Home

We zijn geen zwerm

Sommige dagen zijn er weinig mensen die je liever zou willen zijn dan jezelf en dat is niet om dat ik voortdurend dolgelukkig ben. Het is meer dat je de krant leest, een weekblad, naar reportages kijkt en huivert. Of naasten, familie, vrienden die – oh, van alles, je leeft mee, je leeft je in, maar niet te veel, niet te veel.

Je kunt je trouwens ook niet in iedereen of in alle situaties inleven. Hoe het moet zijn om in Gaza te leven – geen idee. Ja, woorden als ‘vreselijk’ en ‘afschuwelijk’ zeg je vol overtuiging en ik ben vaak bijna misselijk van afkeer en onmacht, maar dat is iets anders dan inleven. De situatie daar is zó anders dan alles wat je hier kent, de gevoelens moeten zich op zo’n ander niveau afspelen in wat werkelijk een heel andere wereld is, je zou niet weten hoe je je moest ‘inleven’.

Je moet het niet eens wensen. Wat ik wens is dat de situatie daar per on-mid-de-lijk verbetert en dat niemand meer praat over ‘meer onderzoek’ en zie, daar schiet je de woede en de verontwaardiging in en je zoekt een toeter en een protestbord; woede en verontwaardiging zijn zó veel beter te hanteren dan ontzetting.

Is inleven überhaupt mogelijk? Een beetje wel misschien. Het is sowieso wenselijk om je soms echt goed de situatie van een ander voor te stellen, al is het natuurlijk wel altijd jouw voorstelling van hun situatie. Ik realiseerde me dat ik me vooral inleef in de wanhoop die mensen in allerlei situaties moeten voelen. Ik las bijvoorbeeld in De Groene over mensen in te krappe sociale woningen in Amsterdam-West, met schimmel op de muren, mensen die jarenlang in onzekerheid worden gehouden over of en wanneer zo’n woning gerenoveerd wordt. En als dat dan gebeurt, dan moeten ze zelf maar vervangende woonruimte vinden, en de woning is na afloop nog kleiner vanwege de isolatie aan de binnenkant. Daar staat tegenover dat-ie wel duurder is geworden. Van zo’n situatie kan ik me een voorstelling maken, de kleine kamertjes, de moeizame contacten met de woningbouwvereniging die, dat is overheidsbeleid, eigenlijk ook weinig mogelijkheden heeft om het anders te doen.

Woonachtig in het Groningse aardbevingsgebied, kan ik me ook érg goed inleven in het frustrerende van al die onzekerheid en dat wachten; het grote verschil is dan wel dat Groningen de aandacht heeft, dat er compensaties en regelingen zijn, ook al pakken die niet allemaal zo goed uit. Maar die mensen in Amsterdam-West worden gewoon vergeten.

Je leeft je veel minder vaak in andermans vreugde in. Hoewel – ik deed een dichtbundel open, Hazenklop van Hanneke van Eijken en daar zag ik ah! heerlijk! meteen een citaat van de Amerikaanse dichter Mary Oliver die wel een spreeuw zou willen zijn: ‘improbable beautiful and afraid of nothing’. Van Eijken gaat in het eerste gedicht van de bundel door op dat verlangen, ze heeft het over ‘het dier in ons’ en koestert ‘de wens om een zwerm te zijn’. Wat een fijne bundel is het, licht van toon, niet te expliciet, niet te duister, een bundel waarin dingen aangeraakt worden, ruimtes opgespannen waarin je even kunt toeven en dan heb je andere mogelijkheden van denken en zien en zijn.

En soms van vreugde om het bestaan, gek is dat, dat je daar toegang toe houdt, hoeveel rottigheid er ook in de wereld is. Je loopt in gedachten andere levens in en uit. Soms begrijp je door inleving dat je iets moet doen, soms kun je ook daadwerkelijk iets voor iemand betekenen. Dat is het wel zo’n beetje. We zijn geen zwerm.

Source: NRC

Previous

Next