Home

Van huisvrouw tot meesterspion: Stella Rimington was het gezicht van de Britse geheime dienst

De maandag op 90-jarige leeftijd overleden Stella Rimington schreef geschiedenis als eerste vrouw die aan de leiding stond van de Britse geheime dienst. Ze vormde een inspiratiebron voor Judi Dench in haar rol als M in de James Bond-films.

is correspondent Groot-Brittannië van de Volkskrant.

Begin jaren negentig kwam er een einde aan de geheimzinnigheid rond de Britse geheime dienst. In het kader van meer bestuurlijke openheid maakte toenmalige premier John Major bekend dat Stella Rimington de leiding had over MI5, de binnenlandse veiligheidsdienst. Dat er voor het eerst een vrouw aan het hoofd stond van dit mannenbolwerk, was een goede reclame voor Majors regering, waarin vrouwen een bijrol speelden. Voorheen riskeerden journalisten een gevangenisstraf als ze de identiteit van de spionnenbaas onthulden.

Rimington had gemengde gevoelens over deze nieuwe openheid. De vrouw die jarenlang in de schaduw had geopereerd, stond opeens in het midden van de belangstelling. Nadat The Sunday Times had ontdekt waar ze woonde met haar jongste dochter en hond Stanley, werd haar woning belaagd door de media. Met name de tabloids wilden van alles weten over deze alleenstaande moeder. Uiteindelijk moest ‘the housewife superspy’ verhuizen naar een geheim adres, zeker gezien de dreiging van de IRA destijd, het verboden Ierse Republikeinse leger.

Om tegemoet te komen aan de nieuwsgierigheid besloot ze meer te vertellen over het werk van de geheime dienst. In 1993 verscheen ze voor de televisiecamera’s voor de presentatie van een 36 pagina’s tellende brochure, die de Britten voor 7,50 pond konden aanschaffen, waarin werd omschreven hoe de tweeduizend medewerkers van de dienst onder leiding van ‘Mrs. R.’ zorgdragen voor de veiligheid van de natie. Via een postbusnummer konden burgers zelfs in contact komen met de in 1909 opgerichte dienst.

Spioneren voor de Russen

In de vier jaar waarin ze de leiding had, verlegde ze de koers van de dienst. Na het einde van de Koude Oorlog kwam het gevaar niet langer uit het oosten. De nieuwe nadruk lag op het bestrijden van terrorisme, drugshandel en internationale misdaad. Het was een definitieve breuk met de tijd van de geheime dienst die het imago bezat van een herenclub met veel alumni van Oxford en Cambridge. Laatstgenoemde universiteit had onder meer de vier leden van ’s lands elite geleverd die spioneerden voor de Russen en bekend kwamen te staan als de Cambridge Four.

De achtergrond van Rimington, op 13 mei 1935 in Zuid-Londen geboren als Stella Whitehouse, was bescheiden. Een groot deel van de Tweede Wereldoorlog bracht ze door in het Noord-Engelse stadje Barrow-in-Furness, waar haar vader als ingenieur werkte. Aan de Duitse bombardementen op deze havenstad aan de Ierse Zee hield ze een levenslange vrees voor gesloten ruimten over. Altijd hield ze een spiedend oog op de dichtstbijzijnde uitgang. Tegelijkertijd slaagde ze erin haar emoties goed te verbergen. Deze stiff upper lip kwam haar goed van pas in haar loopbaan.

Rimington slaagde er niet in een plek te veroveren aan Cambridge, waarna ze in Edinburgh Engelse taal- en letterkunde ging studeren. In de Schotse hoofdstad kwam ze haar latere echtgenoot John Rimington weer tegen, een jongeman die ze tijdens haar schooltijd in Nottingham al had leren kennen. Het weerzien bepaalde haar levensloop. Aanvankelijk werkte Rimington als archivaris, maar dat veranderde toen haar man een hoge post kreeg op het Britse consulaat in India. Na twee jaar kreeg ze in New Delhi het aanbod om te werken als assistent van een hoge diplomaat, die voor MI5 bleek te werken.

Een vaste betrekking

Terug in Londen solliciteerde ze met succes naar een vaste betrekking bij de spionnendienst. Door de jaren heen werkte ze op de afdelingen die verantwoordelijk waren voor het bestrijden van spionage, terrorisme en ondermijnende activiteiten. Achter de schermen speelde ze een rol bij het tegengaan van communistische inmenging binnen de ambtenarij en bij de mijnwerkersstakingen van 1984/85. De strijd tegen het terrorisme van de IRA en uit de Arabische wereld maakte ook deel uit van haar werk. Na haar tijd als directeur-generaal, tussen 1992 en 1996, kreeg ze een ridderorde (de Orde van het Bad) en schreef ze met Open Secret haar memoires.

Dat laatste zorgde voor opschudding, maar nergens in het boek bracht ze de staatsveiligheid in gevaar. Het schrijven van haar biografie smaakte naar meer: tien thrillers volgden, waarin ze haar ervaringen verwerkt in het personage Liz Carlyle.

Het succes van de ‘huisvrouw’ in de spionagewereld kwam met een schaduwzijde. In de jaren tachtig gingen zij en haar man uit elkaar, maar ze zouden nooit scheiden. De pandemie bracht de echtelieden weer bijeen. ‘Het is een goed recept voor een huwelijk’, beweerde ze tijdens een interview, ‘ga uit elkaar, leef gescheiden en kom later weer bij elkaar terug.’

3x Stella Rimington

Rimington baande de weg voor Blaise Metreweli, die vanaf oktober als eerste vrouw MI6 gaat leiden, de buitenlandse inlichtingendienst.

Ze heeft zich in het verleden uitgesproken tegen de introductie van een identiteitsbewijs, een idee dat tijdens het premierschap van Tony Blair werd gelanceerd.

Ze had een ongemakkelijke verhouding met literatuurcritici, omdat zij leesbaarheid belangrijker vond dan literaire kwaliteiten. Tijdens een toespraak bij een boekenprijsceremonie vergeleek ze de critici met de KGB.

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next