Veertien belangenorganisaties van Nederlandse moslims hebben maandag aangifte gedaan tegen PVV-leider Geert Wilders. Ze beschuldigen hem onder meer van opruiing, groepsbelediging en aanzetten tot haat, discriminatie of geweld. ‘Zowel de tolerantiegrens van moslims als de strafrechtelijke grens zijn rijkelijk overschreden.’
is verslaggever van de Volkskrant en schrijft over asiel, migratie en de multiculturele samenleving.
De aangifte komt voort uit een afbeelding die Wilders begin vorige week op X plaatste. Het gaat om een afbeelding van een in tweeën gedeeld gezicht. De rechterkant van het gezicht is van een jonge, blonde vrouw met een vriendelijke uitstraling en blauwe ogen. De linkerkant is een gerimpelde vrouw met een hoofddoek en kwaadaardige blik. Onder de blonde vrouw staat PVV, onder de moslimvrouw PvdA. ‘Aan u de keuze op 29/10’, schreef Wilders, verwijzend naar de datum voor de Tweede Kamerverkiezingen.
De afbeelding vertoont gelijkenis met met nazipropaganda uit de jaren dertig, toen met soortgelijke beeldtaal communisten aan Joden werden gelinkt. Het landelijk meldpunt discriminatie.nl had afgelopen vrijdag al een recordaantal van negenduizend meldingen binnengekregen over de afbeelding. Veel melders noemden de ‘zorgwekkende gelijkenis’ met antisemitische beeldtaal.
Advocaten Adem Çatbaş en Haroon Raza hebben de aangifte ingediend namens negen samenwerkende regionale moskeekoepels (K9), mensenrechtenorganisatie Muslim Rights Watch, meldpunt Meld Islamofobie, Federatie Islamitische Organisaties, collectief Jonge Moslims en vrouwencollectief S.P.E.A.K. Tezamen vertegenwoordigen ze naar eigen zeggen ‘het leeuwendeel van de Nederlandse moslims’.
In de aangifte benadrukken ze dat de afbeelding moet worden gezien in de bredere context van toenemende moslimhaat in Nederland. ‘Deze context van wijdverspreide en genormaliseerde islamofobie maakt dat uitlatingen (op sociale media) zoals die van Geert Wilders niet op zichzelf staan, maar bijdragen aan het versterken van haat en vijandigheid richting een reeds gemarginaliseerde groep’, schrijven ze.
De aangevende partijen brengen de visuele technieken van de nazi’s in herinnering. ‘Joden werden afgebeeld als sluw, geldzuchtig en seksueel verdorven; als lichamelijk misvormd, met overdreven trekken zoals grote neuzen, kromme ruggen, uitgevallen gezichten, donkere ogen en baard; en bovenal als een directe bedreiging voor het Arische ras, de Duitse jeugd en de maatschappelijke orde.’ Daarbij halen ze genocidedeskundige Gregor Stanton aan, die deze vorm van visuele ontmenselijking definieert als ‘beslissende fase in het normaliseren van collectieve uitsluiting of geweld’.
Volgens de organisaties van Nederlandse moslims volgt Wilders dezelfde logica. In de aangifte benoemen ze ook eerdere uitingen van de radicaal-rechtse politicus waarin hij moslims als bedreiging en als ‘vijanden van de échte Nederlanders’ neerzet.
‘Het hagelt al lange tijd islamofobie in de Nederlandse samenleving’, zo staat te lezen in de aangifte. ‘Het tolerantieniveau van Nederlandse moslims is als gevolg daarvan ongekend hoog, maar niet onbeperkt. Wanneer moslims worden belasterd op een wijze die associaties oproept met gruwelijkheden die tijdens de Tweede Wereldoorlog met een beroep op antisemitisch gedachtegoed zijn verricht, is de tolerantiegrens van moslims en ook de strafrechtelijke grens rijkelijk overschreden.’
Mocht het Openbaar Ministerie Wilders gaan vervolgen, dan zou dat niet voor het eerst zijn. In september 2020 besliste het gerechtshof in Den Haag dat de PVV-leider zich schuldig had gemaakt aan groepsbelediging. Op de verkiezingsavond van 19 maart 2014 vroeg Wilders tijdens een partijbijeenkomst aan het aanwezige publiek of zij meer of minder Marokkanen wilden. Het publiek riep vervolgens ‘minder, minder’, waarop Wilders antwoordde: ‘Nou, dan gaan we dat regelen.’ Volgens het hof waren deze uitspraken, zelfs in de context van een politiek debat, onnodig beledigend.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant