Home

Het enige dat moeilijker is dan mij zijn, zo denk ik soms, is mét mij zijn

Vorige zomer schreef ik dat ik spaarde voor een verlovingsring. Het aanzoek volgde op 21 december, de dag met de minste lichturen. Ze zei ‘ja!’, en er was licht.

Volgend jaar wisselen we onze jawoorden uit, vlak voor de dag met de meeste lichturen, alsof de machtigste stralen van de zon ons verbond bezegelen. Maar eerst moet ik nog stevig ‘ja’ antwoorden op een vraag aan de duisternis in mijzelf: ben ik wel geschikt voor het huwelijk?

Natuurlijk had ik al goed nagedacht voordat ik op één knie ging. Maar bij Levensvragen markeert een antwoord zelden het einde van je denken. Deze vakantieloze zomer kijk ik bovendien geregeld bij mijn ouders naar het Ghanese programma Oyerepa Afutuo – ‘oyerepa’ betekent ‘goede echtgenote’, en ‘afutuo’ ‘raadgeving’ – waarin vrouwen vaak om hulp vragen omdat hun man verzaakt een goede echtgenoot te zijn.

Het risico dat ík straks faal is niet gering. Want als Jezus de vleeswording van het Goede was, dan ben ik die van de Wankelheid. Ik leun op externe bevestiging zoals onze uitgeholde overheid leunt op dure adviesbureaus. Emoties overweldigen me vaak, negatieve emoties altijd.

En mijn ziel? Een bodemloze bron van wantrouwen jegens de toekomst en de meeste levende dingen. Het enige dat moeilijker is dan mij zijn, zo denk ik soms, is mét mij zijn. Daarom lees ik Beladen huis van Christien Brinkgreve. De emeritus-hoogleraar sociologie onderzoekt in die memoires hoe en waarom zij, ondanks haar feministische overtuigingen, in haar zwaardrukkende huwelijk bleef. Met liefde, zelfkritiek en een oog voor ‘patriarchale ongelijkwaardigheden’ legt ze de puzzelstukjes van haar overleden echtgenoot aaneen.

Zelden heb ik me zó herkend in een andere man: in zijn pessimisme, zijn onvermogen het leven aan te kunnen en zijn onvervulbare verlangen naar totale toewijding van haar aan hem.

‘Moet ik wel met jou trouwen?’, vraagt mijn verloofde als ik haar bellend passages voorlees (ze is op vakantie met vriendinnen, vertrok toevallig vóór mijn eerste zomercolumn en komt vanavond thuis, vlak na de laatste). Toch lees ik door, in de hoop dat we hier wat aan hebben, wegkijken doet sowieso meer kwaad. En wanneer ik lees over de zware stiltes in Brinkgreves huwelijk klinkt er plotseling vastberadenheid aan de andere kant van de lijn: ‘Gelukkig gaan wij nóóit ophouden met praten. Ook niet nadat de dood ons heeft gescheiden.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next