Home

Buurman

Mijn buurman leeft meer buiten dan binnen. Vaak is hij voor zijn huis te vinden, zeemt hij de ramen, geeft hij de planten water of flaneert hij simpelweg over de stoep. Soms zet hij daar een tafel neer en drinkt hij wijn in de zon met zijn vrienden. De straathoek van zijn benedenwoning heeft hij zich met een geveltuin toege-eigend. Zijn voordeur staat bij goed weer vaak open, de lamellen op een kier. Zijn was hangt hij buiten. Hij leeft, zo gezegd, nogal in het zicht.

Vanaf mijn Franse balkon op de derde verdieping kijk ik zo zijn woonkamer in. Hij is, denk ik, halverwege de dertig en expat. Gesprekken die ik op straat opvang, voert hij in het Engels met een Amerikaans accent. Hij lijkt bijna altijd thuis te zijn. Als ik er ben, is hij er ook. Iedereen die langsloopt, lijkt hem te kennen en zegt ‘Hello’. Ik doe het ook.

Zijn naam weet ik niet. Maar ik weet precies hóe hij leeft. Soms ben ik bang dat ik een gluurder ben. Maar mijn lief, met wie ik niet eens samenwoon, blijkt net zo op de hoogte van de gedragingen van deze man als ik. Als hij zijn fiets voor zijn deur parkeert, steekt hij soms automatisch zijn hand op om hem te groeten, vertelt hij me. „Ik weet dan bijna zeker dat hij er is.”

Omdat hij zo veel thuis is, denk ik dat hij als zelfstandige werkt. Hij heeft een dure macbook dus hij zal wel grafisch vormgever of zoiets zijn. Hij houdt van natuurwijn; op de vensterbank heeft hij een selectie flessen met opvallende etiketten gestald. Hij leest boeken over tantra-yoga en brutalistische architectuur. In de winter zie ik hem vaak met een zwarte Berlin-techno-muts. In de zomer draagt hij een korte mouwen-shirt met de tekst Don’t talk to me, I’m stoned.

Ik woon nu ruim drie jaar in dit appartement dicht bij het centrum van Amsterdam. Een paar maanden nadat ik hier introk zag ik hem voor het eerst een vrouw zoenen – uiteraard op straat. Ze bleef ’s avonds aanbellen en ’s ochtends na een kus vertrekken, tot ze steeds vaker kwam en er uiteindelijk verhuisdozen met haar spullen in de woonkamer stonden.

Kort na haar verhuizing kom ik zijn vriendin tegen bij mijn Barre-sportles om de hoek. De vriendelijke Hello die de buurman en ik uitwisselen voor zijn deur verandert daarna in Hi met een nog uitbundigere lach. Dan, weer een paar maanden later, zie ik haar bij de Turkse groenteboer. Haar buik is rond, ik schat zo’n twintig weken.

Ik realiseer me dat ik het leven van deze buren beter ken dan dat van mijn vrienden. Bij mijn vrienden kom ik wel thuis, maar hoe ze het leven echt leven, van dag tot dag, weet ik eigenlijk niet. Van mijn vrienden ken ik hun angsten en hun geluk maar ik zal hun dagelijkse beslommeringen nooit van zo dichtbij zien. Van deze twee voel ik me soms bijna onderdeel van hun dagelijks leven.

Nu zijn ze met z’n drieën. De voordeur staat nog steeds vaak open, maar dan met een hoge houten plank voor de uitgang.

Sezen Moeliker vervangt Frits Abrahams.

Source: NRC

Previous

Next