Drie huisartsen in Enschede buffelen door na hun pensioen, omdat ze geen opvolger hebben. Met hun gezamenlijke praktijk proberen ze jonge artsen aan te trekken, maar werkdruk en kortere diensttijden maken het lastig. ‘Je moet rekenen op zes dokters om het werk van ons drieën over te nemen.’
Op de witgesausde wanden van huisartsenpraktijk Carèns staan in zwarte sjablonen de karakteristieke gebouwen die het Enschedese straatbeeld bepalen. Van de Alphatoren tot de Grote Kerk, met daartussen de drie oude praktijkpanden van huisartsen Ton Davids (68), Peter Kroeze (68) en Rob Vrenken (69). Tot afgelopen maand werkten ze verspreid over de stad, nu onder één dak. ‘En toch zijn we op zoek naar de uitgang.’
Ze blijven ook na hun pensioen doorbuffelen, omdat er geen jonge artsen klaarstaan om hun praktijk met 7.400 patiënten over te nemen. ‘Het alternatief was om een bord neer te zetten met ‘Red oe d’r met’ (bekijk het maar, red.), zoals dat op zijn Twents heet’, zegt Ton Davids. ‘Maar we kunnen ze niet in de steek laten. Daarom hebben we een plannetje gemaakt om iets nieuws te bouwen en jonge dokters te verleiden.’
Als bestuurslid bij de Twentse Huisartsen Onderneming Oost-Nederland bracht Vrenken de wensen van artsen in opleiding in kaart: jonge dokters willen graag samenwerken in een team met ervaren collega’s, gespecialiseerde verpleegkundigen, praktijkondersteuners en doktersassistenten. ‘Dat paste alleen niet meer bij mij in de praktijk, en dan komen jonge collega’s niet meer bij je werken’, zegt Davids.
Daarom hebben de drie huisartsen ieder hun praktijk met twee spreekkamers ingeruild voor een nieuw verbouwd pand. Met zeventien werkruimtes biedt het onderdak aan praktijkondersteuners voor geestelijke gezondheidszorg, physician assistants (huisartsondersteuners die ook medische handelingen verrichten) en verpleegkundigen die ouderen ontzorgen.
Dat extra personeel is nodig ook, nu de huisarts een steeds belangrijkere rol krijgt in het zorgstelsel. Davids en Vrenken merken dat hun praktijk overuren draait vanwege oplopende wachttijden bij de ggz en jeugdzorg. Intussen raakt de thuiszorg voor ouderen overbelast.
Bovendien worden patiënten eerder uit het ziekenhuis ontslagen en verschuiven taken die voorheen elders werden uitgevoerd (zoals diabeteszorg en hartfilmpjes) vaak naar de huisarts. ‘Soms vraag ik een specialist om mee te kijken, omdat je je als huisarts moet buigen over dingen waarvoor je helemaal niet hebt doorgeleerd’, zegt Davids.
Het is alleen niet gemakkelijk om nieuw personeel te vinden. Landelijk is er een tekort van 44 duizend zorgprofessionals. ‘Hoewel het Capaciteitsorgaan het ministerie van VWS adviseert om jaarlijks ongeveer 1.200 huisartsen op te leiden, blijft het aantal jonge dokters dat zich tot huisarts specialiseert stabiel rond 750 per jaar’, aldus Matthijs Limpens, hoofd huisartsopleiding Maastricht en Eindhoven.
Niet alleen komen er meer taken op het bordje van de huisarts, ook hebben jonge artsen een voorkeur voor kortere werkweken, merkt Limpens onder zijn studenten. ‘Ze zijn enthousiast en gemotiveerd, maar zeggen vooral in de beginfase ‘reëel’ te willen werken: als je drie dagen per week een huisartsenpraktijk runt, werk je al gauw 38 uur.’
Een huisarts die voltijd werkt, komt eerder op 60 uur uit, zegt Vrenken. ‘Als wij na 38 uur het licht zouden uitdoen, dan blijven er rijen patiënten in de wachtkamer zitten.’
De huisartsen in Enschede vergelijken zich gekscherend met ‘die oude mannetjes van de Muppets’ – Statler en Waldorf, die vanaf het theaterbalkon ongezouten kritiek leveren. ‘Bij ons was voltijd huisarts zijn onderdeel van je leven, dat deed je gewoon’, zegt Vrenken. ‘Als dokter aan huis deed je ’s ochtends nog voordat je een bakje koffie kon zetten de jaloezie omlaag en je ochtendjas aan, omdat de eerste patiënten er al waren.’
Toch hebben ze begrip voor beginnende artsen. ‘We moeten ook inzien dat jonge dokters in deeltijd willen werken om er ook nog voor hun kind te kunnen zijn’, zegt Davids. ‘Als ik nu zou afstuderen, zou ik die keuze waarschijnlijk ook maken.’
Achter zijn bureau pent Davids nog wat aantekeningen neer in een medisch dossier van een patiënt. Een praktijk draait echter niet alleen om patiëntenzorg. Volgens Nivel, kennisorganisatie voor de gezondheidszorg, werken huisartsen gemiddeld vier uur per week meer dan in 2018 vanwege niet-patiëntgebonden taken als personeelszaken, boekhouding, ICT en contact met zorgverzekeraars.
Dat schrikt jonge artsen af, blijkt uit een enquête van Lovah, de vereniging van huisartsen in opleiding. Van hun leden spreekt 83 procent de ambitie uit om binnen tien jaar na afstuderen een eigen praktijk te leiden. Een gebrek aan ondersteuning bij administratieve rompslomp vormt alleen een struikelblok.
Carèns springt hierop in door te opereren als stichting. Dat maakt het mogelijk om in loondienst te werken, met flexibele uren en een praktijkmanager die huisartsen de zakelijke taken uit handen neemt. ‘Zo houden jonge dokters energie over om gewoon te kunnen dokteren’, zegt Vrenken.
Bovendien kunnen jonge artsen in het stichtingsmodel toetreden tot het bestuur, als ze inspraak willen hebben in hun werkzaamheden in de huisartsenzorg. ‘Als je toekomstbepalend wil zijn, is mijn plekje vacant.’
Sinds Carèns zijn deuren opende, heeft een aantal jonge artsen interesse getoond. ‘Later dit jaar komen twee jonge artsen bij ons aan de praktijk ruiken’, zegt Davids. Dat is alleen niet afdoende, vanwege de toenemende druk en kortere diensttijden. ‘Voordat wij drieën met pensioen gaan, moet je toch rekenen op zes dokters om hetzelfde werk over te nemen.’
Of de huisartsen helemaal stoppen, weten ze nog niet. Davids buigt zich over een patiënt wier hechtingen vandaag uit haar hand worden verwijderd. ‘Het mooie aan ons vak is dat het heel intiem is’, zegt hij.
Collega Vrenken pakt het draadje, trekt zachtjes aan het knoopje dat omhoog komt, zet een mesje er tegenaan en snijdt. ‘Je bent welkom bij leven en dood, en alles wat daartussen zit. Dat is toch wel rijkdom, hoor.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant