijzeren vuist je wil opleggen, zonder concessies, dat bewondert Trump in Poetin – zoiets zou hij ook wel willen in Amerika. Bovendien delen Trump en Poetin een grondige afkeer van Zelensky; voor Trump een eigenwijze etter, voor Poetin een nare dwarsligger.
De tweede factor: Poetin is veel slimmer dan Trump, hij weet hoe hij diens ijdelheid kan gebruiken. Trump wil de Nobelprijs voor de Vrede? Poetin zal doen alsof hij hem die van harte gunt. „Maar eerst moeten we nog een paar dingetjes regelen, Don. De Krim, daar hoeven we het toch niet meer over te hebben, hoop ik?”
„Welnee, joh”, schokschoudert Trump, „hou jij die Krim maar, daar zitten jullie toch lekker?”
Die buit is binnen voor Poetin, nu de rest nog. Hij besluit het ingewikkelder te maken, zo ingewikkeld dat Trump het niet meer kan volgen. Hij strooit met de namen van landsdelen en provinciestadjes waar Trump amper van gehoord heeft. Trump weet dat de regio Donbas belangrijk is voor Zelensky, die loser, maar provincienamen als Donetsk en Loehansk zeggen hem weinig, en hij begint te huiveren als Poetin achteloos strooit met plaatsnamen als Pokrovsk, Kramatorsk, Tsjasiv Jar en Kostjantynivka.
„Kostjandinges?”, vraagt hij gekweld.
„Maakt niet uit”, smaalt Poetin, „zoek het thuis maar op. Wij zijn daar al ver gevorderd en daarom willen we dat hele gebied. Eerder komt er geen staakt-het-vuren, dat geef ik je op een brief.”
„Je moet mij ook wat gunnen”, zegt Trump klagerig. „Quid pro quo, toch?”
„Waar heb je dat geleerd?”, lacht Poetin, „toch niet op de golfbaan? Wat mij betreft: quid pro Nobelprijs.”
Zo gaat het nog een poosje door terwijl Trump zich steeds machtelozer begint te voelen tegenover een man die hem qua intelligentie en intuïtie volkomen de baas is.
„Maar dan moet je me wel beloven dat jullie onmiddellijk ophouden met al die bombardementen op burgerdoelen”, bedelt Trump nog zwakjes.
„Wij bombarderen doelen”, zegt Poetin, „of er ook burgers in zitten kunnen we niet zien, jij wél?”
Trump staat op en ijsbeert (Alaska!) door het vertrek. Hij kijkt even uit het raam. Alaska oogt nog killer en grimmiger dan hij had verwacht. In godsnaam, wat doet hij hier? Hij draait zich om naar Poetin. „Hoe gaan we dit aan de buitenwereld vertellen?”, vraagt hij.
„Dat is jouw zaak”, zegt Poetin. „En mijn zaak, natuurlijk. Jij vertelt dit, ik vertel dat. Het zal barsten van de tegenstrijdigheden, niemand kan er meer wijs uit. Zo hebben we het toch steeds gedaan? En intussen gaan wij onze goddelijke gang.”
„En die is….?”, vraagt Trump, bijna hulpeloos.
Poetin barst in lachen uit. „Dat zul je wel zien… en horen! Kom op, Don, het is mooi geweest. Ken jij nog lekkere wijven in Alaska? Vast wel!”
Source: NRC